BROUWHULP '26 Handleiding
Versie 4.83 · Door Leonard Hamers · Bossche Brouwers
Installatie
BROUWHULP '26 is een enkel HTML-bestand — geen installatie nodig. Download het bestand en open het in je browser.
Installeren als app (aanbevolen)
Je kunt BROUWHULP '26 als een echte app installeren op je telefoon of laptop:
- Android (Chrome): Open de app in Chrome → menu (⋮) → "Toevoegen aan startscherm"
- iPhone (Safari): Open de app in Safari → deel-icoon → "Zet op beginscherm"
- Windows/Mac (Chrome): Klik het installatie-icoon in de adresbalk
Eerste recept maken
Ga naar de tab Mijn Recepten en klik op + Nieuw recept. De recepteditor opent zich met standaardinstellingen die je direct kunt aanpassen.
- Geef je recept een naam en kies een bierstijl
- Stel het batchvolume en rendement in (standaard 20L / 75%)
- Voeg mout toe via de + Toevoegen knop in de moutsectie
- Voeg hop toe met tijdstip en gebruik
- Selecteer een gist uit de database
- Sla op met 💾 Recept Opslaan
Brouwdag
Wanneer je gaat brouwen, zet je het recept om naar een brouwsel via de knop 🍺 Aanmaken als Brouwsel. Je wordt automatisch doorgestuurd naar het logboek. Andersom kan ook: maak een leeg brouwsel aan en koppel er ter plekke een recept aan via 📋 Recept koppelen — zonder van tabblad te wisselen. Via 🔁 Ander recept koppelen wissel je later van recept.
In het logboek vind je:
- Het volledige recept naast je brouwtools: moutstort (met aandeel en EBC), hoptoevoegingen, overige ingrediënten en gist
- Maischstap-timers gekoppeld aan je receptschema (of het standaardschema)
- Timers voor maisch, kook en stopwatch, met alarm bij elke hopgift
- SG-metingen per fase met temperatuurcorrectie
- Gistingsvoortgang en carbonisatieberekening
- Notities en proefnotities
Waar je op mikt
Onder het vergistingsschema staat de kaart 🎯 Waar je op mikt: de getallen die je op de brouwdag na elkaar afvinkt, zodat je er het recept niet voor open hoeft te doen. Hij staat vlak boven je maischstappen, want daar leg je ze naast elkaar.
| Stortwater | Hoe warm het water moet zijn dat je op de mout giet |
| Maischwater | Wat er in het maischvat gaat |
| Spoelwater | Wat je erdoorheen spoelt |
| Totaal water | Wat je in totaal moet aanmaken, inclusief verliezen |
| Volume voor koken | Wat er in de ketel staat als je gaat koken |
| SG voor koken | Wat je meet in de volle ketel, vóór de kook |
Alle zes komen uit de brouwselkopie en niet uit het recept. Zet je op de brouwdag om naar een andere installatie of pas je de moutstort aan, dan lopen ze mee.
Het SG voor koken is je vroegste controle op je rendement. Meet je lager dan hier staat, dan heeft je maisch minder opgeleverd dan het recept aanneemt en wordt je OG ook lager; meet je hoger, dan andersom. Je weet dat dus al vóórdat je begint te koken, en niet pas als de gist erin gaat.
Hoe warm moet je stortwater zijn?
Water dat je op koude mout giet koelt af. Hoeveel hangt af van drie dingen: hoeveel mout er ligt, hoe koud die is, en hoeveel water erop gaat. De app rekent het uit met de warmtebalans tussen die massa's — mout neemt per kilo ruim tweeënhalf keer minder warmte op dan water — en telt daar de warmte bij die in een koud vat verdwijnt.
De temperatuur van je mout vul je één keer in bij Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie → Temperatuur mout en vat. Het staat bij de installatie en niet bij het recept, want het hangt af van waar je je mout bewaart: een garage in januari is iets anders dan een keukenkast. Vul je niets in, dan rekent de app met 20 °C. Vriest het in je schuur, vul dan gerust een temperatuur onder nul in — dat is geen tikfout maar de reden dat je stortwater warmer moet.
Of het vat meetelt leidt de app af uit de keuzelijst onder Dode ruimte maischvat. Staat die op blijft achter, dan is het een koelbox of een losse kuip: die staat koud en trekt warmte uit je stortwater. Staat hij op komt mee in de ketel, dan is het één vat met een pomp en een element, en dat staat al op temperatuur.
De gisting volgen en bijsturen
Het vergistingsschema in het logboek is aanpasbaar, net als je moutstort en je hop. Per stap wijzig je de naam, de temperatuur, een eventuele eindtemperatuur en het aantal dagen; met + Stap toevoegen zet je er een fase bij en met ✕ haal je er een weg. De datums ernaast schuiven meteen mee, dus je ziet direct wanneer de volgende stap aan de beurt is.
Een nieuwe stap begint op de temperatuur waar de vorige eindigde. Dat is bijna altijd wat je bedoelt als je halverwege een fase toevoegt.
De kooktimer waarschuwt bij elke hopgift
Koppel je een recept aan je brouwdag, dan leest de kooktimer het hopschema mee. Bij elke gift met gebruik Koken gaat hetzelfde alarm af als bij een maischstap: geluid dat zich herhaalt tot je bevestigt, een trilsignaal op Android en een browsermelding. Onder de klok staat bovendien welke gift er als volgende komt en over hoeveel tijd, zodat je hem alvast kunt afwegen.
De tijden zijn resterende kooktijd, zoals brouwers ze noteren. Een hop op 60 minuten gaat er bij een kook van 60 minuten dus meteen in, en bij een kook van 90 minuten pas na een half uur. Staat er een gift op meer minuten dan je kooktijd, dan meldt de app hem bij de start — later kan niet meer.
Alleen giften met gebruik Koken krijgen een eigen alarm. Eerste wort zit er al in voordat de timer loopt, whirlpool en dry-hop komen erna, en hopextract gaat pas na de gisting in het bier. Hop op 0 minuten krijgt geen apart signaal maar wordt genoemd in het eindalarm — twee alarmen op hetzelfde moment is geen alarm meer maar lawaai.
Overige ingrediënten doen mee. Bij elk overig ingrediënt met moment Koken vul je bij Tijd de resterende kooktijd in minuten in, precies zoals bij hop. Sinaasappelschil, koriander en Ierse mos krijgen daarmee hun eigen alarm. Dat luistert nauw: koriander en schil geven hun aroma af aan de stoom, dus tien minuten te vroeg is de helft van je aroma kwijt.
Je eigen batchnummers
Het nummer linksboven in het logboek is vrij in te vullen. Werk je met een eigen reeks als GB202, KB22 of 2026-014, typ die dan gewoon in; letters, streepjes en voorloopnullen mogen allemaal.
De app telt zelf door op het laatste cijferblok en laat de rest staan: na GB202 komt GB203, na 2026-014 komt 2026-015, en GB007 wordt GB008. Wissel je van reeks door het laatst aangemaakte brouwsel op KB22 te zetten, dan krijgt het volgende brouwsel KB23. Je hoeft het voorvoegsel dus maar één keer per reeks te typen.
Maak je een nieuw brouwsel aan, dan staat het eerstvolgende nummer al als voorstel in het naamveld. Druk je meteen op OK, dan heet het brouwsel GB203 én draagt het dat nummer. Typ je liever een echte naam, bijvoorbeeld Tripel proefbrouw, dan krijgt het brouwsel die naam en houdt het GB203 als nummer.
Onder Instellingen → Volgend brouwnummer stel je in wat het eerstvolgende brouwsel krijgt, bijvoorbeeld als je overstapt vanuit een ander programma en verder wilt tellen. In het overzicht wordt op batchnummer gesorteerd in natuurlijke volgorde, dus GB9 staat vóór GB99 en niet erachter.
Brouwdag-aanpassingen — zonder het recept te wijzigen
Het brouwsel werkt altijd op een kopie van het recept. Alles wat je in het logboek aanpast geldt alléén voor die brouwdag: hoeveelheden wijzigen, ingrediënten toevoegen (+ Voeg toe) of verwijderen (✕), en zelfs de gist wisselen — de attenuatie van de nieuwe gist wordt automatisch overgenomen. OG, FG, ABV, IBU en EBC worden live herberekend. Het originele recept in je bibliotheek blijft altijd ongewijzigd. Handig wanneer een grondstof niet voorradig is of een hoplot een ander alfazuurpercentage heeft.
Het batchvolume aanpassen — met of zonder schalen
Verander je het batchvolume, dan verandert alléén het volume. Je moutstort, je hopgiften en je gist blijven staan zoals ze zijn. Je ziet dus meteen wat er met je bier gebeurt: dezelfde mout in minder liters geeft een hogere stamwort en meer bitterheid. Dat is precies wat je wilt weten als je 18 liter uit de ketel haalde waar je 20 verwachtte.
Wat wél opnieuw wordt uitgerekend zijn het kookvolume en je maisch- en spoelwater. Dat is geen schaling maar een afgeleide: die volgen uit je moutstort en je installatieprofiel, en zouden bij het nieuwe volume anders niet meer kloppen.
Wil je het recept wél omrekenen naar een andere batchgrootte, gebruik dan de knop ⚖️ Schaal naast het volumeveld. Daar zie je eerst de factor en een voorbeeld, en pas na Pas toe worden de hoeveelheden aangepast. Na een volumewijziging verschijnt er een regel met die knop erbij, zodat je hem niet hoeft te zoeken.
Het brouwseloverzicht
Op het tabblad Overzicht staat een grafiek van je laatste twintig brouwsels. Met de keuzelijst Toon kies je wat je erin ziet: alcohol, bitterheid, kleur, stamwort, eindgewicht of je gemeten rendement. Zo zie je in één oogopslag of je bieren bitterder worden of je rendement stijgt — iets wat de tabel eronder niet laat zien.
Bij stamwort en eindgewicht begint de as bij 1.000 in plaats van bij nul. Anders zouden 1.040 en 1.080 op de schaal nauwelijks van elkaar verschillen. Een brouwsel waarvoor je die waarde niet hebt ingevuld krijgt geen staaf; een staafje van niets zou een meting suggereren die er niet is.
Klik op een rij in de tabel eronder om het brouwdaglogboek van dat brouwsel te openen. Dat werkt ook met de tabtoets en Enter.
Mout & Granen
De moutsectie bevat een database van meer dan 80 mouten en granen, ingedeeld in categorieën:
| Categorie | Voorbeelden | Max. aandeel |
|---|---|---|
| Basismout | Pilsner, Pale Ale, München | 100% |
| Karamel/Crystal | Crystal 40L, Caramunich | 25% |
| Geroosterd | Chocolade, Black Patent | 15% |
| Ongemout graan | Haver, Tarwe, Rogge | 40% |
| Suiker/Extract | Kandijsuiker, DME | 20% (info) |
Suiker of honing pas tijdens de gisting toevoegen
In de moutlijst staat een kolom Toevoegen met vier momenten. Ze staan op volgorde van de brouwdag, en ze bepalen in welke berekening het ingrediënt meetelt:
| Moment | Maischwater | SG vóór koken | Begin SG (OG) | Alcohol |
|---|---|---|---|---|
| Maisch | ja | ja | ja | ja |
| Ketel | nee | nee | ja | ja |
| Gisting | nee | nee | nee | ja |
| Bottelen | nee | nee | nee | ja |
Maisch is de standaard en het gewone geval: graan en alles wat je bij het maischen meedoet. Ketel is voor suiker of extract dat je pas in de kookketel gooit — dat zie je terug in je begin-SG maar níét in het SG dat je vóór het koken meet, want dan zit het er nog niet in. Zet je hem op Gisting, dan verschijnt er een dagveld — standaard dag 3. Dat is de gebruikelijke keuze: de hoofdgisting is dan over haar hoogtepunt en de gist pakt de nieuwe suiker rustig op in plaats van er in één klap doorheen te razen. Bottelen is voor bottelsuiker en heeft geen dag.
Dit is waarvoor je het gebruikt: honing in een tripel, kandijsuiker in een quadrupel, of gewoon suiker om een zwaar bier verder uit te laten gisten zonder de gist bij de start onder osmotische druk te zetten.
De app rekent daar anders mee dan met suiker in de ketel, en dat verschil is de hele reden dat deze kolom er is:
| Suiker in de ketel | Suiker op dag 3 | |
|---|---|---|
| OG | telt mee | telt niet mee |
| Voorkook-SG | telt mee | telt niet mee |
| IBU | telt mee | telt niet mee |
| Alcohol | telt mee | telt mee |
| FG | geen verschil: enkelvoudige suiker vergist volledig | |
De OG is het belangrijkste van die rij. Je meet je stamwort op de brouwdag, en de honing zit er dan nog niet in. Zou de app hem toch meetellen, dan voorspelt hij 1.086 waar jij 1.071 meet en ga je een rendementsprobleem zoeken dat niet bestaat. Om dezelfde reden telt de gift niet mee in de bitterheid: hij heeft nooit in de kookketel gezeten en verdunt het wort dus ook niet tijdens het koken.
Onder de OG verschijnt een tweede regel met de dichtheid inclusief de late suiker. Dat getal ligt onder je alcoholpercentage — zonder die regel lijkt de alcohol uit de lucht te komen vallen.
De brouwkaart, de afdruk en de deeltekst zetten er pas op dag 3 van de gisting achter, zodat je het op de dag zelf niet per ongeluk in de ketel gooit. In BeerXML gaat het mee als ADD_AFTER_BOIL met de dag in de notitie; komt er een bestand binnen zonder dagnotitie, dan valt de app terug op dag 3.
Wat op Gisting staat telt ook niet mee in je maischsom: niet in het maischwater, niet in de water/moutverhouding, niet in de korrelabsorptie en niet in de maisch-pH. Bij honing viel dat niet op, want suiker en extract vallen daar toch al buiten. Zet je een gewone mout op Gisting — of komt er honing binnen uit een ander programma zonder dat het type meekomt — dan is het verschil een hele kilo graan, en dat is ongeveer een liter maischwater plus een liter die in het draf achterblijft.
Bottelsuiker
De derde keuze in de kolom Toevoegen is Bottelen. Vul je bottelsuiker daarmee in de moutlijst in, dan telt hij mee waar hij hoort:
| Bottelsuiker | |
|---|---|
| OG | telt niet mee — die meet je in de kuip |
| FG | telt niet mee — die meet je vlak vóór het bottelen |
| IBU | telt niet mee — de suiker heeft de ketel nooit gezien |
| Alcohol | telt wél mee — ook in de fles maakt suiker alcohol |
Zeven gram per liter, een gewone gift voor 2,4 volumes CO₂, levert ongeveer 0,4 % extra alcohol op. Dat is geen afronding: het is het verschil tussen een tripel van 8,0 en een van 8,4 %.
Er is geen dagveld bij Bottelen: bottelen is geen gistingsdag. Hoeveel suiker je nodig hebt voor een bepaald aantal volumes CO₂ rekent het gereedschap Bottelsuiker uit — die twee bijten elkaar niet, de tool rekent wat je nodig hebt en de receptregel legt vast wat je toevoegt.
Wat betekent punten/kg?
Punten/kg is hoeveel SG-punten één kilo van een grondstof oplevert in één liter wort, bij een rendement van 100 %. Eén kilo suiker opgelost tot één liter geeft SG 1.384 — dus suiker staat op 384 punten. Pilsmout haalt dat niet en zit rond de 300.
Mouterijen zetten dit getal niet op hun certificaat; die geven het extractgehalte in procenten. Omrekenen gaat zo:
| Je hebt | Rekensom | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Extract in % | % × 3,84 | 80 % → 307 punten |
| PPG (Amerikaans) | PPG × 8,35 | 37 PPG → 309 punten |
| Opbrengst als SG | (SG − 1) × 8350 | 1.037 → 309 punten |
In het formulier + Eigen mout toevoegen hoef je niets uit te rekenen: vul het extractgehalte in en het veld Punten/kg wordt vanzelf gevuld. Andersom werkt ook.
Namen en volgorde van de lijsten
De merknaam staat niet in de naam van een mout. Pilsmout heet gewoon Pilsmout 3 EBC. Reden: de app wordt ook in het Engels en Spaans gebruikt, en daar ligt ander mout in het schap — een naam met een Belgische mouterij erin klopt daar niet. De leverancier is niet verdwenen maar staat in een eigen kolom Producent op het tabblad Ingrediënten, en je kunt er gewoon op zoeken.
Hetzelfde geldt voor gist: die heet SafAle US-05, niet SafAle US-05 (Fermentis). Het merk staat in de kolom Producent, waar je erop kunt zoeken en sorteren.
Voeg je zelf een ingrediënt toe, dan is er een veld Producent waarin je kwijt kunt van wie je het betrekt. Dat geldt voor mout, hop, gist en overige ingrediënten, en je kunt het bij bestaande eigen ingrediënten alsnog invullen.
De leverancier staat ook op de plek waar je hem nodig hebt: achter de naam in de keuzelijst van je recept, in de voorraad en op de boodschappenlijst. Zo houd je drie pilsmouten die alleen in EBC verschillen uit elkaar. Bij hop staat er het land van herkomst, want daar is geen merk van bekend. Wat wordt opgeslagen is alleen de naam.
Je eigen ingrediënten aanpassen
Alles wat je bij een eigen ingrediënt hebt ingevuld is achteraf te wijzigen, rechtstreeks in de tabel op het tabblad Ingrediënten. De naam en de producent; bij mout de punten, de EBC en het type; bij hop het alfazuur, het type en de herkomst; bij gist de vergistingsgraad, de vorm en de temperatuur; bij overige ingrediënten het type, de eenheid, de maximale dosis en de opmerking. Een wijziging wordt meteen bewaard en werkt door in je recepten.
Zo houd je drie pilsmouten van verschillende leveranciers uit elkaar: geef ze elk een eigen naam — Pilsmout Dingemans, Pilsmout Belgomalt — en vul de producent in. Elk heeft dan zijn eigen prijs, zijn eigen voorraad en zijn eigen punten, en in de keuzelijst van je recept staat achter de naam van wie hij komt.
Alle lijsten — mout, hop, gist, overige ingrediënten en bierstijlen — staan op alfabetische volgorde. Bij hop, mout en overige ingrediënten geldt dat binnen de groepen waarin de keuzelijst is ingedeeld (bij overige bijvoorbeeld Citrus, Vruchten, Kruiden). Ingrediënten die je zelf toevoegt staan onderaan in een eigen groep Eigen mout / Eigen hop / Eigen gist.
De bierstijl kiezen
De keuzelijst met stijlen is gegroepeerd per biertype — lager, tarwebier, pale ale en IPA, amber en bitter, stout en porter, Belgisch en Frans, zuur en wild, sterk bier, en fruit- kruiden- en rookbier. Binnen elke groep staat het alfabetisch. Zo staat de Amerikaanse IPA naast de Engelse in plaats van veertig regels verderop.
Boven de lijst staat een zoekveld. Typ ipa, stout of weizen en de lijst krimpt tot wat erop lijkt; accenten en hoofdletters tellen niet mee, dus munchner vindt ook Münchner. Esc maakt het veld leeg.
Hop
Voeg hoptoevoegingen toe met het gewicht, alfazuurpercentage, gebruik en tijdstip. De IBU wordt berekend via de Tinseth-formule.
| Gebruik | Uitleg |
|---|---|
| Koken | Standaard bitterhop. IBU afhankelijk van kooktijd. |
| Eerste wort (FWH) | Toegevoegd voor het koken. Milde bitterheid, goede integratie. |
| Whirlpool | Na het koken. Vul de standtijd in bij Kooktijd en de temperatuur bij WP °C — de bitterheid volgt daaruit |
| Dryhop | Tijdens de gisting. Puur aroma, geen IBU. |
Whirlpool: hoe de bitterheid wordt berekend
Een whirlpoolgift krijgt een volwaardige IBU-berekening, op temperatuur én standtijd. Zet de rij op Whirlpool, vul de standtijd in bij Tijd (min) en de worttemperatuur bij WP °C. Vul je geen temperatuur in, dan rekent de app met 80 °C.
Ter illustratie, 50 g hop van 12 % alfazuur in 20 liter, dertig minuten stand:
| Temperatuur | IBU |
|---|---|
| 70 °C | 10 |
| 80 °C | 14 |
| 90 °C | 20 |
| 99 °C | 28 |
Waarom niet gewoon Arrhenius
De verleiding is om de reactiesnelheid van de isomerisatie door te trekken naar lagere temperaturen, zoals bij de hoogtecorrectie. Dat geeft 2 % benutting bij 80 °C en 14 % bij 99 °C — een factor zeven. Gemeten waarden liggen veel vlakker: Rodammer mat in samenwerking met het laboratorium van Bell's Brewery (AHA, 2017) 3,96 % bij 82 °C tegen 4,36 % bij 99 °C, telkens dertig minuten. Een factor 1,1 dus, geen factor zeven.
Waarschijnlijk komt een deel van die bitterheid niet van iso-alfazuren maar van humulinonen, die bij lagere temperatuur gewoon oplossen zonder isomerisatie. De app rekent daarom met een gedempt model: de kinetische factor tot de macht 0,4, een plafond van 12 % benutting en een tijdfactor die snel oploopt en dan afvlakt. Dat sluit aan bij dezelfde meetreeks over de tijd — 10 tot 60 minuten bij ongeveer 95 °C gaf 3,6 tot 5,1 %.
Standtijd en temperatuur staan ook op de brouwkaart en in de deeltekst, zodat je op de brouwdag ziet bij hoeveel graden je moet hoppen en hoe lang. In BeerXML gaan ze allebei mee.
Pellets, bloemen of T-45?
Per hopgift kies je bij Vorm hoe de hop geleverd is. Dat werkt door in de benutting:
| Vorm | Benutting | Toelichting |
|---|---|---|
| Pellets T-90 | 100 % (standaard) | Verreweg het meest gebruikt. Het plantmateriaal is vermalen, waardoor de alfazuren vlotter vrijkomen |
| Bloemen | 90 % | Hele bellen: de alfazuren zitten nog opgesloten in het blad en het hopbed houdt meer wort vast |
| T-45 / Cryo | 100 % | Lupuline-concentraat. Géén extra factor — zie hieronder |
Bestaande recepten staan op pellets, dus je berekende IBU verandert niet door deze keuze. Bij export naar BeerXML gaat de vorm mee als Pellet of Leaf; BeerXML kent T-45 en Cryo niet als aparte soort.
Oogstjaar en bewaring — hopveroudering
Alfazuren breken af door oxidatie. Vul per hopgift het oogstjaar en de bewaarwijze in; de app rekent dan met het werkelijk resterende alfazuur. Onder de IBU-waarde verschijnt het effectieve percentage zodra het verlies groter is dan 2%. Laat je het jaar leeg, dan wordt er geen correctie toegepast.
| Bewaring | Verlies per jaar | Voorbeeld: 12% α na 2 jaar |
|---|---|---|
| ❄️ Diepvries, luchtdicht | ±5% | 10,9% |
| 🧊 Koelkast, luchtdicht | ±14% | 9,0% |
| 🏠 Kamertemperatuur, luchtdicht | ±30% | 6,1% |
| 📂 Kamertemperatuur, open verpakking | ±45% | 3,8% |
Geïsomeriseerd hopextract (tetrahop, isohop)
Kies bij Gebruik de optie Extract (na gisting) voor producten als Tetrahop Gold, Isohop, Hexahop of Redihop. Deze extracten bevatten al geïsomeriseerde alfazuren: ze hoeven niet mee te koken en worden ná de gisting gedoseerd, meestal vlak voor het bottelen.
- Vul bij Gewicht de dosering in mL in (dichtheid ≈ 1 g/mL)
- Vul bij Alfazuur het percentage iso-alfazuren van het product in (Tetrahop Gold: 10%, Isohop: 30%)
- De kooktijd doet er niet toe en wordt genegeerd
De bitterheid wordt gerekend op vrijwel volledige benutting: IBU = mL × %iso × 1000 / batchvolume. Voorbeeld: 2 mL Tetrahop Gold 10% in 20 L geeft 10 IBU.
Gist
Selecteer een gist uit de database (Fermentis, Lallemand, Mangrove Jack's, Wyeast, White Labs). Staat jouw gist er niet bij, kies dan onderaan de keuzelijst ✏️ Eigen gist toevoegen…: je vult naam, vergistingsgraad en vorm in, en hij staat meteen in je recept én in je ingrediëntenlijst — met prijs, voorraad en boodschappenlijst. Het kan ook vooraf via Ingrediënten → Eigen gist. De vergistingsgraad is verplicht: die bepaalt je eindgewicht, dus die kan de app niet voor je invullen. Het rechterpaneel toont je pitching rate en vergelijkt die met wat je nodig hebt. Dat aantal komt uit hetzelfde celmodel als het gereedschap Gistdosering (White & Zainasheff):
| Miljoen cellen per mL per °Plato | tot OG 1.061 | vanaf OG 1.061 |
|---|---|---|
| Ale (bovengistend) | 0,75 | 1,0 |
| Lager (ondergistend) | 1,5 | 2,0 |
Twee onafhankelijke redenen, en ze stapelen. Een lager gist bij 8–13 °C: koud gist groeit trager en vermeerdert zich minder, dus je vult het tekort aan de voorkant aan in plaats van de gist het zelf te laten inhalen — en de fouten van onderdoseren, diacetyl en zwavel en esters, vallen in een schoon bier meteen op. Zwaar wort zet de gist onder osmotische druk, waardoor ze zich slechter vermeerdert; vandaar een derde erbovenop vanaf 1.061. Een zware lager heeft met allebei te maken en komt daarom op 2,0 uit.
Droge gist levert ongeveer 20 miljard levensvatbare cellen per gram, een pak vloeibare gist 100 miljard. Bij droge gist toont de app het advies in grammen, bij vloeibare gist in pakjes — die worden nu eenmaal niet per gram verkocht.
Droge gist: de opgave van de fabrikant
Voor droge gist volgt de app niet het celmodel maar de dosering die de fabrikant zelf publiceert, in gram per hectoliter. Dat getal bevat hun eigen celtelling én hun eigen levensvatbaarheid, en is dus betrouwbaarder dan een aanname van 20 miljard cellen per gram — die verschilt namelijk per fabrikant en zelfs per stam.
- Fermentis: 50–80 g/hL voor ale, 80–120 g/hL voor ondergistend bij 12–18 °C — hun eigen opgave
- Overige merken: 50–100 g/hL voor ale, 100–150 g/hL voor ondergistend — een algemene reeks, en de app zegt er dan ook bij dat het geen fabrikantopgave is
Vanaf 15 °Plato schaalt de hele reeks mee met de sterkte van het bier. Vergist je ondergistend onder de 12 °C, dan loopt het advies verder op: Fermentis adviseert voor W-34/70 tot 200–300 g/hL bij 9 °C. De app leest die temperatuur uit de eerste stap van je vergistingsprofiel.
Meerdere gisten in één recept
De gistkaart is een lijst, net als die van mout en hop. Met + Gist voeg je er een toe; per rij kies je de gist, de vorm en de hoeveelheid. Meer dan zes gisten in één recept houdt de app tegen — dan is het geen recept meer maar een experiment.
In de kolom Toevoegen staat wanneer de gist erin gaat:
- Hoofdgisting — op de brouwdag in de kuip. Twee of meer gisten samen enten is een blend: hun celaantallen tellen bij elkaar op.
- Later — een aantal dagen na de brouwdag, standaard dag 7. Voor Brett of een tweede stam die tijdens de nagisting meedoet.
- Bottelen — pas bij het bottelen, na volledige vergisting en eventueel lageren. Hier hoort bottelgist als CBC-1 thuis.
In de lijst staan twee bottelgisten: CBC-1 van Lallemand en SafAle F-2 van Fermentis. Fermentis geeft voor F-2 een dosis van 2 tot 35 gram per hectoliter bij 15–25 °C, en adviseert hem niet rechtstreeks in het bier te strooien maar eerst te rehydrateren in minstens tien keer zijn eigen gewicht aan steriel water van 25 tot 29 °C.
Dat verschil is niet cosmetisch. Een gist die er pas op dag 7 bij komt telt niet mee in je pitching rate, want die gaat over hoeveel cellen je bij de start in je wort gooit. Ent je er twee tegelijk, dan telt het paneel de cellen van allebei op en legt het totaal naast wat je nodig hebt — een dosering in gram per hectoliter zou daar onzin zijn, want die geldt per product.
Boodschappenlijst, voorraad en kostprijs tellen alle gisten mee, elk in zakjes. Op de brouwkaart en in de deeltekst staat per gist wanneer hij erin gaat. In BeerXML krijgt elke gist een eigen YEAST-element; een late gift gaat mee als ADD_TO_SECONDARY met de reden in de notitie. Een bestand met meerdere gisten wordt op dezelfde manier ingelezen.
Gram, pakken of een starter
Naast de gistkeuze staat Gistvorm. Kies je Droog, dan vul je grammen in zoals altijd. Kies je Vloeibaar, dan tel je pakken. Kies je Starter, dan vul je het aantal liter starter in dat je hebt opgekweekt — geen omrekenen meer op een papiertje.
De app zet alle drie om naar hetzelfde getal: het aantal cellen dat in je wort belandt. Het rechterpaneel zet dat naast wat je nodig hebt, dus je ziet in één oogopslag of je starter groot genoeg was. Een liter starter van 1.036 bevat ongeveer 37 gram extract en levert met een roerplaat ongeveer 1,4 miljard nieuwe cellen per gram. Zonder roerplaat kun je ongeveer de helft aanhouden; de app rekent met roerplaat en zegt dat erbij.
Laat je het hoeveelheidsveld leeg, dan valt er niets te vergelijken en beantwoordt het paneel de andere vraag: hoeveel heb je nodig? Bij vloeibare gist staat er dan het aantal pakken dat je moet inslaan, bij een starter het aantal liter dat zoveel cellen oplevert.
Vloeibare gist: cellen per pak verschillen per merk
Vloeibare gist wordt per pak verkocht, en de pakken zijn niet gelijk. De app rekent met de opgave van het merk: Omega 150 miljard, Wyeast en White Labs 100 miljard, onbekende merken voorzichtig 100. Het advies staat daarom in pakken, niet in grammen.
Onder 70% van het aanbevolen aantal kleurt de melding rood, tussen 70 en 90% oranje, en boven het dubbele waarschuwt de app voor autolyse.
Overige ingrediënten
Voeg kruiden, vruchten, specerijen en klaringsmiddelen toe via de 🍊 Overige Ingrediënten-kaart. De database bevat ~45 ingrediënten in categorieën:
Per ingrediënt kies je het moment waarop het erin gaat. De lijst staat op volgorde van de brouwdag: maisch, spoelwater, koken, whirlpool, dry-hop, secundaire gisting, botteling. Brouwzouten die in je spoelwater horen kies je dus als Spoelwater; op de brouwkaart en in de deeltekst staan ze dan ook op die plek, en niet tussen de kookgiften.
- 🍊 Citrus (sinaasappelschil, citroenrasp)
- 🍓 Vruchten (frambozen, kersen, mango)
- 🌿 Kruiden (koriander, gember, lavendel)
- ✨ Specerijen (vanille, kaneel, kardemom)
- 🧊 Klaringsmiddelen (Iers mos, rijstkaf, gelatine)
Elk ingrediënt heeft een maximale dosering per 20L als referentie. Bij overschrijding verschijnt een waarschuwing.
Maischschema
Voeg maischstappen toe met temperatuur en duur. Op brouwdag verschijnen deze stappen in het logboek als individuele afteltimers — start een stap en de timer telt automatisch af. Bij voltooiing krijg je een browsernotificatie (als je toestemming hebt gegeven).
BROUWHULP '26 berekent ook automatisch:
- Korrelabsorptie — volgens jouw installatieprofiel
- Voorkookvolume — maischwater + spoelwater − korrelabsorptie − dode ruimte
- Water/mout verhouding — voor dichtheid van de maisch
Enkelvoudig of in stappen maischen
Onder het maischschema staan twee rijen knoppen. Met Snel toevoegen zet je één rust in het schema; met Heel schema vervang je het volledige schema in één klik.
| Knop | Schema | Waarvoor |
|---|---|---|
| 🍯 Enkelvoudig 67°C | 67°C · 60 min | Verreweg het meest gebruikt. Bij 67°C werken beta- en alfa-amylase allebei nog: genoeg vergistbare suikers voor een droog bier, genoeg dextrines voor body |
| 🍯 Enkelvoudig + uitmaischen | 67°C · 60 min, daarna 78°C · 10 min | Zelfde rust, met een amylasestop. Maakt het wort dunner en dus makkelijker te spoelen |
| 🧬 Klassiek stappenschema | 52 / 62 / 72 / 78°C | Eiwitrust en gescheiden amylaserusten. Zinvol bij tarwe, rogge of slecht gemodificeerde mout |
Wil je droger uitkomen, ga dan iets lager zitten — 64 tot 65°C geeft meer vergistbare suikers. Voor meer body maisch je op 68 tot 69°C. Het conversieadvies onder het schema laat meteen zien hoeveel minuten er bij die temperatuur minimaal nodig zijn.
Je eigen installatie instellen
Elke brouwinstallatie verdampt anders. Onder Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie geef je vijf waarden op die de hele waterberekening sturen:
| Instelling | Betekenis | Standaard |
|---|---|---|
| Kookverdamping | Liters die per uur wegkoken | 3,0 L/uur |
| Korrelabsorptie | Vocht dat in het draf achterblijft | 0,8 L/kg |
| Maischdikte | Water per kilo mout in het maischvat; 0 = alles in één keer (BIAB) | 3,0 L/kg |
| Vast maischwater | Maisch je altijd met hetzelfde volume? Vul dat hier in; 0 = niet gebruiken | 0 L |
| Verlies kookketel/trub | Wat na overhevelen achterblijft | 1,5 L |
| Dode ruimte maischvat | Vocht onder de filterbodem | 0 L |
| Krimp bij afkoelen | Volumekrimp van 100 °C naar 20 °C | 4% |
Onder het maischschema toont de recepteditor de volledige waterbalans: hoeveel het draf vasthoudt, hoeveel er wegkookt (verdamping × kooktijd), het ketelverlies en de krimp — plus het benodigde voorkookvolume en totale watervolume. Klopt jouw maisch- en spoelwater daar niet mee, dan zie je precies hoeveel liter je tekortkomt. Met de knop 💧 Vul watervolumes in uit mijn installatie vult de app maischwater, spoelwater en kookvolume in één keer in.
Brouw je op meer dan één installatie — een clubketel en thuis een kleinere opstelling — bewaar ze dan apart. Vul de waarden in, klik op 💾 Bewaar als installatie en geef een naam als Clubketel 190 L. Boven het formulier staat een keuzelijst waarmee je er met één klik tussen wisselt; alle velden en de waterberekening schakelen mee. Je installaties gaan mee in de back-up.
Maisch je altijd met hetzelfde volume — bijvoorbeeld de werkvoorraad van je maischvat — vul dat dan in bij Vast maischwater. Dat krijgt voorrang boven de maischdikte en blijft gelijk of je nu 50 of 60 kilo mout gebruikt; het spoelwater vangt het verschil op. Reken je juist per kilo, laat dit veld dan op 0 staan.
Suiker en moutextract tellen niet mee in de waterberekening. Ze lossen op, houden geen water vast en gaan meestal niet eens in het maischvat. Alleen de granen bepalen dus de korrelabsorptie, de maischdikte en de water/moutverhouding. In de rechterkolom staan Totaal mout en Totaal suiker daarom apart; die tweede regel verschijnt alleen als er suiker of extract in het recept zit.
De maischdikte bepaalt hoe het totale water zich verdeelt over maischen en spoelen. Klassiek maischen met spoelen zit tussen 2,5 en 4 liter per kilo; brouw je in één keer op het volledige volume zonder te spoelen (BIAB), vul dan 0 in. Dit getal bepaalt de verdeling volledig: maisch je dunner dan je hier opgeeft, dan krijg je te weinig maischwater toegewezen en veel te veel spoelwater. Vul dus in wat je werkelijk doet.
Blijft achter (verlies) — bij een koelbox met filterbuis, een aparte filterkuip, of elk systeem waarbij je het wort overhevelt naar een andere ketel. Wat onder de bodem staat gaat niet mee, dus moet je het extra aanmaken.
Komt mee in de ketel — bij één vat met een pomp: Grainfather, Braumeister, Robobrew, Anvil Foundry, Brewzilla. Dat vocht staat in dezelfde ketel waarin je straks kookt; je tilt de moutpijp eruit en het gaat gewoon mee. Het is dan géén verlies, alleen water dat niet in je graanbed zit — en dat is precies waarom het wél bij je maischwater hoort en níét bij je totaal.
De standaard is blijft achter, zoals de app het altijd deed. Wie een all-in-one systeem heeft moet hem dus één keer omzetten; daarna klopt het.
Verwarm je je spoelwater in een apart vat? Dan is er een derde plek waar water achterblijft: onder de kraan en rond het verwarmingselement. Vul dat in bij Verlies heetwatervat. Verwarm je je spoelwater in dezelfde ketel, of spoel je helemaal niet, laat het dan op 0.
De water/moutverhouding die de app bij je moutstort toont is daarom de dikte in het graanbed: het maischwater mín de dode ruimte, gedeeld door je mout. Dat is het getal dat je bedoelt als je over 2,7 L/kg praat — niet wat je in het vat giet. Bij een vast maischvolume gebeurt die correctie niet, want dat getal is de werkvoorraad van je vat en die telt de dode ruimte al mee.
Meer dan één brouwinstallatie
Brouw je afwisselend thuis en op een clubketel, dan sla je die twee op als profiel in je instellingen. Bij het recept kies je vervolgens voor welke installatie het geschreven is. Laat je dat veld leeg, dan rekent het recept met de installatie uit je instellingen — precies zoals het altijd deed, dus aan je bestaande recepten verandert er niets.
Die keuze stuurt alles wat van je ketel afhangt: het maischwater, het spoelwater en het kookvolume, de water/moutverhouding onder de moutlijst — die trekt de dode ruimte van jouw vat eraf — en het kookpunt. Dat laatste zit in de bitterheid: staat er in het profiel een hoogte boven zeeniveau of een eigen kooktemperatuur, dan kookt het wort koeler, isomeriseren de alfazuren trager en valt de IBU lager uit. Op het scherm, in de receptenlijst en op de brouwkaart staat dan hetzelfde getal.
In het brouwdaglogboek staat diezelfde keuze nog een keer, en die begint op wat het recept zei. Brouw je die dag toch ergens anders, zet hem dan om: het maischwater, het spoelwater, het kookvolume en de bitterheid van dát brouwsel worden meteen opnieuw uitgerekend voor die ketel — ook op de brouwkaart die je afdrukt en in het overzicht. Naast de keuzelijst zie je wat eruit komt.
Koppel je in het logboek een ánder recept aan een brouwsel dat al op een ketel staat, dan gaat dat recept mee naar die ketel in plaats van andersom. Op de brouwdag telt het vat waar je in staat, niet het vat waarvoor het plan geschreven was.
Bottelen: wat er werkelijk uitkwam
In het brouwdaglogboek, onder 🍾 Verpakken & Carbonisatie, vul je in hoeveel flesjes je hebt gevuld en hoe groot ze zijn. Ging er daarnaast iets op fust, dan zet je dat erbij. De app rekent je gebottelde volume uit en zet daar je verlies naast: het verschil met het batchvolume uit je recept, in liters en in procenten.
Het volume in de primingberekening loopt daar automatisch mee, want dat is precies het bier dat je suikert. Typ je daar zelf een getal, dan blijft dat staan — handig als je in een bottelemmer suikert en niet alles bottelt.
Bottelsuiker: welke soort en hoeveel
De app rekent uit hoeveel suiker je nodig hebt voor het aantal CO₂-volumes dat je wilt, en houdt daarbij rekening met het koolzuur dat al in het bier zit — dat hangt af van de temperatuur waarbij je bier het laatst heeft gestaan. Vandaar dat temperatuurveld: bier dat op 20 °C stond bevat minder eigen CO₂ dan bier dat koud is weggezet, en heeft dus meer suiker nodig.
Je kunt kiezen uit tien soorten. Achter elke naam staat de factor: hoeveel keer zoveel je nodig hebt ten opzichte van gewone tafelsuiker. Die factor volgt uit het vergistbare deel van het product — factor = 1 ÷ vergistbare fractie.
- Tafelsuiker (sacharose) — ×1,00, per definitie
- Kandij- of basterdsuiker — ×1,03
- Dextrose (glucosemonohydraat) — ×1,11
- Honing en suikerstroop — ×1,25, beide ongeveer 80% vergistbaar
- Belgische kandijsiroop — ×1,30 · agavesiroop — ×1,32
- DME (droog moutextract) — ×1,43 · ahornsiroop — ×1,52
- LME (vloeibaar moutextract) — ×1,79, want dat is DME met ongeveer 20% water erbij
Wat de bottelsuiker met je bier doet
Die suiker vergist ook, en dat merk je op twee manieren. Er komt alcohol bij, en het water waarin je hem oplost verdunt je bier en vergroot je eindvolume. Vul dat water in bij Oploswater naast het suikertype; onder de uitkomst verschijnt dan wat er per saldo overblijft.
De alcohol volgt rechtstreeks uit je koolzuurdoel en niet uit de suikersoort. Per molecuul suiker ontstaan vier moleculen alcohol en vier moleculen koolzuur — in massa 184,3 tegen 176,0 gram. Wie hetzelfde koolzuur wil, krijgt dus dezelfde alcohol, of hij nu tafelsuiker of moutextract gebruikt.
Verdamping uitrekenen in plaats van meten
Zodra het wort kookt ligt de temperatuur vast: alle energie die na de warmteverliezen overblijft gaat op aan het omzetten van water in stoom. Dat kost 2,26 MJ per liter, en dat getal staat los van de kooktijd, van hoeveel er in de ketel zit en van hoe breed die ketel is. Ken je het vermogen van je element, dan hoef je dus niet te meten.
Vul in Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie onder Kookverdamping het vermogen in watt in, en het percentage van de tijd dat het element tijdens het koken werkelijk aanstaat. De app rekent voor: 1800 W een uur lang is 6,48 MJ, gedeeld door 2,26 geeft 2,87 liter per uur. Met Overnemen zet je die waarde in het veld.
Recept afdrukken of als PDF bewaren
Wil je het recept op papier meenemen naar de brouwdag? Klik in de recepteditor op 🖨️ Print / PDF (of in het logboek rechtsboven het receptoverzicht). Er opent een schone brouwkaart in gewone taal met alle kerncijfers, de watervolumes, het maischschema met afvinkvakjes, moutstort, hopschema, gist en lege velden om je metingen en notities met de hand in te vullen. Kies in het printvenster Opslaan als PDF om hem te bewaren in plaats van af te drukken.
Onderaan staan twee gelinieerde blokken om met de hand in te schrijven: Notities brouwdag met acht regels en Proefnotities met zes. Ze lopen over de volle breedte van het blad, zodat er ook echt een zin in past. De regels zijn 8 mm hoog — de hoogte van een gewone handgeschreven regel — en een blok wordt nooit over een paginarand gesplitst.
De brouwkaart staat in de volgorde waarin je werkt, niet in de volgorde waarin je de regels hebt ingetikt: de moutstort met de zwaarste zak bovenaan, de hop van eerste wort via het koken en de whirlpool naar de dry-hop, en de overige ingrediënten van maisch tot botteling. In de recepteditor blijven de rijen wel staan waar je ze zette — een regel die wegspringt terwijl je een gewicht aanpast is onwerkbaar.
Je recept delen op een forum
Voor een forumbericht, een mail of een appje heb je geen PDF nodig maar tekst die je kunt plakken. Klik in de recepteditor op 📋 Kopieer recept: de kerncijfers, de moutstort met percentages, het hopschema, de overige ingrediënten, de gist, het maischschema, het vergistingsschema en je notities komen als platte tekst op je klembord. Plakken met Ctrl+V, of ⌘V op een Mac.
Het waterblok en de lege invulvelden blijven eruit. Die zijn er voor de brouwdag en zeggen een lezer niets — je maischwater hangt af van jouw installatie, niet van het recept.
Brouwen op hoogte — kooktemperatuur en bitterheid
Boven zeeniveau kookt water onder 100 °C. Daardoor isomeriseren de alfazuren trager en valt de bitterheid lager uit — een verschil dat op grote hoogte niet te verwaarlozen is. Vul onder Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie je hoogte boven zeeniveau in; de app berekent dan het kookpunt en corrigeert alle IBU-berekeningen automatisch. Ken je je werkelijke kooktemperatuur (gemeten met een thermometer), vul die dan in bij Kooktemperatuur — die overschrijft de berekening uit de hoogte. Hoogte en kooktemperatuur horen bij het installatieprofiel: heeft een recept een eigen installatie gekozen, dan rekent de bitterheid met het kookpunt van díé ketel.
| Hoogte | Kookpunt | IBU bij 60 min koken |
|---|---|---|
| 0 m (zeeniveau) | 100,0 °C | 100% |
| 1000 m | 96,7 °C | −13% |
| 2000 m (o.a. Mexico-Stad) | 93,4 °C | −24% |
| 2850 m (Quito) | 90,5 °C | −32% |
| 3400 m (Cusco) | 88,7 °C | −35% |
| 3650 m (La Paz) | 87,9 °C | −37% |
Het kookpunt volgt uit de barometrische hoogteformule met de Antoine-vergelijking voor water; de isomerisatiesnelheid uit de Arrhenius-vergelijking met de constanten van Malowicki & Shellhammer (2005). Geïsomeriseerd hopextract wordt niet gecorrigeerd — dat is immers al omgezet.
Conversieadvies — voorkom te kort maischen
Onder het maischschema (én bij de timers in het logboek) verschijnt automatisch een advies over de totale versuikeringstijd. De app telt alle rusten tussen 60 en 73°C op en vergelijkt die met de tijd die bij jouw hoogste versuikeringstemperatuur nodig is voor volledige zetmeelomzetting:
| Versuikeringstemperatuur | Geadviseerde minimumtijd |
|---|---|
| 70–73°C (alfa-amylase optimaal) | 25 min |
| 67–69°C | 35 min |
| 64–66°C | 45 min |
| 62–63°C | 60 min |
| 60–61°C (vrijwel alleen beta) | 90 min |
Pas je één stap aan, dan herberekent het advies direct en zie je hoeveel minuten je eventueel tekortkomt. Zo voorkom je onvolledige omzetting en een lager rendement.
Berekeningen & Calc-paneel
Alle berekeningen worden live bijgewerkt. Het calc-paneel (rechts in de recepteditor) toont:
| Waarde | Uitleg |
|---|---|
| OG | Oorspronkelijk soortelijk gewicht |
| FG | Eind soortelijk gewicht (op basis van attenuatie) |
| ABV | Alcoholpercentage |
| IBU | Bitterheid (Tinseth of Rager) |
| EBC | Kleur (Morey-formule) |
| Pre-kook SG | Verwacht SG vóór het koken |
| BU:GU | Bitterheid/zwaarte verhouding |
| Pitching rate | Gistdosering per liter, met advies |
| Kostprijs | Berekend op basis van jouw prijzen |
Je eigen inkoopprijzen vul je in op het tabblad Ingrediënten, in de kolom Prijs naast elk ingrediënt (mout €/kg, hop €/100 g, gist €/gram, overige ingrediënten €/100 g of per stuk). Laat je een veld leeg, dan rekent de app met de standaardprijs die er grijs in staat. Wijzigingen worden meteen bewaard; met ↺ Standaardprijzen zet je een hele categorie terug.
Klik onder de kostprijs op Toon kostprijs-specificatie per ingrediënt voor de opbouw: per ingrediënt de naam met de kosten, en daaronder de rekensom (bijvoorbeeld 5 kg × € 2,35/kg). Onderaan staat het totaal. Ingrediënten waarvoor nog geen prijs bekend is, staan oranje en tellen als € 0 — de kostprijs is dan te laag.
Waar je begin-SG vandaan komt
Onder Begin SG (OG) in het berekeningenpaneel zit een uitklapje: Toon opbouw van de SG per ingrediënt. Het werkt hetzelfde als de kostprijsspecificatie, maar dan in SG-punten.
De moutstort staat als één regel, met het totale graangewicht en het rendement waarmee gerekend is. Per mout staat de bijdrage al in de moutentabel zelf; die hier herhalen maakt de lijst lang zonder iets toe te voegen. Suiker en moutextract krijgen elk een eigen regel, want dat is meestal de vraag: welk deel van mijn SG komt niet uit de mout. Achter elke regel staat een balkje met het aandeel in procenten.
Onderaan staat het totaal, en dat is precies het getal dat erboven staat. Late giften — suiker tijdens de gisting, bottelsuiker — staan er grijs onder mét hun moment, en tellen niet mee in dat totaal: ze zitten nog niet in je wort als je de OG meet. Wat ze samen zouden opleveren staat er wel bij, want dát is het getal waar de alcoholberekening mee rekent.
De regels zijn zo afgerond dat ze zichtbaar optellen tot het totaal, en de percentages tot honderd. Rond je elke regel los af, dan kan het gebeuren dat er twee omhoog gaan en de optelling er een duizendste naast zit — je leest dan 0,058 + 0,011 met 1.068 eronder. De app verdeelt daarom eerst en rondt daarna, zoals bij zetelverdeling: geen enkele regel wijkt meer dan één duizendste van zijn eigen waarde af.
Accijns (theoretisch)
Onder de kostprijs staat wat er aan Nederlandse bieraccijns verschuldigd zou zijn als je dit bier commercieel zou verkopen. Je ziet twee bedragen: het normale tarief, dat geldt voor brouwerijen die meer dan 200.000 hl per jaar maken, en het verlaagde tarief voor zelfstandige brouwerijen tot en met 200.000 hl per jaar. Beide worden gerekend per hectoliter per volumeprocent, met voor allebei hetzelfde minimumbedrag per hectoliter: bij lichte bieren telt dat minimum en niet het alcoholpercentage. De tarieven komen uit de Tarievenlijst accijns van de Douane. Brouw je thuis voor eigen gebruik, dan ben je vrijgesteld en betaal je niets; de bedragen staan er ter informatie.
Timers
Het logboek heeft twee timers naast de maischstappen: een kooktimer en een stopwatch. De kooktimer telt af: vul het aantal minuten in en klik ▶ Start. Koppel je een recept, dan staat de kooktijd daarvan er al ingevuld. Op nul krijg je hetzelfde alarm als bij een maischstap — geluid dat zich herhaalt tot je bevestigt, een trilsignaal op Android en een browsermelding. Je mag de tijd tijdens het koken nog aanpassen; de verstreken tijd blijft dan staan.
Het logboek heeft drie algemene timers — Maisch, Kook en Stopwatch — en daarnaast de maischstap-timers uit je recept. Heeft het recept geen maischschema, dan staan de vier standaardstappen klaar: Eiwitrust 52°C/15 min, Beta Amylase 62°C/45 min, Alpha Amylase 72°C/20 min en Amylasestop 78°C/10 min. Klik ▶ Start bij een stap om de afteltimer te starten; de duur van elke stap pas je direct in de tabel aan — ook terwijl de timer loopt.
Zodra een stap afloopt krijg je een geluidssignaal (drie pieptonen, elke 5 seconden herhaald tot je bevestigt), een pulserende groene melding in het logboek, een knipperende regel in de stappentabel en — op Android — een trilsignaal. Klik ✓ Gezien om het alarm te stoppen. Het geluid wordt geactiveerd zodra je op ▶ Start drukt; dat is nodig omdat browsers (met name op iPhone) geluid alleen na een aanraking toestaan.
SG-metingen & Gistingsvoortgang
Registreer SG-metingen per fase (voor koken, OG, primaire gisting, FG). Vul ook de temperatuur in — BROUWHULP '26 toont dan automatisch het gecorrigeerde SG op 20°C. Dat geldt voor élke temperatuur behalve 20°C zelf, ook 0°C: meet je de FG van een bier dat in de koeling heeft gestaan, dan leest je hydrometer bijna twee punten te hoog.
Het veld Datum & tijd laat je leeg voor een meting die je nú doet. Vul je er wel iets in, dan draag je een oudere meting na — handig als je een logboek overzet uit een ander programma. De meting komt dan op zijn eigen plek in de tijd te staan, niet onderaan de lijst: de gistingsvoortgang leest de meest recente meting, en die hoort de laatste te zijn.
Wanneer je een OG-meting en een latere meting hebt, verschijnt een gistingsvoortgangsbalk met het huidige vergistingspercentage en het actuele ABV.
Carbonisatie
De carbonisatieberekening zit onderaan het logboek. Voer in: gewenste CO₂-volumes, biertemperatuur bij bottelen en volume bier. BROUWHULP '26 berekent hoeveel gram suiker (of honing, DME) je nodig hebt.
Water
De pH van je bronwater hoort bij je kraan en wordt daarom bewaard: hij gaat mee in je waterinstellingen én in een profiel dat je zelf opslaat. Kies je later dat profiel, dan staat je gemeten pH er weer. De meegeleverde profielen — Pilsen, Burton, Dublin — hebben er geen: dat zijn ionenprofielen, geen watermonsters, en ze laten jouw meting dus staan.
De watertab laat je het bronwaterprofiel invoeren en een doelprofiel kiezen. BROUWHULP '26 berekent welke mineralen je moet toevoegen (gips, calciumchloride, Epsom-zout, zouten van natrium en magnesium).
Je eigen water invoeren en bewaren
Je hoeft niet uit de kant-en-klare profielen te kiezen: typ de waarden van je eigen leidingwater gewoon in de zes ionvelden. Klik daarna op 💾 Bewaar als profiel en geef het een naam — het profiel verschijnt bovenaan de lijst onder "🧑🍳 Mijn eigen water" en is voortaan met één klik op te roepen, ook als doelwater. Met 🗑️ verwijder je een eigen profiel. Je profielen gaan mee in de backup en de JSON-export.
Voor wie met demiwater of osmosewater brouwt staan er twee zoutloze uitgangsprofielen klaar: Demiwater / osmosewater (alle ionen op nul) en Regenwater. Handig als basis om zelf met zouten op te bouwen.
Kraanwater aanlengen met demi- of osmosewater
Heb je hard water en wil je een lichte pils brouwen, dan is verdunnen vaak eenvoudiger dan aanzuren. Vul bij Aanlengen met demi-/osmosewater in welk deel van je totale water demiwater is — als percentage of in liters, wat je makkelijker vindt. Het andere veld loopt mee.
Verdunnen is lineair: één deel kraanwater op één deel demiwater halveert elk ion. Er reageert niets en er slaat niets neer, het is dezelfde hoeveelheid opgeloste stof in meer water. Demi-, osmose- en gedestilleerd water gelden daarbij als nul; osmosewater houdt in de praktijk een paar mg/L over, en dat valt weg tegen de onzekerheid in je eigen wateranalyse.
Alles wat uit je water volgt rekent met de verdunde waarden: het ionenoverzicht, de rest-alkaliteit, de maisch-pH en de spoelwater-pH. De zouten die je toevoegt komen bovenop het verdunde water, wat klopt — je lost ze op in het mengsel.
Zouten laten uitrekenen voor je doelprofiel
Boven de zoutentabel staat ⚗️ Bereken zouten voor doelprofiel. Die kijkt naar je bronwater — ná verdunning — en naar het doelprofiel dat je hebt gekozen, en vult de zes brouwzouten in die je daar het dichtst bij brengen. Eronder staat per ion waar je uitkomt tegenover waar je heen wilde.
Calciumchloride koop je als korrels óf als vloeibare 36%-oplossing. Naast de knop staat Ik gebruik vloeibaar calciumchloride (36%): vink dat aan en de knop rekent in milliliters en laat het korrelveld met rust. Het vinkje hoort bij je brouwerij en wordt meebewaard met je waterinstellingen. Beide vormen leveren dezelfde ionen — de app vervangt het zout in de berekening zelf, dus calcium én chloride kloppen, niet alleen het ene.
De maisch- en spoelgift krijgen dezelfde concentratie, dus verschillende grammen: je behandelt je water, niet je maisch. Met Zouten wissen zet je alles terug op nul.
Kiest de berekening krijt, dan waarschuwt de app erbij. Krijt is de enige manier om bicarbonaat toe te voegen zonder natrium, maar het lost in de maisch maar half op — reken op minder effect dan er staat, of gebruik zuiveringszout en neem het extra natrium op de koop toe.
Het is een kleinste-kwadratenberekening: zes zouten, zes ionen, en de voorwaarde dat een hoeveelheid nooit negatief kan zijn. Een volmaakte treffer is meestal onmogelijk — gips brengt calcium én sulfaat in een vaste verhouding, dus als je doelprofiel die verhouding niet heeft, wordt het een compromis. Daarom staat er per ion bij hoe ver je ernaast zit.
De pH van je spoelwater
Dat is een ándere vraag dan de maisch-pH. Daar bepaalt je moutstort de uitkomst; hier gaat het om het water zelf. Te alkalisch spoelwater trekt in de laatste runnings looistoffen uit de kaf, en dat proef je terug als droge wrangheid. De vuistregel is: blijf onder pH 6.
Vul daarvoor de pH van je bronwater in bij je wateranalyse. Zonder die meting rekent de app dit niet uit, en dat is met opzet: hoeveel koolzuur er in je leidingwater zit hangt af van je leiding en je kraan, en is niet uit de rest van de analyse af te leiden. Doen alsof je water met de buitenlucht in evenwicht is geeft een pH die er ver naast zit.
De rekenwijze zelf is het carbonaatevenwicht: pH = 6,38 + log(HCO₃⁻ / CO₂). Zuur zet bicarbonaat om in koolzuur — mol voor mol van de ene af en bij de andere bij. Jouw gemeten bron-pH bepaalt het startpunt, zodat het koolzuurgehalte niet geraden hoeft te worden.
Demi-, osmose- en gedestilleerd water
Brouw je met water zonder bicarbonaat, dan is er geen buffer. Het carbonaatevenwicht hierboven geldt dan niet: de pH van je spoelwater is simpelweg de pH die je meet, en die verandert niet doordat je er water bij doet.
Dat is meteen het antwoord op de vraag of je moet aanzuren: nee. Demi- en osmosewater zitten met hun pH van rond de 6 al onder de grens waar looistofextractie begint, en er is niets om weg te bufferen. De app meldt dat er geen buffer is en laat de aanzuuradvies-regel weg.
[H⁺] = √(Ka × C) voor melkzuur (pKa 3,86). Gebruik je fosforzuur, dan valt de uitkomst nog lager uit.Maisch-pH — koppel eerst je recept
De maisch-pH hangt vooral af van je moutstort: donkere en karamelmouten zijn zuur, basismout veel minder. Kies daarom bovenaan de watertab een recept bij Recept koppelen. De app neemt het maischwatervolume over en berekent de pH uit die specifieke moutstort. Zonder gekoppeld recept toont de app bewust een streepje in plaats van een misleidend getal.
De waterbehandeling overnemen in je recept
De watertab rekent, het recept bewaart. Zolang je zoutgiften alleen op de watertab staan, staan ze niet op je brouwkaart, niet op je boodschappenlijst en niet in je kostprijs — en er is maar één watertab, terwijl je tien recepten kunt hebben.
Koppel daarom een recept en klik onder de analyse op 📋 Overnemen in <naam>. De knop zet in dat recept:
- het maisch- en spoelwater zoals ze hier ingevuld staan;
- elke zout- en zuurgift die niet nul is, als regel onder Overige ingrediënten, met het moment Maisch of Spoelwater;
- welk water het is: de naam van het bronprofiel, het verdunningspercentage en de zes ionwaarden. Die verschijnen bovenaan het waterblok van de brouwkaart, zodat op papier staat of je met kraanwater, osmosewater of een mengsel brouwt.
De brouwzouten staan als gewoon ingrediënt in de database, onder de groep 🧂 Brouwzouten. Ze tellen dus mee in de boodschappenlijst en in de kostprijs, en je kunt er op het tabblad Ingrediënten je eigen inkoopprijs bij zetten.
Melkzuur draagt zijn sterkte in de naam, want één milliliter 80% is iets anders dan één milliliter 88%. Verdun je zelf naar bijvoorbeeld 30%, dan komt dat percentage in de naam terug en staat het ingrediënt met een sterretje in de keuzelijst.
Welk zuur kies je?
| Zuur | Sterkte | Wat het verder doet |
|---|---|---|
| Melkzuur 80% | 10,5 mEq/mL | Wat je in Nederland en België meestal koopt. Boven ~400 mg/L in het bier proefbaar als licht zurig |
| Melkzuur 88% | 11,8 mEq/mL | De Amerikaanse standaard, en wat de meeste Engelstalige literatuur bedoelt. Zelfde zuur, 12% sterker per mL |
| Fosforzuur 75% | 12,1 mEq/mL | Smaakneutraal — fosfaat slaat in de maisch grotendeels neer met calcium. Zelfde dosering in mL als melkzuur |
| Zoutzuur 10% | 2,88 mEq/mL | Voegt chloride toe, wat de moutigheid versterkt. Ruim vier keer zoveel mL nodig |
Melkzuur en fosforzuur 75% zijn qua sterkte vrijwel gelijk: waar je 3 mL melkzuur nodig hebt, doe je met fosforzuur ongeveer hetzelfde. Het verschil zit in de smaak. Wie veel moet aanzuren — bij zacht water met veel donkere mout, of bij een lichte pils met hard water — kan met fosforzuur onder de proefdrempel blijven.
Zelf verdunnen — meestal een goed idee
Geconcentreerd melkzuur is bijtend, en op een batch van 20 liter doseer je er maar een paar milliliter van. Eén druppel te veel is dan al 10% van je gift. Veel brouwers verdunnen daarom eerst naar bijvoorbeeld 30%: je werkt met hele milliliters in plaats van tienden, en er kan minder misgaan als je morst.
Vul in het concentratieveld gewoon je eigen percentage in. De app leidt de dichtheid van de oplossing af uit een meettabel en rekent daaruit de sterkte, dus 30% klopt net zo goed als 80%. Ter oriëntatie: 80% ≈ 10,5 mEq/mL, 50% ≈ 6,2, 30% ≈ 3,6, 10% ≈ 1,1.
Niet zeker of het gelukt is? Meet het na
Onder Gereedschap staat 🧪 Melkzuur concentratie meten. Vul daar je refractometer- of hydrometermeting in en je krijgt het massapercentage terug, met een knop om het meteen in de watertab te zetten.
De hydrometer is de nauwkeurigste: de app leest daarvoor gewoon dezelfde dichtheidstabel achterstevoren. Je hebt er wel een volle maatcilinder van je zuur voor nodig.
De refractometer heeft aan twee druppels genoeg, maar de Brix-schaal is op suiker geijkt en niet op melkzuur. De app rekent daarom in twee stappen om: van Brix naar brekingsindex via de suikerschaal, en van brekingsindex naar massaprocent via een rechte lijn tussen water en zuiver melkzuur. Reken op ongeveer een procentpunt onzekerheid — ruim genoeg, want het alternatief is gokken en dat kost al gauw tien procent.
Meet in beide gevallen bij 20 °C, want dat is de temperatuur waarvoor beide tabellen gelden.
Het model werkt met de pH die elke moutsoort in gedestilleerd water geeft en met het bufferend vermogen per kilo. De alkaliteit van je water duwt die pH omhoog, zuur duwt hem omlaag — en elke extra milliliter zuur blijft doorwerken, ook nadat alle bicarbonaat is geneutraliseerd. Bij een te hoge pH toont de app hoeveel milliliter melkzuur je ongeveer nodig hebt, gerekend met de sterkte die je in de zoutentabel hebt gekozen.
Korrels of vloeibaar? Let op de eenheid
Calciumchloride is er in twee vormen, en ze zijn beslist niet uitwisselbaar. De korrels die je als poeder koopt zijn het dihydraat CaCl₂·2H₂O: één gram levert 273 mg calcium. De vloeibare 36%-oplossing vul je in milliliters in: één milliliter levert 176 mg calcium en 312 mg chloride.
De zoutentabel heeft daarom twee aparte regels. Vul de vloeistof in bij Calciumchloride 36% vloeibaar (ml) en niet bij de korrels erboven.
De achterliggende som: de 36%-oplossing heeft een dichtheid van ongeveer 1,35 g/mL, dus één milliliter bevat 0,486 gram watervrij CaCl₂. Daarvan is 36,1% calcium en 63,9% chloride. Die getallen komen overeen met wat de fabrikant op de verpakking zet: 1 mL per 10 liter geeft 17,6 mg/L calcium en 31,2 mg/L chloride.
Antioxidanten op metabisulfietbasis
Middelen als Antioxin SBT of kaal kaliummetabisulfiet vangen zuurstof weg en houden je bier langer vers. Ze doen alleen iets wat je makkelijk over het hoofd ziet: het sulfiet oxideert grotendeels tot sulfaat, en dat verschuift je waterprofiel. Bij een zachte pils kan één gift het sulfaatgehalte verdrievoudigen en de chloride-sulfaatverhouding van rond naar droog-bitter duwen.
Vul daarom in de zoutentabel de rij Antioxidant (metabisulfiet) in: het aantal gram, en daaronder het percentage kaliummetabisulfiet dat op de verpakking staat. Zo werkt het veld voor elk merk. Antioxin SBT bevat 45%, Antioxin SB 46,8%, kale KMS 100%.
| Product | Dosering | Extra sulfaat |
|---|---|---|
| Antioxin SBT | 0,5 g per 10 L | ongeveer 17 ppm |
| Antioxin SBT | 1,0 g per 10 L | ongeveer 34 ppm |
| Kaliummetabisulfiet | 1,0 g per 10 L | ongeveer 75 ppm |
De som. Kaliummetabisulfiet (K₂S₂O₅, 222,31 g/mol) levert per molecuul twee zwavelatomen en dus twee sulfaationen van 96,06 g/mol. Volledige omzetting zou 0,864 gram sulfaat per gram opleveren. Zo ver komt het niet: een deel van het sulfiet bindt aan carbonylen en een deel ontsnapt met de CO₂. De app rekent daarom met de praktijkfactor 0,87 die in de wijnbouw gangbaar is — 0,752 gram sulfaat per gram metabisulfiet. Reken dus op een orde van grootte, niet op twee decimalen.
Twee dingen laat de app bewust liggen. Kalium wordt niet bijgehouden: het komt in geen enkel doelprofiel voor en heeft geen smaakdrempel in de orde die hier haalbaar is. En het ascorbinezuur dat vaak in deze middelen zit is weliswaar een zuur, maar het effect op de maisch-pH blijft onder de 0,05 — kleiner dan de onnauwkeurigheid van het pH-model zelf.
Aanzuren met zuurmout in plaats van een zuurgift
Zuurmout — ook wel Sauermalz of acidulated malt — is gewone basismout die met melkzuurbacteriën is aangezuurd. Je weegt hem af als elk ander ingrediënt en hij verlaagt de maisch-pH zonder dat je met een pipet in de weer hoeft.
Voeg hem toe in de recepteditor via de moutsectie; hij staat in de keuzelijst onder de groep 🍋 Zuurmout. Vul het gewicht in en je bent klaar: zodra je het recept aan de watertab koppelt, is de aanzuring in de getoonde maisch-pH verwerkt. Onder de pH verschijnt hoeveel zuur de mout precies levert en met hoeveel milliliter melkzuur dat overeenkomt.
| Aandeel zuurmout | Effect op de maisch-pH |
|---|---|
| 1% van de moutstort | ongeveer 0,1 lager |
| 2% | ongeveer 0,2 lager |
| 3% | ongeveer 0,3 lager |
Dit is de vuistregel van Weyermann, en de app rekent er in dezelfde orde van grootte mee. De achterliggende som: zuurmout bevat bij pH 5,45 ongeveer 3,13% melkzuur, dus één kilo levert 31,3 gram melkzuur. Gedeeld door de molmassa van 90,08 g/mol is dat 347 mEq zuur per kilo — dezelfde eenheid waarin de app ook een zuurgift verrekent. Honderd gram zuurmout komt daarmee neer op ongeveer 3 mL melkzuur 88%.
Blijf onder de 5% van de moutstort; boven 10% waarschuwt de app, want dan wordt het bier merkbaar zurig. Voor stijlen die dat juist willen, zoals Berliner Weisse of Gose, mag het hoger. Qua extract en kleur gedraagt zuurmout zich als pilsmout, dus je OG en EBC veranderen nauwelijks.
Ingebouwde doelprofielen: Pilsen, Burton, Dublin, Wien, München, Dortmund en Soft Water.
Voorraad
Houd bij hoeveel mout, hop, gist en overige ingrediënten je in voorraad hebt. Bovenaan staan vier knoppen: 🌾 Mout & Granen, 🌿 Hop, 🧫 Gist en 🧂 Overige ingrediënten. Bij mout en hop kleurt het getal rood zodra je onder de drempel zakt; gist telt in zakjes of in gram, wat je zelf per gist kiest.
Bij de overige ingrediënten staat de eenheid die bij dat ingrediënt hoort: gram voor koriander, milliliter voor melkzuur, stuks voor een eikenspiraal. Er staat bewust geen "bijna op"-grens bij — één drempel voor een categorie die grammen kruiden en liters zuur door elkaar heeft is een verzonnen getal. Wat je te weinig hebt voor de recepten die je wilt brouwen staat op de boodschappenlijst, en daar hoort het ook.
Gist telt standaard in zakjes, maar je kunt dat per gist omzetten naar gram. Dat is er voor wie een blok van 500 gram koopt: een zakje kun je niet splitsen, een blok wel, en dan wil je in gram tellen. Naast het voorraadveld staan een keuzelijst voor de eenheid en een veld voor het gewicht van één verpakking — een zakje droge gist is 11,5 g, een pak vloeibare gist ongeveer 100 g, jouw blok 500 g.
Zet je een gist om, dan rekent de app je voorraad ter plekke om en zegt wat er is gebeurd: drie zakjes van 11,5 gram worden 34,5 gram. Er verandert niets achter je rug om, en de keuze geldt alleen voor díé gist — de meeste brouwers hebben zakjes én blokken in de koeling staan. Het pakgewicht wijzigen laat je voorraad staan; er ligt niet ineens meer of minder, alleen weegt één verpakking anders.
Je boodschappenlijst, je kostprijs en het grondstofboek van de douanemodule volgen die keuze. Telt een gist in zakjes, dan wordt een recept van 23 gram naar boven afgerond op twee zakjes: een half zakje bestaat niet in de winkel. Telt hij in gram, dan is 23 gram gewoon 23 gram, en ligt er nog 477 gram in je blok.
Douane en accijns
Deze module staat standaard uit en je vindt hem bij ⚙️ Instellingen → 🛃 Douane en accijns. Brouw je thuis voor eigen gebruik, dan laat je hem uit: eigen gebruik is vrijgesteld en er valt niets aan te geven. Heb je een vergunning — in Nederland een accijnsgoederenplaats, elders het equivalent daarvan — dan verschijnt er een tabblad 🛃 Douane met drie panelen.
De drie kringen
Een controle draait om drie sommen die elk op zichzelf moeten sluiten:
| Kring | Wat er moet kloppen |
|---|---|
| Grondstoffen | begintelling + inkoop − verbruik − afschrijving = eindvoorraad |
| Volume | gebrouwen liters = afgevuld + verlies + vernietigd |
| Accijns | uitgeslagen liters × tarief = af te dragen bedrag |
Wat níét sluit is kilo's mout tegen liters bier: dat hangt van je rendement af en is geen controleerbare gelijkheid. Wie dat als bewijs opvoert bewijst niets. De drie kringen hierboven sluiten wél, elk op zichzelf, en samen verantwoorden ze de keten van grondstof tot afgedragen accijns.
Inschakelen
Bij het inschakelen schrijft de app van elke grondstof waarvan je voorraad hebt een begintelling op de datum van vandaag. Dat is je nulpunt: zonder die regel zou je eerste inkoop het hele saldo worden, want het boek kent dan geen beginstand. Uitschakelen wist niets — je boek blijft staan en alleen het voorraadscherm leest dan weer het losse getal.
Grondstofboek
Het boek bestaat uit regels, niet uit saldi. Elke regel draagt een datum, een soort en een hoeveelheid, en die hoeveelheid is altijd positief: het soort bepaalt de richting.
| Soort | Wat het doet |
|---|---|
| Telling | zet het saldo op wat je hebt geteld; alles ervóór telt niet meer mee |
| Inkoop | telt erbij, met leverancier en bedrag |
| Verbruik | gaat eraf, met het batchnummer waar het heen ging |
| Afschrijving | gaat eraf zonder dat er bier van is gemaakt — bedorven, gemorst, weggegooid |
Regels worden op datum opgeteld. Boek je twee dingen op dezelfde dag, dan telt de volgorde waarin je ze invoert: een telling die je ná een verbruik van diezelfde dag invoert, telt ook ná dat verbruik. Dat is hoe je het opschrijft en dus hoe je het bedoelt.
Maak je een brouwsel aan, dan gaat de hele stort automatisch als verbruik het boek in, op de brouwdatum en met het batchnummer erbij. Zo is elke kilo mout te herleiden naar de batch waarin hij verdween. De eenheden zijn dezelfde als op het voorraadscherm: mout en hop in gram, gist in zakjes of gram naar keuze, overige ingrediënten in hun eigen eenheid.
Pas je op de brouwdag iets aan in het logboek — een gewicht bijstellen, een gift erbij, een ingrediënt eruit, een ander gistgewicht — dan wordt het verbruik opnieuw geboekt. Het boek houdt dus bij wat er werkelijk in de ketel is gegaan en niet wat je van plan was. Wijzig je het batchnummer, dan verhuist dat mee naar de boekregels; koppel je een ander recept aan het brouwsel, dan vervangt die stort de oude.
Zet je de module aan terwijl je al een logboek vol brouwsels hebt, dan gaat de stort van al die brouwsels alsnog het boek in, elk op zijn eigen brouwdatum. Je saldo verandert daar niet van: die regels staan vóór je begintelling, en een telling zet het saldo. Wat je er wél mee krijgt is de herleidbaarheid over je bestaande batches — precies de kolom waar een grondstofcontrole naar kijkt.
Een bestelling of factuur inlezen
Inkoop is het enige dat de app niet uit je eigen gegevens kan afleiden: je bestelbon staat nergens in BROUWHULP '26. Om te voorkomen dat je hem regel voor regel overtypt, staat er onder het grondstofboek een plakvak. Open de bon van je leverancier, selecteer de tekst en plak hem erin; de app zoekt de artikelregels eruit en stelt inkoopboekingen voor. Kopteksten, verzendkosten, subtotaal en btw slaat hij over.
Waarom plakken en niet een PDF slepen: een PDF fatsoenlijk uitlezen vraagt om een bibliotheek van ongeveer een megabyte, en dan nóg leest die geen gescande bon. Deze app heeft geen enkele afhankelijkheid en dat is haar sterkste beveiligingsargument. Tekst selecteren kan iedereen zelf, in elke lezer, ook op een telefoon — en dat werkt bij élke leverancier.
Staan de bedragen niet op dezelfde regel als de omschrijving, dan pakt de app ze van de regels eronder. Tekst uit een PDF komt lang niet altijd per tabelrij uit de lezer: vaak valt elke kolom op een eigen regel, of staat de hele kolomrij achter elkaar als 18568 1,00 63,99 63,99 1 — artikelnummer, aantal, stukprijs, totaal, regelnummer. Het laatste bedrag is het regeltotaal. Het aantal komt uit de kolom die als "1,00" is geschreven en niet het laatste bedrag is; ontbreekt die, dan uit het laatste hele getal dat als aantal kan doorgaan. Een getal boven de duizend is een artikelnummer en geen bestelling.
Onder het plakvak staat 🧾 Ingeboekte facturen: elke bon die je hebt verwerkt, nieuwste bovenaan, met datum, factuurnummer, leverancier, het aantal geboekte regels en het bedrag. Daarmee zie je in één oogopslag of je een bon al hebt ingevoerd. Het bedrag is de som van de regels die je hebt geboekt en dus niet per se het factuurtotaal: regels die je hebt uitgevinkt of niet kon koppelen zitten er niet in. Daarom staat het aantal regels ernaast. Klik op een bon om hem open te klappen: je ziet dan de regels die erin zitten, elk met de grondstof, de hoeveelheid en het bedrag. Klopt het bedrag niet met de bon, dan zie je hier waar het verschil zit. Staat dezelfde grondstof twee keer op één bon, dan wordt die aangewezen — dat is bijna altijd twee keer inlezen en niet twee regels op de bon. Hetzelfde geldt voor een factuurnummer dat bij dezelfde leverancier op meer dan één datum staat: dan is de bon dubbel ingelezen of één keer met de verkeerde datum. Met de prullenbak achter een regel haal je die ene regel weg; met Hele factuur verwijderen gaat de bon in zijn geheel terug, inclusief het effect op je voorraad. Verbruik van een brouwsel blijft daarbij staan: dat hoort niet bij een bon.
Een brouwsel met terugwerkende kracht invoeren
Zet je de douanemodule aan terwijl je al jaren brouwt, dan wil je je oude brouwdagen er alsnog in. Dat kan. Maak het brouwsel aan zoals altijd en zet daarna in het logboek de brouwdatum terug naar de dag waarop je werkelijk brouwde; de moutstort in het grondstofboek verhuist mee. De uitslagdatum vul je apart in bij de uitslag, dus een bier van maart dat je in mei hebt uitgeslagen komt in beide tijdvakken op de goede plek.
Je winkel noemt het anders dan de app
Een bon van Unibrew zegt Aroma mout type Amber 50 EBC; in de moutlijst heet diezelfde mout Aroma Amber 50 EBC van Dingemans. Zo gaat het bij bijna elke leverancier: de mouterij geeft een naam, de winkel schrijft er zijn eigen omschrijving omheen, en jij zoekt vervolgens iets dat er wél staat maar anders heet.
Daarom kent elk ingrediënt naast zijn naam een aantal andere schrijfwijzen. Je vindt de Aroma Amber dus ook op "amber", op "aromatic amber" en op de omschrijving van je bon. Datzelfde geldt in het zoekveld op het tabblad Ingrediënten. De namen zelf veranderen niet: daar hangen je recepten, je prijzen, je voorraad en je grondstofboek aan.
De factuurlezer gebruikt het ook. Lees je een bon in waarvan je een artikel nog nooit hebt gekoppeld, dan zet de app er een voorstel bij met de melding geraden uit de omschrijving — controleer of dit klopt. Dat is nadrukkelijk iets anders dan eerder gekoppeld: dat tweede is jouw eigen keuze van een vorige keer en die gaat altijd voor.
Boven elke keuzelijst staat een zoekveld. De lijst telt ruim zestig mouten en staat op alfabet, niet op leverancier — Weyermann tarwemout donker staat dus onder de T, tussen Special B en Tarwemout Geroosterd, en niet bij de andere Weyermann-mouten. Typ je "weyermann", dan houd je alleen die over; typ je "tarwe donker" of "weizenmalz dunkel", dan houd je er één over. Het veld kijkt naar dezelfde tekst als het zoekveld op het tabblad Ingrediënten, dus ook naar de andere schrijfwijzen. Ernaast staat hoeveel regels je overhoudt van hoeveel.
Bij een gist staat in de kolom Hoeveelheid een keuzelijst in plaats van een vast label: daar zet je ter plekke om tussen zakjes en gram. Kies je gram, dan wordt het gewicht dat op de bon staat meteen het pakgewicht van die gist — je hebt die doos immers net gekocht. Zolang je in zakjes telt en de bon een andere verpakkingsmaat noemt dan je hebt ingesteld, zegt de app dat erbij: "1 zakje" klopt niet met een doos van 500 gram.
Per regel kies je de categorie en het ingrediënt. De hoeveelheid volgt uit het aantal maal de verpakkingsmaat, omgerekend naar de eenheid van je voorraadscherm: twee zakken van 25 kg worden 50.000 gram, en gist telt in de eenheid die je bij die gist hebt gekozen. Past de eenheid van de bon niet bij die van het ingrediënt — kilo's op iets dat in milliliters telt — dan blijft het veld leeg en zegt de app dat je het zelf moet invullen. Een verkeerd getal is hier erger dan een leeg veld.
De prijs per eenheid wordt uit het regeltotaal gerekend, in de eenheid waarin je prijzentabel rekent, en gaat met een vinkje mee naar die tabel. Je kostprijs rekent daarna met wat je werkelijk hebt betaald in plaats van met de standaardprijs. Corrigeer je de hoeveelheid, dan beweegt de prijs mee: het regeltotaal ligt vast, dus minder geleverd is duurder per kilo.
De factuurdatum is verplicht en wordt niet stilzwijgend op vandaag gezet. Het is de datum die op de bon staat: daarmee valt je inkoop in het juiste tijdvak. Een bon van vorige maand die op vandaag wordt geboekt geeft een saldo dat klopt, maar op de verkeerde dag.
Afvullen en uitslag
Eén regel per keer dat er bier uit de tank gaat. Dat is niet altijd één keer per brouwsel: een deel op fust vandaag, de rest op fles volgende week, met twee verschillende datums en misschien twee bestemmingen.
Heb je in het brouwdaglogboek al ingevuld hoeveel flessen je hebt gevuld, hoe groot ze zijn en hoeveel er op fust ging, dan neemt 📅 Overnemen uit logboek dat over. De flessen komen op het verpakkingsmiddel met dezelfde inhoud, en het fustvolume op de grootste fustmaat waar het een heel aantal van is. Past er iets niet — een flesmaat die je niet hebt ingesteld, of een aantal liter dat niet op een heel aantal fusten uitkomt — dan zegt de app dat in plaats van te gokken; een verkeerd aantal is erger dan een leeg veld. Het boeken doe je zelf: een uitslag is een moment waarop accijns verschuldigd wordt, en die uit een flessenteller afleiden zou aangiften opleveren die je nooit hebt gedaan.
Onder de keuzelijst staat wat de app over dit brouwsel weet: het batchnummer, de brouwdatum, de OG en FG met het alcoholpercentage dat daaruit volgt, en hoeveel liter er gebrouwen is, al is uitgeslagen en nog open staat. Heb je in het logboek een OG en een FG gemeten, dan staat daar Gemeten en rekent de accijns met jouw hydrometer — inclusief temperatuurcorrectie, want een FG uit de koeling leest bijna twee punten te hoog en dat is een kwart procent alcohol. Is er niets gemeten, dan staat er Uit het recept en weet je dat je aangifte op een voorspelling rust.
Het alcoholpercentage en de Plato-waarde staan in gewone invoervelden: overschrijf ze met wat je zelf hebt gemeten. Kies je een ander brouwsel, dan worden ze ververst — het zijn cijfers die bij dát bier horen. Blijf je op hetzelfde brouwsel, dan blijft staan wat je hebt ingetypt; met ↺ Uit brouwsel haal je de cijfers alsnog opnieuw op.
De uitslagdatum staat los van je brouwdatum, want de accijns wordt op de uitslag verschuldigd. Een brouwsel van december dat je in januari uitslaat hoort in het tijdvak van januari. Verlies en vernietiging vul je apart in: die gaan wel uit de tank maar niet als bier de deur uit, en ze tellen daarom niet mee in het bedrag — wel in de volumekring.
Onder het formulier staat het overzicht per tijdvak met de knop Dit kwartaal, en daaronder de volumekring per brouwsel: wat erin ging tegen wat eruit is gegaan, met een halve procent speling. Sluit een brouwsel niet, dan staat het daar in kleur. Onder elk batchnummer staat de stort die eraan is opgegaan, rechtstreeks uit het grondstofboek gelezen — dus per batch zie je in één regel wat erin ging en wat eruit kwam. Staat daar een waarschuwing dat er geen verbruik in het boek staat, dan is die batch nooit afgeboekt en klopt je grondstofkring niet. Met 🖨️ Afdrukken maak je er een pagina van die je bij je administratie kunt leggen.
Regeling, verpakkingen en bestemmingen
Standaard rekent de app met de Nederlandse regeling. Woon of brouw je elders, kies dan het rekenmodel dat jouw wet gebruikt — accijnsstelsels verschillen niet alleen in de bedragen maar in de manier van rekenen:
| Model | Hoe het rekent | Onder meer |
|---|---|---|
| Per hl per %vol | tarief × alcoholpercentage, met een minimum per hectoliter | Nederland |
| Per hl per °Plato | tarief × graden Plato, met een minimum per hectoliter | België |
| Per liter pure alcohol | tarief × de hoeveelheid alcohol in het bier; geen minimum | Verenigd Koninkrijk |
| Bandtarieven | een vast bedrag per hectoliter per sterkteband | Duitsland |
De tarieven staan in een tabel met een ingangsdatum. De nieuwste rij die al is ingegaan wint, dus een tariefwijziging is een regel erbij en verandert niets aan wat er al geboekt is. Binnen een rij staan de categorieën waarin een brouwerij kan vallen; bij ons zijn dat normaal en verlaagd. Welke voor jou geldt kies je bij Mijn categorie.
Bij bandtarieven geef je aan waarop je banden zijn ingedeeld — graden Plato of volumeprocent — en laat je de bovengrens van de laatste band leeg: die geldt voor alles daarboven.
Bij de verpakkingsmiddelen zet je de vormen waarin je afvult met hun inhoud in liter: een longneck van 33 cl is 0,33 en een fust van 20 L is 20. Daaruit volgen de liters op je uitslagregel. Een verpakking die in een geboekte uitslag voorkomt kun je niet verwijderen; die uitslag zou dan met terugwerkende kracht nul liter worden.
Bij de bestemmingen zet je neer waar het bier heen gaat en of daar accijns over verschuldigd is. Een bestemming die je uitvinkt — opslag onder schorsing, export — telt wel mee in je volumekring maar niet in het bedrag. Kies je geen bestemming, dan rekent de app met verschuldigd; dat is de veilige kant.
Gereedschappen
| Tool | Gebruik |
|---|---|
| SG ↔ Plato/Brix | Omrekening tussen eenheden |
| Refractometer | Corrigeer de refractometerwaarde na giststart (Sean Terrill) |
| Hydrometer temperatuurcorrectie | Corrigeer meting voor niet-20°C temperatuur (Kell/NIST) |
| Giststarter | Bereken hoeveel suiker/DME voor een bepaald startervolume en SG |
| SG verhogen | Hoeveel sacharose/dextrose voor een hogere OG |
| Verdunning | Wat gebeurt er met het SG als je verdunt met water |
Bij elke tool staat in de app een korte uitleg van wat hij doet en wat je moet invullen. De velden met een oranje rand zijn uitkomsten, niet iets wat je zelf invult — daar verschijnt het antwoord zodra de invoer compleet is.
Boodschappen
Kies op het tabblad 🛒 Boodschappen welke recepten je wilt brouwen en hoe vaak. De app telt alle ingrediënten op, trekt je voorraad ervan af en toont per regel wat je nog moet kopen, met de geschatte kosten op basis van je eigen prijzen. Een regel met een groen vinkje heb je al genoeg van.
Staat er een oranje vraagteken bij de kosten, dan is er voor dat ingrediënt nog geen prijs bekend. Vul die in op het tabblad Ingrediënten, kolom Prijs.
Een prijs van 0 mag en telt gewoon mee: zelf gekweekte hop of gist die je uit een vorige brouw hebt geoogst kost werkelijk niets. Dat is iets anders dan een lege cel — die betekent dat er nog niets is ingevuld, en dan blijft het vraagteken staan.
Met 🖨️ Print / PDF maak je er een lijst van om mee te nemen naar de winkel: per ingrediënt een afvinkvakje, de hoeveelheid die je moet kopen, en daarnaast in het klein wat je nodig hebt en wat er al ligt. De grootste hoeveelheid staat bovenaan, zodat de zware zakken meteen in het oog springen. Wat je al genoeg van hebt staat niet in de kooplijst maar wordt onderaan wel opgesomd, zodat je kunt zien dat het niet is vergeten. Kies in het printvenster Opslaan als PDF om hem op je telefoon mee te nemen.
Vergistingsprofiel
In de recepteditor kun je onder 🧊 Vergistingsprofiel een schema opbouwen: hoofdgisting, diacetylrust, dry-hop, koud wegzetten, lageren. Per stap geef je een temperatuur en een aantal dagen op. Op de brouwdag rekent het logboek dat om naar echte datums en laat het zien welke stap nu loopt en wanneer de volgende aan de beurt is. De startdatum kun je in het logboek aanpassen als je later bent begonnen dan de brouwdag.
Naast de temperatuur staat een tweede veld voor een eindtemperatuur. Laat je het leeg, dan loopt de hele stap op één temperatuur. Vul je er iets in, dan is het een ramp: je loopt in het opgegeven aantal dagen van de ene naar de andere temperatuur. Zo leg je een diacetylrust vast als 18 → 22 °C in drie dagen, of het koud wegzetten als 20 → 2 °C in twee dagen. De ramp verschijnt met een pijl in het logboek en in de tekst die je met 📋 Kopieer recept deelt.
Gistdosering en starter
Onder Gereedschappen berekent Gistdosering & starter hoeveel gistcellen je nodig hebt en hoeveel je er werkelijk hebt. Vul batchvolume, OG, biertype, gistvorm en productiedatum in. Het biertype is een keuze tussen ale en lager; de opslag voor zwaar bier volgt uit de OG die je hierboven invult. De app rekent met 0,75 miljoen cellen per mL per °P voor ales en 1,5 voor lagers, vanaf OG 1.061 met een derde erbovenop (White & Zainasheff), 20 miljard levensvatbare cellen per gram droge gist en 100 miljard per pak vloeibare gist. Vloeibare gist verliest ongeveer 0,7 % levensvatbaarheid per dag, droge gist veel minder.
Gemeten rendement
Zodra je in het logboek een OG-meting invoert, rekent de app terug wat je brouwzaalrendement werkelijk was, en vergelijkt dat met het percentage waarmee je het recept had berekend. In het overzicht staat het gemiddelde over al je brouwsels. Vul je bij de meting ook een volume in, dan wordt dat gebruikt in plaats van het receptvolume.
Een recept dupliceren
Wil je variëren op een recept dat al werkt — een zwaardere versie, een andere hop, een proefbrouwsel op halve schaal — dan hoef je niets over te typen. Er zijn twee manieren, en het verschil zit in wanneer je kiest.
Vanuit de receptenlijst klik je op 📋 Dupliceer op de receptkaart. Je geeft een naam op en de kopie verschijnt direct onder het origineel, klaar om aan te passen.
Vanuit de recepteditor gebruik je 📄 Opslaan als nieuw recept. Handig als je al aan het sleutelen bent en halverwege bedenkt dat dit eigenlijk een nieuw recept moet worden: je aanpassingen gaan mee naar de kopie en het origineel blijft staan zoals het was.
De kopie staat volledig los van het origineel: pas je er een moutgift of maischstap in aan, dan verandert er niets aan het recept waar hij vandaan komt. De versiegeschiedenis gaat bewust niet mee — een kopie is een nieuw recept en begint met een schone lei.
Bestaat de voorgestelde naam al, dan telt de app door: Tripel (kopie), Tripel (kopie 2), enzovoort. Dupliceer je een kopie, dan stapelt dat achtervoegsel niet op.
Versiegeschiedenis
Elke keer dat je een bestaand recept opslaat mét wijzigingen, wordt de vorige versie bewaard, samen met de datum en een notitie die je zelf kunt invullen. Met ↺ Terugzetten haal je een eerdere versie terug; de huidige stand wordt daarbij eerst bewaard, dus terugzetten is omkeerbaar. Er worden maximaal 20 versies per recept bewaard.
Je vindt hem onderin het bewerkscherm, vlak boven de knoppenbalk, in een kaart die dichtgeklapt begint. Klik op 🕘 Versiegeschiedenis om hem open te vouwen; ernaast staat hoeveel versies er bewaard zijn. Het veld Wat verander je? hoort bij de opslag die je gaat doen, niet bij een vorige — vul het in vóór je op Opslaan drukt. Laat je het leeg, dan wordt de versie gewoon zonder notitie bewaard.
Veiligheid
BROUWHULP '26 draait volledig op je eigen apparaat. Er is geen account, geen server die je gegevens bewaart en geen verbinding met andere websites — behalve de controle op een nieuwe versie, die alleen het versienummer ophaalt.
Bestanden van anderen
Het enige echte risico is een bestand van iemand anders: een BeerXML-recept of een JSON-back-up die je importeert. De app gaat ervan uit dat zo'n bestand kwaadaardig kán zijn. Alle namen en teksten worden onschadelijk gemaakt voordat ze op het scherm komen, sleutels die het gedrag van de app zouden kunnen veranderen worden verwijderd, en er gelden grenzen aan bestandsgrootte, aantal recepten en lengte van namen.
Wat de app niet doet
- Geen gegevens naar buiten sturen — het beveiligingsbeleid van de pagina blokkeert verbindingen met andere domeinen
- Geen code uitvoeren die uit een bestand komt
- Geen scripts, lettertypen of afbeeldingen van andere websites laden
- Geen cookies, geen tracking, geen advertenties
Je gegevens staan in de browseropslag van dit ene apparaat. Wie fysiek toegang heeft tot je ontgrendelde apparaat kan erbij; versleuteling zou daar niets aan veranderen zolang de sleutel in dezelfde browser staat. Bewaar dus geen gevoelige informatie in de notitievelden.
Updates installeren
Werk je met de online versie, dan controleert de app bij elke keer openen zelf of er iets nieuwers is. Is dat zo, dan verschijnt er bovenin een balk met het nieuwe versienummer en wat er veranderd is, met een knop om meteen bij te werken. Je recepten en brouwsels blijven daarbij gewoon staan — die zitten in de opslag van je browser, niet in het bestand.
Je kunt de balk wegklikken met Later. Hij komt dan terug zodra je de app opnieuw opent, net zolang tot je bijwerkt.
Gebruik de knop 🔃 Update naast de versienummer in de header, of ga naar Instellingen → Versie & Updates → Forceer update om de cache te wissen en de nieuwste versie op te halen.
Formules & Berekeningen
Soortelijk gewicht (OG/FG)
totPunten = Σ(kg × punten × factor) waarbij factor = rendement/100 voor mout en 1.0 voor suiker/extract. Dan OG = 1 + (totPunten / volume) / 1000.
Alcohol (ABV)
ABV = 76.08 × (OG−FG) / (1.775−OG) × (FG/0.794) — nauwkeuriger dan de simpele benadering (OG−FG)×131.25, vooral bij zware bieren. Enkelvoudige suikers (sacharose, kandij) tellen als volledig vergistbaar in de FG-berekening.
Bitterheid (IBU — Tinseth)
bigness = 1.65 × 0.000125^(kookSG−1), waarbij kookSG het gemiddelde is van voorkook- en eind-SGBTF = (1 − e^(−0.04 × T)) / 4.15IBU = (AA/100) × gewicht × bigness × BTF × 1000 / batchvolume- Whirlpool-hop rekent met de standtemperatuur en -tijd:
U = 0,12 × isoFactor(T)^0,4 × (1 − e^(−t/20)), waarbij isoFactor de Arrhenius-verhouding is ten opzichte van 100 °C. Dry-hop levert geen IBU. - De methode kies je in Instellingen, en die keuze geldt voor de hele app. Zet je hem om, dan verspringen de bitterheidsgetallen van je recepten én van je brouwsels tegelijk: het overzicht en de grafiek rekenen bij elke weergave opnieuw en tonen dus nooit een getal uit een vorige berekening.
Kleur (EBC — Morey)
MCU = Σ(kg / 0.4536 × ebc / 1.97) / (vol / 3.785), dan SRM = 1.4922 × MCU^0.6859, dan EBC = SRM × 1.97.
Maisch-pH
pH = pH_DI + (alkaliteit − zuurmoutMeq) / Σ(kg × buffer), waarbij pH_DI het op bufferend vermogen gewogen gemiddelde is van de pH die elke moutsoort in gedestilleerd water geeft. Zuurmout telt mee als negatieve alkaliteit: 347 mEq per kg, uit 3,13% melkzuur gedeeld door de molmassa 90,08 g/mol.
SG temperatuurcorrectie (Kell/NIST)
SG_corr = SG_gem × ρ(20°C) / ρ(T°C) waarbij ρ de Kell waterdichtheidsformule is (geijkt op NIST-data).
Veelgestelde vragen
Mijn data is weg na het updaten van de browser
Data staat in localStorage van de browser. Bij het wissen van browsercookies/-cache kan dit verloren gaan. Zet Instellingen → 🔁 Automatische backup aan: dan schrijft de app na elke wijziging een backup naar een map op je computer — bestanden op schijf overleven het wissen van browserdata (Chrome/Edge desktop). Op iPad/iPhone staat Apple dit niet toe: maak daar regelmatig een handmatige backup via 📁 Backup naar map… of Exporteer alles (JSON).
Kan ik de app op meerdere apparaten gebruiken?
Ja, maar de data wordt per browser opgeslagen. Gebruik de JSON-export/import om data over te zetten tussen apparaten.
Hoe importeer ik een recept uit een ander programma?
BROUWHULP '26 ondersteunt BeerXML in twee richtingen: importeer .xml-bestanden uit BeerSmith of Brewfather via 📥 Importeer BeerXML, en exporteer al je eigen recepten via 📤 Exporteer BeerXML — beide knoppen staan boven de receptenlijst.
Elk programma gebruikt zijn eigen ingrediëntnamen: waar Brewfather Pilsner Malt schrijft, kent BROUWHULP Pilsmout 3 EBC. Namen die hier niet bekend zijn worden bij de import automatisch opgenomen in je eigen ingrediënten, mét de kleur, het extract en het alfazuur uit het bestand. Na afloop somt de app op wélke dat waren, per soort gegroepeerd — dat is precies de lijst die je moet nakijken op wat je hier wel of niet kunt kopen.
Ze staan daarna gewoon op het tabblad Ingrediënten, herkenbaar aan het label eigen, en dáár vul je de prijs in. Zonder die stap zou de kostprijs op € 0 blijven staan zonder dat er een veld was om dat te verhelpen. Bevat het BeerXML-bestand zelf een prijs, dan wordt die meteen overgenomen; Brewfather exporteert die meestal niet. Importeer je hetzelfde recept nog eens, dan komt er niets dubbel bij.
Een regel die zo is ontstaan draagt naast eigen ook het label import. Zo zie je het verschil tussen wat jij hebt aangemaakt en wat een bestand heeft achtergelaten — en dat verschil heb je nodig, want na een paar geïmporteerde recepten staan er ingrediënten in je lijst die je nooit gaat kopen.
Loop de nieuwe regels wel even na. De kleur en het extract komen uit het bestand en kloppen doorgaans, maar bij hop leidt de app het onderscheid tussen bitter- en aromahop af uit het alfazuurpercentage, en bij overige ingrediënten wordt de categorie op kruiden gezet. Dat pas je in de tabel zelf aan.
De watervolumes komen uit het bestand zelf: BeerXML geeft per maischstap de hoeveelheid opgietwater, en die worden opgeteld tot je maischwater. Staat dat er niet in, dan rekent de app het uit met jouw eigen installatieprofiel — dezelfde som als achter de knop 💧 Vul watervolumes in uit mijn installatie.
Ook de gistvorm komt mee. Dry wordt droge gist in gram, Liquid, Slant en Culture worden pakken. Meer dan een kwart liter vloeistof past in geen enkel pak — het grootste dat je koopt is een Wyeast XL van ongeveer 125 mL — dus dat leest de app als een starter in liters.
Recepten die je vóór versie 3.53 hebt geïmporteerd
Oudere versies namen de naam uit het bestand wel over, maar registreerden het ingrediënt nergens. Bij het opstarten haalt de app dat eenmalig in: elk ingrediënt in je recepten en brouwsels dat nergens in de database voorkomt, komt alsnog bij je eigen ingrediënten te staan — met de kleur en het extract die in het recept staan. Je hoeft daar niets voor te doen en er verandert niets aan je berekeningen; er komt alleen een prijsveld bij.
Kan ik BROUWHULP '26 delen met andere brouwers?
Ja — verwijs naar brouwhulp.bosschebrouwers.nl of stuur het BrouwHulp.html bestand door. Gratis voor iedereen.
De versiecheck werkt niet
De versiecheck heeft een internetverbinding nodig en werkt alleen als de app gehost is (niet als lokaal bestand). Lokaal openen geeft een foutmelding — dat is normaal.