BROUWHULP '26 Handleiding

Versie 4.83 · Door Leonard Hamers · Bossche Brouwers

📖 Handleiding
BROUWHULP '26 · Door Leonard Hamers · Bossche Brouwers

Installatie

BROUWHULP '26 is een enkel HTML-bestand — geen installatie nodig. Download het bestand en open het in je browser.

1
Download
Download BrouwHulp.html via de downloadknop op de website.
2
Openen
Open het bestand in Chrome, Firefox, Safari of Edge.
3
Klaar
De app werkt direct, ook offline. Je data wordt opgeslagen in de browser.

Installeren als app (aanbevolen)

Je kunt BROUWHULP '26 als een echte app installeren op je telefoon of laptop:

⚠️ Belangrijk: Je data staat opgeslagen in de browser, niet in het bestand zelf. Maak regelmatig een backup via Instellingen → Exporteer alles (JSON).

Eerste recept maken

Ga naar de tab Mijn Recepten en klik op + Nieuw recept. De recepteditor opent zich met standaardinstellingen die je direct kunt aanpassen.

  1. Geef je recept een naam en kies een bierstijl
  2. Stel het batchvolume en rendement in (standaard 20L / 75%)
  3. Voeg mout toe via de + Toevoegen knop in de moutsectie
  4. Voeg hop toe met tijdstip en gebruik
  5. Selecteer een gist uit de database
  6. Sla op met 💾 Recept Opslaan
💡 Tip: De berekeningen aan de rechterkant (OG, IBU, EBC, ABV) worden live bijgewerkt terwijl je ingrediënten invoert.

Brouwdag

Wanneer je gaat brouwen, zet je het recept om naar een brouwsel via de knop 🍺 Aanmaken als Brouwsel. Je wordt automatisch doorgestuurd naar het logboek. Andersom kan ook: maak een leeg brouwsel aan en koppel er ter plekke een recept aan via 📋 Recept koppelen — zonder van tabblad te wisselen. Via 🔁 Ander recept koppelen wissel je later van recept.

In het logboek vind je:

Waar je op mikt

Onder het vergistingsschema staat de kaart 🎯 Waar je op mikt: de getallen die je op de brouwdag na elkaar afvinkt, zodat je er het recept niet voor open hoeft te doen. Hij staat vlak boven je maischstappen, want daar leg je ze naast elkaar.

StortwaterHoe warm het water moet zijn dat je op de mout giet
MaischwaterWat er in het maischvat gaat
SpoelwaterWat je erdoorheen spoelt
Totaal waterWat je in totaal moet aanmaken, inclusief verliezen
Volume voor kokenWat er in de ketel staat als je gaat koken
SG voor kokenWat je meet in de volle ketel, vóór de kook

Alle zes komen uit de brouwselkopie en niet uit het recept. Zet je op de brouwdag om naar een andere installatie of pas je de moutstort aan, dan lopen ze mee.

Het SG voor koken is je vroegste controle op je rendement. Meet je lager dan hier staat, dan heeft je maisch minder opgeleverd dan het recept aanneemt en wordt je OG ook lager; meet je hoger, dan andersom. Je weet dat dus al vóórdat je begint te koken, en niet pas als de gist erin gaat.

Hoe warm moet je stortwater zijn?

Water dat je op koude mout giet koelt af. Hoeveel hangt af van drie dingen: hoeveel mout er ligt, hoe koud die is, en hoeveel water erop gaat. De app rekent het uit met de warmtebalans tussen die massa's — mout neemt per kilo ruim tweeënhalf keer minder warmte op dan water — en telt daar de warmte bij die in een koud vat verdwijnt.

De temperatuur van je mout vul je één keer in bij Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie → Temperatuur mout en vat. Het staat bij de installatie en niet bij het recept, want het hangt af van waar je je mout bewaart: een garage in januari is iets anders dan een keukenkast. Vul je niets in, dan rekent de app met 20 °C. Vriest het in je schuur, vul dan gerust een temperatuur onder nul in — dat is geen tikfout maar de reden dat je stortwater warmer moet.

Of het vat meetelt leidt de app af uit de keuzelijst onder Dode ruimte maischvat. Staat die op blijft achter, dan is het een koelbox of een losse kuip: die staat koud en trekt warmte uit je stortwater. Staat hij op komt mee in de ketel, dan is het één vat met een pomp en een element, en dat staat al op temperatuur.

Dit is een startpunt, geen belofte. De warmte die in een vat verdwijnt hangt af van het materiaal, de wanddikte en of je hebt voorverwarmd — dat kan de app niet weten. Meet één keer wat je werkelijk uitkomt na het inmaischen, en stel je mouttemperatuur bij tot het klopt. Daarna klopt het bij elk recept op die installatie.
Op welke stap wordt gestort. De app rekent met de temperatuur van je eerste maischstap — dezelfde stap die bovenaan de afteltimers eronder staat. Heeft je recept geen eigen maischschema, dan gebruikt het logboek het standaardschema en stort je dus op de eiwitrust. Zit er helemaal geen mout in je recept, dan blijft er een streepje staan.

De gisting volgen en bijsturen

Het vergistingsschema in het logboek is aanpasbaar, net als je moutstort en je hop. Per stap wijzig je de naam, de temperatuur, een eventuele eindtemperatuur en het aantal dagen; met + Stap toevoegen zet je er een fase bij en met ✕ haal je er een weg. De datums ernaast schuiven meteen mee, dus je ziet direct wanneer de volgende stap aan de beurt is.

Een nieuwe stap begint op de temperatuur waar de vorige eindigde. Dat is bijna altijd wat je bedoelt als je halverwege een fase toevoegt.

Het recept blijft ongemoeid. Duurt je hoofdgisting twee dagen langer dan gepland, dan zet je dat hier bij — dat is wat er die keer gebeurde, geen wijziging aan je plan. Wil je het voortaan zo doen, pas het dan in de recepteditor aan.
Heeft een brouwsel nog geen schema, dan staat de kaart er toch, met een knop om er een te beginnen. Zo kun je de gisting ook volgen van een recept waarin je geen profiel had gezet.

De kooktimer waarschuwt bij elke hopgift

Koppel je een recept aan je brouwdag, dan leest de kooktimer het hopschema mee. Bij elke gift met gebruik Koken gaat hetzelfde alarm af als bij een maischstap: geluid dat zich herhaalt tot je bevestigt, een trilsignaal op Android en een browsermelding. Onder de klok staat bovendien welke gift er als volgende komt en over hoeveel tijd, zodat je hem alvast kunt afwegen.

De tijden zijn resterende kooktijd, zoals brouwers ze noteren. Een hop op 60 minuten gaat er bij een kook van 60 minuten dus meteen in, en bij een kook van 90 minuten pas na een half uur. Staat er een gift op meer minuten dan je kooktijd, dan meldt de app hem bij de start — later kan niet meer.

Alleen giften met gebruik Koken krijgen een eigen alarm. Eerste wort zit er al in voordat de timer loopt, whirlpool en dry-hop komen erna, en hopextract gaat pas na de gisting in het bier. Hop op 0 minuten krijgt geen apart signaal maar wordt genoemd in het eindalarm — twee alarmen op hetzelfde moment is geen alarm meer maar lawaai.

Zet je de kook terug met ↩, dan staan alle giften weer open. Handig als je opnieuw moet beginnen omdat er iets misging.

Overige ingrediënten doen mee. Bij elk overig ingrediënt met moment Koken vul je bij Tijd de resterende kooktijd in minuten in, precies zoals bij hop. Sinaasappelschil, koriander en Ierse mos krijgen daarmee hun eigen alarm. Dat luistert nauw: koriander en schil geven hun aroma af aan de stoom, dus tien minuten te vroeg is de helft van je aroma kwijt.

Een overig ingrediënt zonder tijd staat op nul en krijgt geen eigen alarm — vul het veld in en het doet mee. Bij een ander moment dan Koken staat er een streepje: daar heeft een tijdstip in de kook geen betekenis.

Je eigen batchnummers

Het nummer linksboven in het logboek is vrij in te vullen. Werk je met een eigen reeks als GB202, KB22 of 2026-014, typ die dan gewoon in; letters, streepjes en voorloopnullen mogen allemaal.

De app telt zelf door op het laatste cijferblok en laat de rest staan: na GB202 komt GB203, na 2026-014 komt 2026-015, en GB007 wordt GB008. Wissel je van reeks door het laatst aangemaakte brouwsel op KB22 te zetten, dan krijgt het volgende brouwsel KB23. Je hoeft het voorvoegsel dus maar één keer per reeks te typen.

Maak je een nieuw brouwsel aan, dan staat het eerstvolgende nummer al als voorstel in het naamveld. Druk je meteen op OK, dan heet het brouwsel GB203 én draagt het dat nummer. Typ je liever een echte naam, bijvoorbeeld Tripel proefbrouw, dan krijgt het brouwsel die naam en houdt het GB203 als nummer.

Onder Instellingen → Volgend brouwnummer stel je in wat het eerstvolgende brouwsel krijgt, bijvoorbeeld als je overstapt vanuit een ander programma en verder wilt tellen. In het overzicht wordt op batchnummer gesorteerd in natuurlijke volgorde, dus GB9 staat vóór GB99 en niet erachter.

Brouwdag-aanpassingen — zonder het recept te wijzigen

Het brouwsel werkt altijd op een kopie van het recept. Alles wat je in het logboek aanpast geldt alléén voor die brouwdag: hoeveelheden wijzigen, ingrediënten toevoegen (+ Voeg toe) of verwijderen (✕), en zelfs de gist wisselen — de attenuatie van de nieuwe gist wordt automatisch overgenomen. OG, FG, ABV, IBU en EBC worden live herberekend. Het originele recept in je bibliotheek blijft altijd ongewijzigd. Handig wanneer een grondstof niet voorradig is of een hoplot een ander alfazuurpercentage heeft.

Het batchvolume aanpassen — met of zonder schalen

Verander je het batchvolume, dan verandert alléén het volume. Je moutstort, je hopgiften en je gist blijven staan zoals ze zijn. Je ziet dus meteen wat er met je bier gebeurt: dezelfde mout in minder liters geeft een hogere stamwort en meer bitterheid. Dat is precies wat je wilt weten als je 18 liter uit de ketel haalde waar je 20 verwachtte.

Wat wél opnieuw wordt uitgerekend zijn het kookvolume en je maisch- en spoelwater. Dat is geen schaling maar een afgeleide: die volgen uit je moutstort en je installatieprofiel, en zouden bij het nieuwe volume anders niet meer kloppen.

Wil je het recept wél omrekenen naar een andere batchgrootte, gebruik dan de knop ⚖️ Schaal naast het volumeveld. Daar zie je eerst de factor en een voorbeeld, en pas na Pas toe worden de hoeveelheden aangepast. Na een volumewijziging verschijnt er een regel met die knop erbij, zodat je hem niet hoeft te zoeken.

Het volumeveld schaalt je ingrediënten niet mee. Je typt er wat je werkelijk in de kuip hebt, en je moutstort blijft staan zoals je hem hebt opgeschreven. Wil je wél schalen, dan is daar de knop ⚖️ Schaal voor, met een voorbeeldweergave en een bevestiging.

Het brouwseloverzicht

Op het tabblad Overzicht staat een grafiek van je laatste twintig brouwsels. Met de keuzelijst Toon kies je wat je erin ziet: alcohol, bitterheid, kleur, stamwort, eindgewicht of je gemeten rendement. Zo zie je in één oogopslag of je bieren bitterder worden of je rendement stijgt — iets wat de tabel eronder niet laat zien.

Bij stamwort en eindgewicht begint de as bij 1.000 in plaats van bij nul. Anders zouden 1.040 en 1.080 op de schaal nauwelijks van elkaar verschillen. Een brouwsel waarvoor je die waarde niet hebt ingevuld krijgt geen staaf; een staafje van niets zou een meting suggereren die er niet is.

Klik op een rij in de tabel eronder om het brouwdaglogboek van dat brouwsel te openen. Dat werkt ook met de tabtoets en Enter.

Mout & Granen

De moutsectie bevat een database van meer dan 80 mouten en granen, ingedeeld in categorieën:

CategorieVoorbeeldenMax. aandeel
BasismoutPilsner, Pale Ale, München100%
Karamel/CrystalCrystal 40L, Caramunich25%
GeroosterdChocolade, Black Patent15%
Ongemout graanHaver, Tarwe, Rogge40%
Suiker/ExtractKandijsuiker, DME20% (info)
⚠️ Waarschuwingen: BROUWHULP '26 waarschuwt automatisch wanneer specialmout-percentages te hoog worden, gebaseerd op Palmer "How to Brew" en BJCP-richtlijnen.

Suiker of honing pas tijdens de gisting toevoegen

In de moutlijst staat een kolom Toevoegen met vier momenten. Ze staan op volgorde van de brouwdag, en ze bepalen in welke berekening het ingrediënt meetelt:

MomentMaischwaterSG vóór kokenBegin SG (OG)Alcohol
Maischjajajaja
Ketelneeneejaja
Gistingneeneeneeja
Bottelenneeneeneeja

Maisch is de standaard en het gewone geval: graan en alles wat je bij het maischen meedoet. Ketel is voor suiker of extract dat je pas in de kookketel gooit — dat zie je terug in je begin-SG maar níét in het SG dat je vóór het koken meet, want dan zit het er nog niet in. Zet je hem op Gisting, dan verschijnt er een dagveld — standaard dag 3. Dat is de gebruikelijke keuze: de hoofdgisting is dan over haar hoogtepunt en de gist pakt de nieuwe suiker rustig op in plaats van er in één klap doorheen te razen. Bottelen is voor bottelsuiker en heeft geen dag.

Waarom dat verschil er toe doet. Het SG vóór het koken is een meting die je op de brouwdag doet: je leest hem af uit de ketel voordat je het vuur aanzet. Staat je kandijsuiker op Maisch terwijl je hem pas bij vlam-uit toevoegt, dan verwacht de app een hogere meting dan je zult zien, en ga je een rendement corrigeren dat niets mankeert.

Dit is waarvoor je het gebruikt: honing in een tripel, kandijsuiker in een quadrupel, of gewoon suiker om een zwaar bier verder uit te laten gisten zonder de gist bij de start onder osmotische druk te zetten.

De app rekent daar anders mee dan met suiker in de ketel, en dat verschil is de hele reden dat deze kolom er is:

Suiker in de ketelSuiker op dag 3
OGtelt meetelt niet mee
Voorkook-SGtelt meetelt niet mee
IBUtelt meetelt niet mee
Alcoholtelt meetelt mee
FGgeen verschil: enkelvoudige suiker vergist volledig

De OG is het belangrijkste van die rij. Je meet je stamwort op de brouwdag, en de honing zit er dan nog niet in. Zou de app hem toch meetellen, dan voorspelt hij 1.086 waar jij 1.071 meet en ga je een rendementsprobleem zoeken dat niet bestaat. Om dezelfde reden telt de gift niet mee in de bitterheid: hij heeft nooit in de kookketel gezeten en verdunt het wort dus ook niet tijdens het koken.

Onder de OG verschijnt een tweede regel met de dichtheid inclusief de late suiker. Dat getal ligt onder je alcoholpercentage — zonder die regel lijkt de alcohol uit de lucht te komen vallen.

Een honingtripel, om het concreet te maken. 5,5 kg pilsmout en 0,5 kg suiker in de ketel, 1 kg honing op dag 3, 20 liter, 85 % vergistingsgraad. Je meet OG 1.071 zoals zonder de honing, je krijgt 10,8 % alcohol zoals mét de honing, en je IBU blijft die van het recept zonder honing.

De brouwkaart, de afdruk en de deeltekst zetten er pas op dag 3 van de gisting achter, zodat je het op de dag zelf niet per ongeluk in de ketel gooit. In BeerXML gaat het mee als ADD_AFTER_BOIL met de dag in de notitie; komt er een bestand binnen zonder dagnotitie, dan valt de app terug op dag 3.

Wat op Gisting staat telt ook niet mee in je maischsom: niet in het maischwater, niet in de water/moutverhouding, niet in de korrelabsorptie en niet in de maisch-pH. Bij honing viel dat niet op, want suiker en extract vallen daar toch al buiten. Zet je een gewone mout op Gisting — of komt er honing binnen uit een ander programma zonder dat het type meekomt — dan is het verschil een hele kilo graan, en dat is ongeveer een liter maischwater plus een liter die in het draf achterblijft.

Bottelsuiker

De derde keuze in de kolom Toevoegen is Bottelen. Vul je bottelsuiker daarmee in de moutlijst in, dan telt hij mee waar hij hoort:

Bottelsuiker
OGtelt niet mee — die meet je in de kuip
FGtelt niet mee — die meet je vlak vóór het bottelen
IBUtelt niet mee — de suiker heeft de ketel nooit gezien
Alcoholtelt wél mee — ook in de fles maakt suiker alcohol

Zeven gram per liter, een gewone gift voor 2,4 volumes CO₂, levert ongeveer 0,4 % extra alcohol op. Dat is geen afronding: het is het verschil tussen een tripel van 8,0 en een van 8,4 %.

Waarom niet onder Overige ingrediënten? Dat kan wel — daar staat Botteling al langer in de momentenlijst — maar overige ingrediënten dragen geen extract. De app weet van koriander niet hoeveel SG-punten er per kilo in zitten, en van suiker in de moutlijst wél. Zet je bottelsuiker daarom in de moutlijst; dan rekent hij mee. Onder Overige blijft hij een aantekening op je brouwkaart, wat voor klaringsmiddelen precies goed is.

Er is geen dagveld bij Bottelen: bottelen is geen gistingsdag. Hoeveel suiker je nodig hebt voor een bepaald aantal volumes CO₂ rekent het gereedschap Bottelsuiker uit — die twee bijten elkaar niet, de tool rekent wat je nodig hebt en de receptregel legt vast wat je toevoegt.

Wat betekent punten/kg?

Punten/kg is hoeveel SG-punten één kilo van een grondstof oplevert in één liter wort, bij een rendement van 100 %. Eén kilo suiker opgelost tot één liter geeft SG 1.384 — dus suiker staat op 384 punten. Pilsmout haalt dat niet en zit rond de 300.

Mouterijen zetten dit getal niet op hun certificaat; die geven het extractgehalte in procenten. Omrekenen gaat zo:

Je hebtRekensomVoorbeeld
Extract in %% × 3,8480 % → 307 punten
PPG (Amerikaans)PPG × 8,3537 PPG → 309 punten
Opbrengst als SG(SG − 1) × 83501.037 → 309 punten

In het formulier + Eigen mout toevoegen hoef je niets uit te rekenen: vul het extractgehalte in en het veld Punten/kg wordt vanzelf gevuld. Andersom werkt ook.

Let op twee dingen. Een certificaat vermeldt het extract meestal watervrij (dry basis). Mout bevat zo'n 4 % vocht, dus in de praktijk haal je iets minder: 80 % watervrij komt neer op ongeveer 76,8 % en dus ~295 punten. En vul hier niet je brouwzaalrendement in — dat geef je apart op bij het recept, waar het over alle mout tegelijk wordt toegepast.

Namen en volgorde van de lijsten

De merknaam staat niet in de naam van een mout. Pilsmout heet gewoon Pilsmout 3 EBC. Reden: de app wordt ook in het Engels en Spaans gebruikt, en daar ligt ander mout in het schap — een naam met een Belgische mouterij erin klopt daar niet. De leverancier is niet verdwenen maar staat in een eigen kolom Producent op het tabblad Ingrediënten, en je kunt er gewoon op zoeken.

Hetzelfde geldt voor gist: die heet SafAle US-05, niet SafAle US-05 (Fermentis). Het merk staat in de kolom Producent, waar je erop kunt zoeken en sorteren.

Oudere namen worden herkend. Kom je een recept, een backup of een BeerXML-bestand tegen waarin een mout of gist het merk nog in de naam draagt, dan vertaalt de app die naam automatisch naar de huidige — inclusief je prijzen en je voorraad. Heb je zelf een ingrediënt aangemaakt dat precies zo heet als een ingrediënt uit de meegeleverde database, dan krijgt dat van jou er (eigen) bij en blijven je recepten daarnaar verwijzen. Anders zou de app stilzwijgend met andere cijfers gaan rekenen dan die van jou.

Voeg je zelf een ingrediënt toe, dan is er een veld Producent waarin je kwijt kunt van wie je het betrekt. Dat geldt voor mout, hop, gist en overige ingrediënten, en je kunt het bij bestaande eigen ingrediënten alsnog invullen.

De leverancier staat ook op de plek waar je hem nodig hebt: achter de naam in de keuzelijst van je recept, in de voorraad en op de boodschappenlijst. Zo houd je drie pilsmouten die alleen in EBC verschillen uit elkaar. Bij hop staat er het land van herkomst, want daar is geen merk van bekend. Wat wordt opgeslagen is alleen de naam.

Je eigen ingrediënten aanpassen

Alles wat je bij een eigen ingrediënt hebt ingevuld is achteraf te wijzigen, rechtstreeks in de tabel op het tabblad Ingrediënten. De naam en de producent; bij mout de punten, de EBC en het type; bij hop het alfazuur, het type en de herkomst; bij gist de vergistingsgraad, de vorm en de temperatuur; bij overige ingrediënten het type, de eenheid, de maximale dosis en de opmerking. Een wijziging wordt meteen bewaard en werkt door in je recepten.

Ook de naam kun je wijzigen. Typ in de naamkolom en klik ergens anders. De naam is de sleutel waaraan je recepten, je receptversies, je brouwsels, je prijs en je voorraad hangen, en die vijf gaan in dezelfde beweging mee — je hoeft niets opnieuw in te vullen, ook niet in een recept dat op dat moment openstaat. Een lege naam wordt geweigerd, en een naam die al bestaat ook: twee ingrediënten met dezelfde naam zouden één voorraadregel en één prijs delen zonder dat je het merkt. Een handvol namen is ook niet toegestaan, omdat de app ze zelf gebruikt of ze vroeger aan een standaardingrediënt toebehoorden — je krijgt dan te lezen waarom.

Zo houd je drie pilsmouten van verschillende leveranciers uit elkaar: geef ze elk een eigen naam — Pilsmout Dingemans, Pilsmout Belgomalt — en vul de producent in. Elk heeft dan zijn eigen prijs, zijn eigen voorraad en zijn eigen punten, en in de keuzelijst van je recept staat achter de naam van wie hij komt.

Bij een eigen gist kies je Droog of Vloeibaar, geen bierstijl. Dat is het enige dat de app ermee doet: droge gist wordt in grammen gedoseerd, vloeibare in pakken. Staat een eigen gist op Droog terwijl je hem vloeibaar koopt, dan zet je dat met één klik om.

Alle lijsten — mout, hop, gist, overige ingrediënten en bierstijlen — staan op alfabetische volgorde. Bij hop, mout en overige ingrediënten geldt dat binnen de groepen waarin de keuzelijst is ingedeeld (bij overige bijvoorbeeld Citrus, Vruchten, Kruiden). Ingrediënten die je zelf toevoegt staan onderaan in een eigen groep Eigen mout / Eigen hop / Eigen gist.

De bierstijl kiezen

De keuzelijst met stijlen is gegroepeerd per biertype — lager, tarwebier, pale ale en IPA, amber en bitter, stout en porter, Belgisch en Frans, zuur en wild, sterk bier, en fruit- kruiden- en rookbier. Binnen elke groep staat het alfabetisch. Zo staat de Amerikaanse IPA naast de Engelse in plaats van veertig regels verderop.

Boven de lijst staat een zoekveld. Typ ipa, stout of weizen en de lijst krimpt tot wat erop lijkt; accenten en hoofdletters tellen niet mee, dus munchner vindt ook Münchner. Esc maakt het veld leeg.

Valt de stijl die je al gekozen had buiten je filter, dan blijft hij gewoon staan en zegt de app dat erbij. Je verliest hem dus niet door te zoeken.

Hop

Voeg hoptoevoegingen toe met het gewicht, alfazuurpercentage, gebruik en tijdstip. De IBU wordt berekend via de Tinseth-formule.

GebruikUitleg
KokenStandaard bitterhop. IBU afhankelijk van kooktijd.
Eerste wort (FWH)Toegevoegd voor het koken. Milde bitterheid, goede integratie.
WhirlpoolNa het koken. Vul de standtijd in bij Kooktijd en de temperatuur bij WP °C — de bitterheid volgt daaruit
DryhopTijdens de gisting. Puur aroma, geen IBU.

Whirlpool: hoe de bitterheid wordt berekend

Een whirlpoolgift krijgt een volwaardige IBU-berekening, op temperatuur én standtijd. Zet de rij op Whirlpool, vul de standtijd in bij Tijd (min) en de worttemperatuur bij WP °C. Vul je geen temperatuur in, dan rekent de app met 80 °C.

Ter illustratie, 50 g hop van 12 % alfazuur in 20 liter, dertig minuten stand:

TemperatuurIBU
70 °C10
80 °C14
90 °C20
99 °C28

Waarom niet gewoon Arrhenius

De verleiding is om de reactiesnelheid van de isomerisatie door te trekken naar lagere temperaturen, zoals bij de hoogtecorrectie. Dat geeft 2 % benutting bij 80 °C en 14 % bij 99 °C — een factor zeven. Gemeten waarden liggen veel vlakker: Rodammer mat in samenwerking met het laboratorium van Bell's Brewery (AHA, 2017) 3,96 % bij 82 °C tegen 4,36 % bij 99 °C, telkens dertig minuten. Een factor 1,1 dus, geen factor zeven.

Waarschijnlijk komt een deel van die bitterheid niet van iso-alfazuren maar van humulinonen, die bij lagere temperatuur gewoon oplossen zonder isomerisatie. De app rekent daarom met een gedempt model: de kinetische factor tot de macht 0,4, een plafond van 12 % benutting en een tijdfactor die snel oploopt en dan afvlakt. Dat sluit aan bij dezelfde meetreeks over de tijd — 10 tot 60 minuten bij ongeveer 95 °C gaf 3,6 tot 5,1 %.

Dit blijft een schatting. De spreiding tussen gepubliceerde whirlpoolmetingen is groot, en er is geen model dat het eens is met alle metingen. Wie zijn eigen bier laat meten en er structureel naast zit: laat het weten, dan kijk ik ernaar.

Standtijd en temperatuur staan ook op de brouwkaart en in de deeltekst, zodat je op de brouwdag ziet bij hoeveel graden je moet hoppen en hoe lang. In BeerXML gaan ze allebei mee.

Pellets, bloemen of T-45?

Per hopgift kies je bij Vorm hoe de hop geleverd is. Dat werkt door in de benutting:

VormBenuttingToelichting
Pellets T-90100 % (standaard)Verreweg het meest gebruikt. Het plantmateriaal is vermalen, waardoor de alfazuren vlotter vrijkomen
Bloemen90 %Hele bellen: de alfazuren zitten nog opgesloten in het blad en het hopbed houdt meer wort vast
T-45 / Cryo100 %Lupuline-concentraat. Géén extra factor — zie hieronder
T-45 en Cryo tellen niet dubbel. Deze producten geven meer bitterheid per gram doordat hun alfazuurgehalte ongeveer twee keer zo hoog is — dat staat op de verpakking. Vul dat hogere percentage in bij Alfazuur, dan klopt de IBU vanzelf. Zou de app daar nóg een factor 2 overheen leggen, dan telde je de concentratie twee keer.

Bestaande recepten staan op pellets, dus je berekende IBU verandert niet door deze keuze. Bij export naar BeerXML gaat de vorm mee als Pellet of Leaf; BeerXML kent T-45 en Cryo niet als aparte soort.

Oogstjaar en bewaring — hopveroudering

Alfazuren breken af door oxidatie. Vul per hopgift het oogstjaar en de bewaarwijze in; de app rekent dan met het werkelijk resterende alfazuur. Onder de IBU-waarde verschijnt het effectieve percentage zodra het verlies groter is dan 2%. Laat je het jaar leeg, dan wordt er geen correctie toegepast.

BewaringVerlies per jaarVoorbeeld: 12% α na 2 jaar
❄️ Diepvries, luchtdicht±5%10,9%
🧊 Koelkast, luchtdicht±14%9,0%
🏠 Kamertemperatuur, luchtdicht±30%6,1%
📂 Kamertemperatuur, open verpakking±45%3,8%
⚠️ Schatting: het werkelijke verlies verschilt sterk per ras (de Hop Storage Index loopt uiteen van 0,2 tot 0,6). Staat het alfazuurpercentage op je verpakking, gebruik dat dan als uitgangspunt; het percentage in de database is slechts een typische waarde.

Geïsomeriseerd hopextract (tetrahop, isohop)

Kies bij Gebruik de optie Extract (na gisting) voor producten als Tetrahop Gold, Isohop, Hexahop of Redihop. Deze extracten bevatten al geïsomeriseerde alfazuren: ze hoeven niet mee te koken en worden ná de gisting gedoseerd, meestal vlak voor het bottelen.

De bitterheid wordt gerekend op vrijwel volledige benutting: IBU = mL × %iso × 1000 / batchvolume. Voorbeeld: 2 mL Tetrahop Gold 10% in 20 L geeft 10 IBU.

💡 Waarom extract? Handig om achteraf bij te sturen als je bier te weinig bitter is, en tetra- en rho-varianten maken bier lichtstabiel (geen "skunky" smaak in doorzichtige flessen).
💡 BU:GU verhouding: Een handige richtlijn is IBU / ((OG-1)×1000). Onder 0.5 = moutig, 0.5–0.8 = gebalanceerd, boven 0.8 = bitter-voorwaarts.

Gist

Selecteer een gist uit de database (Fermentis, Lallemand, Mangrove Jack's, Wyeast, White Labs). Staat jouw gist er niet bij, kies dan onderaan de keuzelijst ✏️ Eigen gist toevoegen…: je vult naam, vergistingsgraad en vorm in, en hij staat meteen in je recept én in je ingrediëntenlijst — met prijs, voorraad en boodschappenlijst. Het kan ook vooraf via Ingrediënten → Eigen gist. De vergistingsgraad is verplicht: die bepaalt je eindgewicht, dus die kan de app niet voor je invullen. Het rechterpaneel toont je pitching rate en vergelijkt die met wat je nodig hebt. Dat aantal komt uit hetzelfde celmodel als het gereedschap Gistdosering (White & Zainasheff):

Miljoen cellen per mL per °Platotot OG 1.061vanaf OG 1.061
Ale (bovengistend)0,751,0
Lager (ondergistend)1,52,0

Twee onafhankelijke redenen, en ze stapelen. Een lager gist bij 8–13 °C: koud gist groeit trager en vermeerdert zich minder, dus je vult het tekort aan de voorkant aan in plaats van de gist het zelf te laten inhalen — en de fouten van onderdoseren, diacetyl en zwavel en esters, vallen in een schoon bier meteen op. Zwaar wort zet de gist onder osmotische druk, waardoor ze zich slechter vermeerdert; vandaar een derde erbovenop vanaf 1.061. Een zware lager heeft met allebei te maken en komt daarom op 2,0 uit.

Een hoger tarief betekent niet automatisch meer gist. Het geldt per °Plato, en zwaar bier heeft er meer van. Een pils van 1.048 (11,9 °P) vraagt op 20 liter 357 miljard cellen; een tripel van 1.075 (18,2 °P) vraagt er 364 — vrijwel evenveel, ondanks het lagere tarief. Pas een zware lager loopt echt uit de pas: een doppelbock van 1.080 komt op ruim 570 miljard, en dat is een starter, geen pakje.

Droge gist levert ongeveer 20 miljard levensvatbare cellen per gram, een pak vloeibare gist 100 miljard. Bij droge gist toont de app het advies in grammen, bij vloeibare gist in pakjes — die worden nu eenmaal niet per gram verkocht.

Droge gist: de opgave van de fabrikant

Voor droge gist volgt de app niet het celmodel maar de dosering die de fabrikant zelf publiceert, in gram per hectoliter. Dat getal bevat hun eigen celtelling én hun eigen levensvatbaarheid, en is dus betrouwbaarder dan een aanname van 20 miljard cellen per gram — die verschilt namelijk per fabrikant en zelfs per stam.

Vanaf 15 °Plato schaalt de hele reeks mee met de sterkte van het bier. Vergist je ondergistend onder de 12 °C, dan loopt het advies verder op: Fermentis adviseert voor W-34/70 tot 200–300 g/hL bij 9 °C. De app leest die temperatuur uit de eerste stap van je vergistingsprofiel.

Waarom de ondergrens hoger ligt dan het celmodel. Bij een gewone ale van 20 liter komt het celmodel op ruim 9 gram uit en Fermentis op minimaal 10. Dat verschil is opzet: een fabrikant zet zijn ondergrens aan de royale kant omdat hij geen klachten over trage vergisting wil. Wie zelf telt mag lager gaan.

Meerdere gisten in één recept

De gistkaart is een lijst, net als die van mout en hop. Met + Gist voeg je er een toe; per rij kies je de gist, de vorm en de hoeveelheid. Meer dan zes gisten in één recept houdt de app tegen — dan is het geen recept meer maar een experiment.

In de kolom Toevoegen staat wanneer de gist erin gaat:

Bottelgist is geen gist voor dag 7. CBC-1 gaat niet ergens tijdens de gisting erin maar in de bottelemmer, samen met je suiker — en tussen het einde van de gisting en dat moment kunnen weken lageren zitten. Vandaar de aparte keuze Bottelen, zonder dagveld: een gistingsdag zou daar een verkeerd getal én een verkeerd beeld zijn.

In de lijst staan twee bottelgisten: CBC-1 van Lallemand en SafAle F-2 van Fermentis. Fermentis geeft voor F-2 een dosis van 2 tot 35 gram per hectoliter bij 15–25 °C, en adviseert hem niet rechtstreeks in het bier te strooien maar eerst te rehydrateren in minstens tien keer zijn eigen gewicht aan steriel water van 25 tot 29 °C.

Bij F-2 staat een streepje in plaats van een percentage. Dat is geen ontbrekend gegeven maar een bewuste leegte: Fermentis gééft voor deze gist geen vergistingsgraad — op de technische fiche staat "nvt". Hij krijgt ook geen wort te zien, alleen bottelsuiker. Een getal zou hier een specificatie suggereren die niet bestaat, en dat getal zou vervolgens meerekenen in je FG.
Een gist op Bottelen telt niet mee voor je vergistingsgraad. Die gaat er pas in na de hoofdgisting en soms na weken lageren; op je eindsoortelijke massa heeft hij dan niets meer te zeggen. Een weizen met WB-06 (67%) en CBC-1 (75%) rekent dus met 67%, niet met 75%. De uitzondering hangt aan het moment en niet aan de stam: zet je US-05 op Bottelen, dan telt die evenmin mee.

Dat verschil is niet cosmetisch. Een gist die er pas op dag 7 bij komt telt niet mee in je pitching rate, want die gaat over hoeveel cellen je bij de start in je wort gooit. Ent je er twee tegelijk, dan telt het paneel de cellen van allebei op en legt het totaal naast wat je nodig hebt — een dosering in gram per hectoliter zou daar onzin zijn, want die geldt per product.

De vergistingsgraad is de hoogste van je gisten. Bij co-pitchen bepaalt de meest vergistende stam in de praktijk je eind-SG; de gisting stopt niet halverwege omdat de helft van je gist minder ver komt. Een gewogen gemiddelde ziet er wetenschappelijker uit en is brouwtechnisch slechter. Het attenuatieveld blijft van jou: wat je zelf invult blijft staan.

Boodschappenlijst, voorraad en kostprijs tellen alle gisten mee, elk in zakjes. Op de brouwkaart en in de deeltekst staat per gist wanneer hij erin gaat. In BeerXML krijgt elke gist een eigen YEAST-element; een late gift gaat mee als ADD_TO_SECONDARY met de reden in de notitie. Een bestand met meerdere gisten wordt op dezelfde manier ingelezen.

Een recept met één gist heeft gewoon één rij. Lees je een recept in dat de gist nog als los veld bewaart — een oude backup, een BeerXML-bestand — dan wordt dat automatisch die eerste rij, met dezelfde hoeveelheid en dezelfde vorm.

Gram, pakken of een starter

Naast de gistkeuze staat Gistvorm. Kies je Droog, dan vul je grammen in zoals altijd. Kies je Vloeibaar, dan tel je pakken. Kies je Starter, dan vul je het aantal liter starter in dat je hebt opgekweekt — geen omrekenen meer op een papiertje.

De app zet alle drie om naar hetzelfde getal: het aantal cellen dat in je wort belandt. Het rechterpaneel zet dat naast wat je nodig hebt, dus je ziet in één oogopslag of je starter groot genoeg was. Een liter starter van 1.036 bevat ongeveer 37 gram extract en levert met een roerplaat ongeveer 1,4 miljard nieuwe cellen per gram. Zonder roerplaat kun je ongeveer de helft aanhouden; de app rekent met roerplaat en zegt dat erbij.

Een recept zonder gistvorm wordt gelezen als droge gist in gram. Dat is de veilige lezing: een recept dat alleen een aantal grammen bewaart, is niet opeens een aantal pakken.
De gistvorm in je recept gaat vóór de database. Dezelfde stam is soms als korrelgist én als pak vloeibare gist te koop. Wat je in de kolom Vorm zet, bepaalt de eenheid van het advies — ook als de database dat product anders kent. Koop je een stam die daar vloeibaar heet als korrelgist, zet de vorm dan op Droog en je krijgt een dosering in gram.

Laat je het hoeveelheidsveld leeg, dan valt er niets te vergelijken en beantwoordt het paneel de andere vraag: hoeveel heb je nodig? Bij vloeibare gist staat er dan het aantal pakken dat je moet inslaan, bij een starter het aantal liter dat zoveel cellen oplevert.

Vloeibare gist: cellen per pak verschillen per merk

Vloeibare gist wordt per pak verkocht, en de pakken zijn niet gelijk. De app rekent met de opgave van het merk: Omega 150 miljard, Wyeast en White Labs 100 miljard, onbekende merken voorzichtig 100. Het advies staat daarom in pakken, niet in grammen.

Let op de OG. Voor vloeibare gist rekent de app met het celmodel, en de celbehoefte loopt recht evenredig met het aantal °Plato. Een quadrupel van 1.090 vraagt bijna drie keer zoveel gist als een sessiebier van 1.035 bij hetzelfde volume.

Onder 70% van het aanbevolen aantal kleurt de melding rood, tussen 70 en 90% oranje, en boven het dubbele waarschuwt de app voor autolyse.

Overige ingrediënten

Voeg kruiden, vruchten, specerijen en klaringsmiddelen toe via de 🍊 Overige Ingrediënten-kaart. De database bevat ~45 ingrediënten in categorieën:

Per ingrediënt kies je het moment waarop het erin gaat. De lijst staat op volgorde van de brouwdag: maisch, spoelwater, koken, whirlpool, dry-hop, secundaire gisting, botteling. Brouwzouten die in je spoelwater horen kies je dus als Spoelwater; op de brouwkaart en in de deeltekst staan ze dan ook op die plek, en niet tussen de kookgiften.

Elk ingrediënt heeft een maximale dosering per 20L als referentie. Bij overschrijding verschijnt een waarschuwing.

Maischschema

Voeg maischstappen toe met temperatuur en duur. Op brouwdag verschijnen deze stappen in het logboek als individuele afteltimers — start een stap en de timer telt automatisch af. Bij voltooiing krijg je een browsernotificatie (als je toestemming hebt gegeven).

BROUWHULP '26 berekent ook automatisch:

Enkelvoudig of in stappen maischen

Onder het maischschema staan twee rijen knoppen. Met Snel toevoegen zet je één rust in het schema; met Heel schema vervang je het volledige schema in één klik.

KnopSchemaWaarvoor
🍯 Enkelvoudig 67°C67°C · 60 minVerreweg het meest gebruikt. Bij 67°C werken beta- en alfa-amylase allebei nog: genoeg vergistbare suikers voor een droog bier, genoeg dextrines voor body
🍯 Enkelvoudig + uitmaischen67°C · 60 min, daarna 78°C · 10 minZelfde rust, met een amylasestop. Maakt het wort dunner en dus makkelijker te spoelen
🧬 Klassiek stappenschema52 / 62 / 72 / 78°CEiwitrust en gescheiden amylaserusten. Zinvol bij tarwe, rogge of slecht gemodificeerde mout

Wil je droger uitkomen, ga dan iets lager zitten — 64 tot 65°C geeft meer vergistbare suikers. Voor meer body maisch je op 68 tot 69°C. Het conversieadvies onder het schema laat meteen zien hoeveel minuten er bij die temperatuur minimaal nodig zijn.

⚠️ Vervangt het hele schema: deze drie knoppen gooien weg wat er staat. Heb je zelf een schema samengesteld, dan vraagt de app eerst om bevestiging; wissel je tussen de kant-en-klare schema's, dan gebeurt dat zonder vragen.

Je eigen installatie instellen

Elke brouwinstallatie verdampt anders. Onder Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie geef je vijf waarden op die de hele waterberekening sturen:

InstellingBetekenisStandaard
KookverdampingLiters die per uur wegkoken3,0 L/uur
KorrelabsorptieVocht dat in het draf achterblijft0,8 L/kg
MaischdikteWater per kilo mout in het maischvat; 0 = alles in één keer (BIAB)3,0 L/kg
Vast maischwaterMaisch je altijd met hetzelfde volume? Vul dat hier in; 0 = niet gebruiken0 L
Verlies kookketel/trubWat na overhevelen achterblijft1,5 L
Dode ruimte maischvatVocht onder de filterbodem0 L
Krimp bij afkoelenVolumekrimp van 100 °C naar 20 °C4%

Onder het maischschema toont de recepteditor de volledige waterbalans: hoeveel het draf vasthoudt, hoeveel er wegkookt (verdamping × kooktijd), het ketelverlies en de krimp — plus het benodigde voorkookvolume en totale watervolume. Klopt jouw maisch- en spoelwater daar niet mee, dan zie je precies hoeveel liter je tekortkomt. Met de knop 💧 Vul watervolumes in uit mijn installatie vult de app maischwater, spoelwater en kookvolume in één keer in.

Brouw je op meer dan één installatie — een clubketel en thuis een kleinere opstelling — bewaar ze dan apart. Vul de waarden in, klik op 💾 Bewaar als installatie en geef een naam als Clubketel 190 L. Boven het formulier staat een keuzelijst waarmee je er met één klik tussen wisselt; alle velden en de waterberekening schakelen mee. Je installaties gaan mee in de back-up.

⚠️ Een vast maischwatervolume hoort bij één ketel. Zet je 230 L vast en brouw je daarna een testbatch van 20 L, dan past dat niet en kapt de app het af met een melding. Wissel in dat geval van installatie in plaats van de getallen aan te passen.

Maisch je altijd met hetzelfde volume — bijvoorbeeld de werkvoorraad van je maischvat — vul dat dan in bij Vast maischwater. Dat krijgt voorrang boven de maischdikte en blijft gelijk of je nu 50 of 60 kilo mout gebruikt; het spoelwater vangt het verschil op. Reken je juist per kilo, laat dit veld dan op 0 staan.

Suiker en moutextract tellen niet mee in de waterberekening. Ze lossen op, houden geen water vast en gaan meestal niet eens in het maischvat. Alleen de granen bepalen dus de korrelabsorptie, de maischdikte en de water/moutverhouding. In de rechterkolom staan Totaal mout en Totaal suiker daarom apart; die tweede regel verschijnt alleen als er suiker of extract in het recept zit.

Suiker en extract tellen hier niet mee. Alleen graan houdt water vast in het draf, dus alleen graan bepaalt je maischwater en je korrelabsorptie. Bij een recept met 10 kg kandijsuiker scheelt dat ruim 8 liter. In je OG telt de suiker natuurlijk wél gewoon mee.

De maischdikte bepaalt hoe het totale water zich verdeelt over maischen en spoelen. Klassiek maischen met spoelen zit tussen 2,5 en 4 liter per kilo; brouw je in één keer op het volledige volume zonder te spoelen (BIAB), vul dan 0 in. Dit getal bepaalt de verdeling volledig: maisch je dunner dan je hier opgeeft, dan krijg je te weinig maischwater toegewezen en veel te veel spoelwater. Vul dus in wat je werkelijk doet.

De dode ruimte komt hier bovenop. Heb je een filterbodem, een pomp of een manifold, dan staat er vocht onder je graanbed dat niet meedoet aan de maisch. Vul dat in bij Dode ruimte maischvat en de app telt het bij je maischwater op. Een Grainfather G30 met 3,5 L dode ruimte en 2,7 L/kg krijgt bij 5,65 kg mout dus 5,65 × 2,7 + 3,5 = 18,8 L maischwater. Zou je die 3,5 L niet meerekenen, dan stond je mout in 11,8 L en was je dikte 2,08 in plaats van 2,7 — een kwart dikker dan je vroeg. Het tótale water verandert er niet door; er verschuift alleen water van het spoelen naar het maischen.
Blijft die dode ruimte achter, of komt hij mee? Dat verschilt per installatie, en het scheelt precies dat aantal liters in je totale water. Onder het veld staat daarom een keuzelijst.

Blijft achter (verlies) — bij een koelbox met filterbuis, een aparte filterkuip, of elk systeem waarbij je het wort overhevelt naar een andere ketel. Wat onder de bodem staat gaat niet mee, dus moet je het extra aanmaken.

Komt mee in de ketel — bij één vat met een pomp: Grainfather, Braumeister, Robobrew, Anvil Foundry, Brewzilla. Dat vocht staat in dezelfde ketel waarin je straks kookt; je tilt de moutpijp eruit en het gaat gewoon mee. Het is dan géén verlies, alleen water dat niet in je graanbed zit — en dat is precies waarom het wél bij je maischwater hoort en níét bij je totaal.

De standaard is blijft achter, zoals de app het altijd deed. Wie een all-in-one systeem heeft moet hem dus één keer omzetten; daarna klopt het.

Verwarm je je spoelwater in een apart vat? Dan is er een derde plek waar water achterblijft: onder de kraan en rond het verwarmingselement. Vul dat in bij Verlies heetwatervat. Verwarm je je spoelwater in dezelfde ketel, of spoel je helemaal niet, laat het dan op 0.

Blijft je dode ruimte achter, of komt hij mee? Onder het veld Dode ruimte maischvat staat een keuzelijst. Bij twee losse vaten blijft dat vocht achter en is het verlies; bij één vat met een pomp — Grainfather, Braumeister, Klarstein — gaat het gewoon mee de kook in en is het géén verlies. Staat de keuzelijst verkeerd, dan maakt de app precies die liters te veel aan. De waterbalans onder je recept zegt het erbij zodra er een dode ruimte als verlies wordt geteld.
Dit werkt anders dan de dode ruimte van je maischvat, en dat is met opzet. Water onder je filterbodem doet nog mee aan je maischdikte; water in je heetwatervat doet nergens aan mee. Je maisch- en spoelwater veranderen er dus niet van — het zou onzin zijn om meer over je graanbed te laten lopen dan je recept vraagt. Wat verandert is hoeveel je in dat vat doet en hoeveel je in totaal aanmaakt. De waterbalans onder je recept zet die twee getallen erbij zodra je een verlies hebt ingevuld.

De water/moutverhouding die de app bij je moutstort toont is daarom de dikte in het graanbed: het maischwater mín de dode ruimte, gedeeld door je mout. Dat is het getal dat je bedoelt als je over 2,7 L/kg praat — niet wat je in het vat giet. Bij een vast maischvolume gebeurt die correctie niet, want dat getal is de werkvoorraad van je vat en die telt de dode ruimte al mee.

Het maischwater in een bestaand recept verandert niet mee. Het staat als getal in het recept opgeslagen. Pas je later je installatieprofiel aan — een andere maischdikte, een dode ruimte die je eerst niet had — dan blijven oude recepten op hun oude getal staan. Op de watertab verschijnt dan een regel met wat je profiel nú zou geven, en een knop om die waarden over te nemen. Automatisch overschrijven doet de app niet: sommige recepten wijken met opzet af.

Meer dan één brouwinstallatie

Brouw je afwisselend thuis en op een clubketel, dan sla je die twee op als profiel in je instellingen. Bij het recept kies je vervolgens voor welke installatie het geschreven is. Laat je dat veld leeg, dan rekent het recept met de installatie uit je instellingen — precies zoals het altijd deed, dus aan je bestaande recepten verandert er niets.

Die keuze stuurt alles wat van je ketel afhangt: het maischwater, het spoelwater en het kookvolume, de water/moutverhouding onder de moutlijst — die trekt de dode ruimte van jouw vat eraf — en het kookpunt. Dat laatste zit in de bitterheid: staat er in het profiel een hoogte boven zeeniveau of een eigen kooktemperatuur, dan kookt het wort koeler, isomeriseren de alfazuren trager en valt de IBU lager uit. Op het scherm, in de receptenlijst en op de brouwkaart staat dan hetzelfde getal.

In het brouwdaglogboek staat diezelfde keuze nog een keer, en die begint op wat het recept zei. Brouw je die dag toch ergens anders, zet hem dan om: het maischwater, het spoelwater, het kookvolume en de bitterheid van dát brouwsel worden meteen opnieuw uitgerekend voor die ketel — ook op de brouwkaart die je afdrukt en in het overzicht. Naast de keuzelijst zie je wat eruit komt.

Koppel je in het logboek een ánder recept aan een brouwsel dat al op een ketel staat, dan gaat dat recept mee naar die ketel in plaats van andersom. Op de brouwdag telt het vat waar je in staat, niet het vat waarvoor het plan geschreven was.

Het recept blijft ongemoeid. Omschakelen in het logboek verandert alleen dat ene brouwsel. Het recept is wat je van plan was, het logboek is wat er werkelijk gebeurde — en die twee horen los te staan. Je moutstort, je hop, je gist en je gemeten rendement blijven ook onaangeroerd: een andere ketel verandert je waterhuishouding, niet je stort.
Verwijder je een profiel waar nog een recept of brouwsel naar wijst, dan valt de app terug op je instellingen. Dat gebeurt niet stilzwijgend: de verdwenen naam blijft in de keuzelijst staan met de vermelding dat hij niet meer bestaat, en er komt een regel bij die zegt dat er met je instellingen gerekend wordt. Anders zou je waterberekening veranderen zonder dat iets je waarschuwt.
💡 Zelf meten: je verdamping bepaal je door voor en na het koken het volume te meten: (voorkook − nakook) ÷ kooktijd in uren. Doe dit één keer; daarna kloppen al je recepten.

Bottelen: wat er werkelijk uitkwam

In het brouwdaglogboek, onder 🍾 Verpakken & Carbonisatie, vul je in hoeveel flesjes je hebt gevuld en hoe groot ze zijn. Ging er daarnaast iets op fust, dan zet je dat erbij. De app rekent je gebottelde volume uit en zet daar je verlies naast: het verschil met het batchvolume uit je recept, in liters en in procenten.

Het volume in de primingberekening loopt daar automatisch mee, want dat is precies het bier dat je suikert. Typ je daar zelf een getal, dan blijft dat staan — handig als je in een bottelemmer suikert en niet alles bottelt.

Waarom dit meer is dan een weetje. Je verlies zit in het gistbed, de slang en de restjes in de kuip. Loopt het structureel op tot boven de tien procent, dan staat je ketelverlies of je dode ruimte in Instellingen te laag — en dan komen ook je maisch- en spoelwater te krap uit. Het getal uit je flessenteller is dus een controle op je hele waterberekening.

Bottelsuiker: welke soort en hoeveel

De app rekent uit hoeveel suiker je nodig hebt voor het aantal CO₂-volumes dat je wilt, en houdt daarbij rekening met het koolzuur dat al in het bier zit — dat hangt af van de temperatuur waarbij je bier het laatst heeft gestaan. Vandaar dat temperatuurveld: bier dat op 20 °C stond bevat minder eigen CO₂ dan bier dat koud is weggezet, en heeft dus meer suiker nodig.

Je kunt kiezen uit tien soorten. Achter elke naam staat de factor: hoeveel keer zoveel je nodig hebt ten opzichte van gewone tafelsuiker. Die factor volgt uit het vergistbare deel van het product — factor = 1 ÷ vergistbare fractie.

Dit zijn typische waarden. Honing loopt van 78 tot 82 procent vergistbaar, siropen verschillen per merk en moutextract per fabrikant. Weet je van jouw product de vergistbare fractie, reken dan zelf: neem de grammen tafelsuiker die de app noemt en deel die door jouw fractie. Melasse staat er bewust niet bij: die loopt van 45 tot 60 procent en geeft zoveel smaak dat je hem niet om het koolzuur kiest — een getal dat er tientallen procenten naast kan zitten helpt niemand.

Wat de bottelsuiker met je bier doet

Die suiker vergist ook, en dat merk je op twee manieren. Er komt alcohol bij, en het water waarin je hem oplost verdunt je bier en vergroot je eindvolume. Vul dat water in bij Oploswater naast het suikertype; onder de uitkomst verschijnt dan wat er per saldo overblijft.

De alcohol volgt rechtstreeks uit je koolzuurdoel en niet uit de suikersoort. Per molecuul suiker ontstaan vier moleculen alcohol en vier moleculen koolzuur — in massa 184,3 tegen 176,0 gram. Wie hetzelfde koolzuur wil, krijgt dus dezelfde alcohol, of hij nu tafelsuiker of moutextract gebruikt.

Een voorbeeld: 20 liter bier van 6,0% naar 2,4 volumes CO₂ bij 20 °C. Daar is nog 1,55 volume voor nodig, goed voor ongeveer 81 mL alcohol — +0,40%. Los je de suiker op in 0,3 liter water, dan kom je uit op 20,3 liter en 6,31%. Netto dus +0,31%: de verdunning eet een kwart van de winst op.

Verdamping uitrekenen in plaats van meten

Zodra het wort kookt ligt de temperatuur vast: alle energie die na de warmteverliezen overblijft gaat op aan het omzetten van water in stoom. Dat kost 2,26 MJ per liter, en dat getal staat los van de kooktijd, van hoeveel er in de ketel zit en van hoe breed die ketel is. Ken je het vermogen van je element, dan hoef je dus niet te meten.

Vul in Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie onder Kookverdamping het vermogen in watt in, en het percentage van de tijd dat het element tijdens het koken werkelijk aanstaat. De app rekent voor: 1800 W een uur lang is 6,48 MJ, gedeeld door 2,26 geeft 2,87 liter per uur. Met Overnemen zet je die waarde in het veld.

Het is een bovengrens. Een deel van je vermogen lekt weg via de wand, het deksel en de dampkap, en dat deel verdampt niets. Daar speelt de vorm van je ketel wél mee — maar via die verliezen, niet via het verdampen zelf. Op gas komt daar nog bij dat lang niet alle warmte van de vlam in de ketel belandt. Meten blijft dus nauwkeuriger; deze som is bedoeld als vertrekpunt en als controle op een meting die er raar uitziet.
Wat dit betekent voor het schalen. Verdamping is geen percentage van je batch. Twee keer zoveel wort onder hetzelfde element verdampt ongeveer evenveel liters per uur, niet twee keer zoveel. Daarom rekent de app het kookvolume opnieuw uit je installatieprofiel als je het batchvolume aanpast, in plaats van het evenredig mee te schalen.

Recept afdrukken of als PDF bewaren

Wil je het recept op papier meenemen naar de brouwdag? Klik in de recepteditor op 🖨️ Print / PDF (of in het logboek rechtsboven het receptoverzicht). Er opent een schone brouwkaart in gewone taal met alle kerncijfers, de watervolumes, het maischschema met afvinkvakjes, moutstort, hopschema, gist en lege velden om je metingen en notities met de hand in te vullen. Kies in het printvenster Opslaan als PDF om hem te bewaren in plaats van af te drukken.

Bovenaan het waterblok staat wélk water je gebruikt. Niet alleen hoeveel liter maisch- en spoelwater, maar ook of dat je kraanwater is, een profiel dat je zelf hebt bewaard, of aangelengd water — met het percentage en het aantal liters demiwater erbij. Kent de app geen profielnaam, dan staan de zes ionen er in plaats daarvan. De kaart weet dit alleen als je op de watertab op 📋 Overnemen in <naam> hebt geklikt; heb je dat nooit gedaan, dan blijft de regel weg in plaats van iets te beweren.

Onderaan staan twee gelinieerde blokken om met de hand in te schrijven: Notities brouwdag met acht regels en Proefnotities met zes. Ze lopen over de volle breedte van het blad, zodat er ook echt een zin in past. De regels zijn 8 mm hoog — de hoogte van een gewone handgeschreven regel — en een blok wordt nooit over een paginarand gesplitst.

De brouwkaart staat in de volgorde waarin je werkt, niet in de volgorde waarin je de regels hebt ingetikt: de moutstort met de zwaarste zak bovenaan, de hop van eerste wort via het koken en de whirlpool naar de dry-hop, en de overige ingrediënten van maisch tot botteling. In de recepteditor blijven de rijen wel staan waar je ze zette — een regel die wegspringt terwijl je een gewicht aanpast is onwerkbaar.

💡 BeerXML is iets anders: die export is bedoeld om recepten uit te wisselen met andere brouwsoftware (Brewfather, BeerSmith) en is niet leesbaar op papier. Gebruik daarvoor de printknop.

Je recept delen op een forum

Voor een forumbericht, een mail of een appje heb je geen PDF nodig maar tekst die je kunt plakken. Klik in de recepteditor op 📋 Kopieer recept: de kerncijfers, de moutstort met percentages, het hopschema, de overige ingrediënten, de gist, het maischschema, het vergistingsschema en je notities komen als platte tekst op je klembord. Plakken met Ctrl+V, of ⌘V op een Mac.

Het waterblok en de lege invulvelden blijven eruit. Die zijn er voor de brouwdag en zeggen een lezer niets — je maischwater hangt af van jouw installatie, niet van het recept.

Brouwen op hoogte — kooktemperatuur en bitterheid

Boven zeeniveau kookt water onder 100 °C. Daardoor isomeriseren de alfazuren trager en valt de bitterheid lager uit — een verschil dat op grote hoogte niet te verwaarlozen is. Vul onder Instellingen → 🔧 Mijn brouwinstallatie je hoogte boven zeeniveau in; de app berekent dan het kookpunt en corrigeert alle IBU-berekeningen automatisch. Ken je je werkelijke kooktemperatuur (gemeten met een thermometer), vul die dan in bij Kooktemperatuur — die overschrijft de berekening uit de hoogte. Hoogte en kooktemperatuur horen bij het installatieprofiel: heeft een recept een eigen installatie gekozen, dan rekent de bitterheid met het kookpunt van díé ketel.

Laat het veld Kooktemperatuur leeg als je de hoogte wilt laten meerekenen. Een ingevuld getal krijgt altijd voorrang, ook boven een hoogte die je later invult — vul je 300 m in terwijl er nog 100 °C staat, dan verandert er niets aan je IBU. De app waarschuwt daar nu voor. In het lege veld staat grijs de temperatuur die uit je hoogte volgt.
HoogteKookpuntIBU bij 60 min koken
0 m (zeeniveau)100,0 °C100%
1000 m96,7 °C−13%
2000 m (o.a. Mexico-Stad)93,4 °C−24%
2850 m (Quito)90,5 °C−32%
3400 m (Cusco)88,7 °C−35%
3650 m (La Paz)87,9 °C−37%

Het kookpunt volgt uit de barometrische hoogteformule met de Antoine-vergelijking voor water; de isomerisatiesnelheid uit de Arrhenius-vergelijking met de constanten van Malowicki & Shellhammer (2005). Geïsomeriseerd hopextract wordt niet gecorrigeerd — dat is immers al omgezet.

💡 Wil je toch dezelfde bitterheid? Verhoog je hopgift of verleng de kooktijd; de app laat direct zien wat dat oplevert.

Conversieadvies — voorkom te kort maischen

Onder het maischschema (én bij de timers in het logboek) verschijnt automatisch een advies over de totale versuikeringstijd. De app telt alle rusten tussen 60 en 73°C op en vergelijkt die met de tijd die bij jouw hoogste versuikeringstemperatuur nodig is voor volledige zetmeelomzetting:

VersuikeringstemperatuurGeadviseerde minimumtijd
70–73°C (alfa-amylase optimaal)25 min
67–69°C35 min
64–66°C45 min
62–63°C60 min
60–61°C (vrijwel alleen beta)90 min

Pas je één stap aan, dan herberekent het advies direct en zie je hoeveel minuten je eventueel tekortkomt. Zo voorkom je onvolledige omzetting en een lager rendement.

⚠️ Let op: dit is een richtlijn op basis van tijd en temperatuur. Alleen een jodiumtest bevestigt of het zetmeel werkelijk volledig is omgezet. Slecht gemodificeerde mout, een grove maalslag of een dikke maisch vragen langere tijden.

Berekeningen & Calc-paneel

Alle berekeningen worden live bijgewerkt. Het calc-paneel (rechts in de recepteditor) toont:

WaardeUitleg
OGOorspronkelijk soortelijk gewicht
FGEind soortelijk gewicht (op basis van attenuatie)
ABVAlcoholpercentage
IBUBitterheid (Tinseth of Rager)
EBCKleur (Morey-formule)
Pre-kook SGVerwacht SG vóór het koken
BU:GUBitterheid/zwaarte verhouding
Pitching rateGistdosering per liter, met advies
KostprijsBerekend op basis van jouw prijzen

Je eigen inkoopprijzen vul je in op het tabblad Ingrediënten, in de kolom Prijs naast elk ingrediënt (mout €/kg, hop €/100 g, gist €/gram, overige ingrediënten €/100 g of per stuk). Laat je een veld leeg, dan rekent de app met de standaardprijs die er grijs in staat. Wijzigingen worden meteen bewaard; met ↺ Standaardprijzen zet je een hele categorie terug.

Klik onder de kostprijs op Toon kostprijs-specificatie per ingrediënt voor de opbouw: per ingrediënt de naam met de kosten, en daaronder de rekensom (bijvoorbeeld 5 kg × € 2,35/kg). Onderaan staat het totaal. Ingrediënten waarvoor nog geen prijs bekend is, staan oranje en tellen als € 0 — de kostprijs is dan te laag.

Waar je begin-SG vandaan komt

Onder Begin SG (OG) in het berekeningenpaneel zit een uitklapje: Toon opbouw van de SG per ingrediënt. Het werkt hetzelfde als de kostprijsspecificatie, maar dan in SG-punten.

De moutstort staat als één regel, met het totale graangewicht en het rendement waarmee gerekend is. Per mout staat de bijdrage al in de moutentabel zelf; die hier herhalen maakt de lijst lang zonder iets toe te voegen. Suiker en moutextract krijgen elk een eigen regel, want dat is meestal de vraag: welk deel van mijn SG komt niet uit de mout. Achter elke regel staat een balkje met het aandeel in procenten.

Onderaan staat het totaal, en dat is precies het getal dat erboven staat. Late giften — suiker tijdens de gisting, bottelsuiker — staan er grijs onder mét hun moment, en tellen niet mee in dat totaal: ze zitten nog niet in je wort als je de OG meet. Wat ze samen zouden opleveren staat er wel bij, want dát is het getal waar de alcoholberekening mee rekent.

De regels zijn zo afgerond dat ze zichtbaar optellen tot het totaal, en de percentages tot honderd. Rond je elke regel los af, dan kan het gebeuren dat er twee omhoog gaan en de optelling er een duizendste naast zit — je leest dan 0,058 + 0,011 met 1.068 eronder. De app verdeelt daarom eerst en rondt daarna, zoals bij zetelverdeling: geen enkele regel wijkt meer dan één duizendste van zijn eigen waarde af.

Accijns (theoretisch)

Onder de kostprijs staat wat er aan Nederlandse bieraccijns verschuldigd zou zijn als je dit bier commercieel zou verkopen. Je ziet twee bedragen: het normale tarief, dat geldt voor brouwerijen die meer dan 200.000 hl per jaar maken, en het verlaagde tarief voor zelfstandige brouwerijen tot en met 200.000 hl per jaar. Beide worden gerekend per hectoliter per volumeprocent, met voor allebei hetzelfde minimumbedrag per hectoliter: bij lichte bieren telt dat minimum en niet het alcoholpercentage. De tarieven komen uit de Tarievenlijst accijns van de Douane. Brouw je thuis voor eigen gebruik, dan ben je vrijgesteld en betaal je niets; de bedragen staan er ter informatie.

Als hobbybrouwer betaal je niets. Bier dat je thuis brouwt voor eigen gebruik is vrijgesteld van accijns (Wet op de accijns, art. 5 lid 3c). Het bedrag staat er puur ter informatie — bijvoorbeeld om te zien wat een recept in een commerciële setting zou kosten. Dit is geen fiscaal advies; ga voor je eigen situatie af op de Belastingdienst.

Timers

De timers lopen door als je scherm op slot gaat. Ze lezen de klok in plaats van seconden te tellen, dus een telefoon die in de slaapstand schiet — of een tabblad dat naar de achtergrond gaat — laat ze niet achterlopen. Kom je terug, dan staat de juiste tijd er meteen, en hopgiften die intussen aan de beurt waren worden alsnog gemeld.

Het logboek heeft twee timers naast de maischstappen: een kooktimer en een stopwatch. De kooktimer telt af: vul het aantal minuten in en klik ▶ Start. Koppel je een recept, dan staat de kooktijd daarvan er al ingevuld. Op nul krijg je hetzelfde alarm als bij een maischstap — geluid dat zich herhaalt tot je bevestigt, een trilsignaal op Android en een browsermelding. Je mag de tijd tijdens het koken nog aanpassen; de verstreken tijd blijft dan staan.

Het logboek heeft drie algemene timers — Maisch, Kook en Stopwatch — en daarnaast de maischstap-timers uit je recept. Heeft het recept geen maischschema, dan staan de vier standaardstappen klaar: Eiwitrust 52°C/15 min, Beta Amylase 62°C/45 min, Alpha Amylase 72°C/20 min en Amylasestop 78°C/10 min. Klik ▶ Start bij een stap om de afteltimer te starten; de duur van elke stap pas je direct in de tabel aan — ook terwijl de timer loopt.

Zodra een stap afloopt krijg je een geluidssignaal (drie pieptonen, elke 5 seconden herhaald tot je bevestigt), een pulserende groene melding in het logboek, een knipperende regel in de stappentabel en — op Android — een trilsignaal. Klik ✓ Gezien om het alarm te stoppen. Het geluid wordt geactiveerd zodra je op ▶ Start drukt; dat is nodig omdat browsers (met name op iPhone) geluid alleen na een aanraking toestaan.

SG-metingen & Gistingsvoortgang

Registreer SG-metingen per fase (voor koken, OG, primaire gisting, FG). Vul ook de temperatuur in — BROUWHULP '26 toont dan automatisch het gecorrigeerde SG op 20°C. Dat geldt voor élke temperatuur behalve 20°C zelf, ook 0°C: meet je de FG van een bier dat in de koeling heeft gestaan, dan leest je hydrometer bijna twee punten te hoog.

Het veld Datum & tijd laat je leeg voor een meting die je nú doet. Vul je er wel iets in, dan draag je een oudere meting na — handig als je een logboek overzet uit een ander programma. De meting komt dan op zijn eigen plek in de tijd te staan, niet onderaan de lijst: de gistingsvoortgang leest de meest recente meting, en die hoort de laatste te zijn.

Wanneer je een OG-meting en een latere meting hebt, verschijnt een gistingsvoortgangsbalk met het huidige vergistingspercentage en het actuele ABV.

Carbonisatie

De carbonisatieberekening zit onderaan het logboek. Voer in: gewenste CO₂-volumes, biertemperatuur bij bottelen en volume bier. BROUWHULP '26 berekent hoeveel gram suiker (of honing, DME) je nodig hebt.

Water

De pH van je bronwater hoort bij je kraan en wordt daarom bewaard: hij gaat mee in je waterinstellingen én in een profiel dat je zelf opslaat. Kies je later dat profiel, dan staat je gemeten pH er weer. De meegeleverde profielen — Pilsen, Burton, Dublin — hebben er geen: dat zijn ionenprofielen, geen watermonsters, en ze laten jouw meting dus staan.

De watertab laat je het bronwaterprofiel invoeren en een doelprofiel kiezen. BROUWHULP '26 berekent welke mineralen je moet toevoegen (gips, calciumchloride, Epsom-zout, zouten van natrium en magnesium).

Je eigen water invoeren en bewaren

Je hoeft niet uit de kant-en-klare profielen te kiezen: typ de waarden van je eigen leidingwater gewoon in de zes ionvelden. Klik daarna op 💾 Bewaar als profiel en geef het een naam — het profiel verschijnt bovenaan de lijst onder "🧑‍🍳 Mijn eigen water" en is voortaan met één klik op te roepen, ook als doelwater. Met 🗑️ verwijder je een eigen profiel. Je profielen gaan mee in de backup en de JSON-export.

Je waterwaarden blijven staan; je hoeft niets te koppelen. De watertab is één set instellingen voor de hele app, niet iets per recept of per installatie. Brouw je altijd in dezelfde brouwerij, vul je water dan één keer in, sla het op, en je vindt het bij elke start terug — inclusief de gekozen profielnaam in de keuzelijst. Een profiel uit de lijst kiezen doe je dus alleen als je de zes velden weer op die waarden wilt zetten, niet elke brouwdag opnieuw.
⚠️ Opslaan gaat niet vanzelf. Onder in het resultaatpaneel staat 💾 Waterinstellingen opslaan; zonder die klik zijn je waarden na het sluiten weg. De knop 💾 Bewaar als profiel doet dat allebei tegelijk: hij legt het profiel vast én bewaart je huidige waterinstellingen.

Voor wie met demiwater of osmosewater brouwt staan er twee zoutloze uitgangsprofielen klaar: Demiwater / osmosewater (alle ionen op nul) en Regenwater. Handig als basis om zelf met zouten op te bouwen.

Een stijl die de app niet kent blijft gewoon staan. Komt je recept uit Brewfather of BeerSmith, dan draagt het vaak een Engelse stijlnaam als "Belgian Tripel". Die staat niet in de lijst, maar wordt eronder toegevoegd met een sterretje — net als een ingrediënt dat niet in de database staat. Zoek je in de stijlen, dan blijft je keuze staan ook als hij buiten het filter valt; eronder staat dan dat hij verborgen is.
💡 Waar vind je je waterwaarden? Nederlandse en Belgische waterbedrijven publiceren de analyse per postcode op hun website. Zoek op calcium, magnesium, natrium, chloride, sulfaat en bicarbonaat (of "waterhardheid" en "HCO₃"). Twijfel je, laat je water dan eenmalig analyseren.

Kraanwater aanlengen met demi- of osmosewater

Heb je hard water en wil je een lichte pils brouwen, dan is verdunnen vaak eenvoudiger dan aanzuren. Vul bij Aanlengen met demi-/osmosewater in welk deel van je totale water demiwater is — als percentage of in liters, wat je makkelijker vindt. Het andere veld loopt mee.

Verdunnen is lineair: één deel kraanwater op één deel demiwater halveert elk ion. Er reageert niets en er slaat niets neer, het is dezelfde hoeveelheid opgeloste stof in meer water. Demi-, osmose- en gedestilleerd water gelden daarbij als nul; osmosewater houdt in de praktijk een paar mg/L over, en dat valt weg tegen de onzekerheid in je eigen wateranalyse.

De zes ionvelden blijven je wateranalyse. Ze veranderen niet doordat je verdunt — daar staat wat je waterbedrijf meet. Wat je werkelijk in de ketel krijgt, staat op de regel eronder. Zo raak je je eigen gegevens niet kwijt en verdun je niet per ongeluk twee keer over elkaar heen.

Alles wat uit je water volgt rekent met de verdunde waarden: het ionenoverzicht, de rest-alkaliteit, de maisch-pH en de spoelwater-pH. De zouten die je toevoegt komen bovenop het verdunde water, wat klopt — je lost ze op in het mengsel.

⚠️ Verdunnen verlaagt álles, ook wat je wilde houden. Met het bicarbonaat gaan ook je calcium en sulfaat omlaag. Meestal is dat geen bezwaar: die vul je met brouwzouten weer aan, en dat is precies waarom deze volgorde werkt — eerst verdunnen tot je alkaliteit klopt, dan zouten toevoegen tot je profiel klopt.

Zouten laten uitrekenen voor je doelprofiel

Boven de zoutentabel staat ⚗️ Bereken zouten voor doelprofiel. Die kijkt naar je bronwater — ná verdunning — en naar het doelprofiel dat je hebt gekozen, en vult de zes brouwzouten in die je daar het dichtst bij brengen. Eronder staat per ion waar je uitkomt tegenover waar je heen wilde.

Calciumchloride koop je als korrels óf als vloeibare 36%-oplossing. Naast de knop staat Ik gebruik vloeibaar calciumchloride (36%): vink dat aan en de knop rekent in milliliters en laat het korrelveld met rust. Het vinkje hoort bij je brouwerij en wordt meebewaard met je waterinstellingen. Beide vormen leveren dezelfde ionen — de app vervangt het zout in de berekening zelf, dus calcium én chloride kloppen, niet alleen het ene.

Reken ze niet met de hand om. Eén milliliter oplossing bevat ongeveer 0,65 gram korrels — vul je een grammengetal in het milliliterveld in, dan zit je 55% te hoog. Wat de knop invult klopt; vul je zelf iets in, kijk dan naar de eenheid achter de regel.

De maisch- en spoelgift krijgen dezelfde concentratie, dus verschillende grammen: je behandelt je water, niet je maisch. Met Zouten wissen zet je alles terug op nul.

⚠️ Zout kan alleen bijtellen. Zit je bronwater al bóven het doel voor een ion — vaak bicarbonaat bij hard water — dan bestaat er geen zout dat dat verlaagt. De app zegt dan welke ionen dat zijn; die krijg je alleen omlaag door aan te lengen met demi- of osmosewater. Verdun dus eerst, en laat daarna de zouten uitrekenen.

Kiest de berekening krijt, dan waarschuwt de app erbij. Krijt is de enige manier om bicarbonaat toe te voegen zonder natrium, maar het lost in de maisch maar half op — reken op minder effect dan er staat, of gebruik zuiveringszout en neem het extra natrium op de koop toe.

De zuren blijven onaangeroerd. Die horen bij de pH, niet bij het ionenprofiel. Hoeveel melkzuur je nodig hebt staat al onder de berekende maisch-pH en bij het spoelwater — dat is een aparte som, en die verandert niet als je op de zoutknop drukt.

Het is een kleinste-kwadratenberekening: zes zouten, zes ionen, en de voorwaarde dat een hoeveelheid nooit negatief kan zijn. Een volmaakte treffer is meestal onmogelijk — gips brengt calcium én sulfaat in een vaste verhouding, dus als je doelprofiel die verhouding niet heeft, wordt het een compromis. Daarom staat er per ion bij hoe ver je ernaast zit.

De pH van je spoelwater

Dat is een ándere vraag dan de maisch-pH. Daar bepaalt je moutstort de uitkomst; hier gaat het om het water zelf. Te alkalisch spoelwater trekt in de laatste runnings looistoffen uit de kaf, en dat proef je terug als droge wrangheid. De vuistregel is: blijf onder pH 6.

Vul daarvoor de pH van je bronwater in bij je wateranalyse. Zonder die meting rekent de app dit niet uit, en dat is met opzet: hoeveel koolzuur er in je leidingwater zit hangt af van je leiding en je kraan, en is niet uit de rest van de analyse af te leiden. Doen alsof je water met de buitenlucht in evenwicht is geeft een pH die er ver naast zit.

De rekenwijze zelf is het carbonaatevenwicht: pH = 6,38 + log(HCO₃⁻ / CO₂). Zuur zet bicarbonaat om in koolzuur — mol voor mol van de ene af en bij de andere bij. Jouw gemeten bron-pH bepaalt het startpunt, zodat het koolzuurgehalte niet geraden hoeft te worden.

Komt je spoelwater boven 6 uit, dan meldt de app dat en rekent uit hoeveel melkzuur er nog bij moet om op 5,8 te komen — met verrekening van wat je al hebt toegevoegd. Zit al het bicarbonaat eruit, dan zakt de pH steil weg; daar houdt dit model op en meldt de app dat eerlijk in plaats van een cijfer achter de komma te verzinnen.

Demi-, osmose- en gedestilleerd water

Brouw je met water zonder bicarbonaat, dan is er geen buffer. Het carbonaatevenwicht hierboven geldt dan niet: de pH van je spoelwater is simpelweg de pH die je meet, en die verandert niet doordat je er water bij doet.

Dat is meteen het antwoord op de vraag of je moet aanzuren: nee. Demi- en osmosewater zitten met hun pH van rond de 6 al onder de grens waar looistofextractie begint, en er is niets om weg te bufferen. De app meldt dat er geen buffer is en laat de aanzuuradvies-regel weg.

Doe je er tóch zuur bij, dan zakt de pH steil. Er is niets dat hem tegenhoudt: een halve millimol melkzuur per liter brengt ongeveer neutraal water al op pH 3,6. De app rekent dat uit met de zwakzuurbenadering [H⁺] = √(Ka × C) voor melkzuur (pKa 3,86). Gebruik je fosforzuur, dan valt de uitkomst nog lager uit.

Maisch-pH — koppel eerst je recept

De maisch-pH hangt vooral af van je moutstort: donkere en karamelmouten zijn zuur, basismout veel minder. Kies daarom bovenaan de watertab een recept bij Recept koppelen. De app neemt het maischwatervolume over en berekent de pH uit die specifieke moutstort. Zonder gekoppeld recept toont de app bewust een streepje in plaats van een misleidend getal.

De waterbehandeling overnemen in je recept

De watertab rekent, het recept bewaart. Zolang je zoutgiften alleen op de watertab staan, staan ze niet op je brouwkaart, niet op je boodschappenlijst en niet in je kostprijs — en er is maar één watertab, terwijl je tien recepten kunt hebben.

Koppel daarom een recept en klik onder de analyse op 📋 Overnemen in <naam>. De knop zet in dat recept:

Een profielnaam die niet meer klopt wordt niet genoemd. De keuzelijst blijft op "Dublin" staan ook nadat je met de hand een ionveld hebt bijgesteld. Op het scherm is dat prima, want de getallen staan er pal naast — op een afgedrukte kaart niet. Wijkt er iets af van het profiel, dan zet de kaart de zes ionwaarden neer in plaats van een naam.

De brouwzouten staan als gewoon ingrediënt in de database, onder de groep 🧂 Brouwzouten. Ze tellen dus mee in de boodschappenlijst en in de kostprijs, en je kunt er op het tabblad Ingrediënten je eigen inkoopprijs bij zetten.

Nog eens drukken vervangt, het stapelt niet. Pas je de zoutentabel aan en klik je opnieuw, dan komt de nieuwe stand ervoor in de plaats. Regels die je zelf hebt ingetypt op het maisch- of spoelmoment gaan daarin mee; alles wat je op een ander moment hebt staan — melkzuur bij de botteling, eikenspiralen in de secundaire — blijft onaangeroerd.

Melkzuur draagt zijn sterkte in de naam, want één milliliter 80% is iets anders dan één milliliter 88%. Verdun je zelf naar bijvoorbeeld 30%, dan komt dat percentage in de naam terug en staat het ingrediënt met een sterretje in de keuzelijst.

⚠️ Er gebeurt niets vanzelf. De waterinstellingen staan één keer opgeslagen en horen bij geen enkel recept. Verander je later iets aan je water, dan lopen de overgenomen regels in je recept niet mee — klik dan opnieuw op de knop.

Welk zuur kies je?

ZuurSterkteWat het verder doet
Melkzuur 80%10,5 mEq/mLWat je in Nederland en België meestal koopt. Boven ~400 mg/L in het bier proefbaar als licht zurig
Melkzuur 88%11,8 mEq/mLDe Amerikaanse standaard, en wat de meeste Engelstalige literatuur bedoelt. Zelfde zuur, 12% sterker per mL
Fosforzuur 75%12,1 mEq/mLSmaakneutraal — fosfaat slaat in de maisch grotendeels neer met calcium. Zelfde dosering in mL als melkzuur
Zoutzuur 10%2,88 mEq/mLVoegt chloride toe, wat de moutigheid versterkt. Ruim vier keer zoveel mL nodig

Melkzuur en fosforzuur 75% zijn qua sterkte vrijwel gelijk: waar je 3 mL melkzuur nodig hebt, doe je met fosforzuur ongeveer hetzelfde. Het verschil zit in de smaak. Wie veel moet aanzuren — bij zacht water met veel donkere mout, of bij een lichte pils met hard water — kan met fosforzuur onder de proefdrempel blijven.

⚠️ Kijk op je etiket: melkzuur wordt in verschillende sterktes verkocht en dat scheelt flink in de dosering. Onder de melkzuurregel in de zoutentabel vul je bij concentratie je eigen percentage in; de app toont er meteen bij hoeveel mEq per milliliter dat oplevert. In Nederland en België is 80% gebruikelijk, in Amerikaanse recepten en literatuur wordt bijna altijd 88% bedoeld.

Zelf verdunnen — meestal een goed idee

Geconcentreerd melkzuur is bijtend, en op een batch van 20 liter doseer je er maar een paar milliliter van. Eén druppel te veel is dan al 10% van je gift. Veel brouwers verdunnen daarom eerst naar bijvoorbeeld 30%: je werkt met hele milliliters in plaats van tienden, en er kan minder misgaan als je morst.

Vul in het concentratieveld gewoon je eigen percentage in. De app leidt de dichtheid van de oplossing af uit een meettabel en rekent daaruit de sterkte, dus 30% klopt net zo goed als 80%. Ter oriëntatie: 80% ≈ 10,5 mEq/mL, 50% ≈ 6,2, 30% ≈ 3,6, 10% ≈ 1,1.

⚠️ Verdun op gewicht, niet op volume. Een percentage melkzuur is massaprocent (w/w). Wil je van 80% naar 30%, weeg dan 100 gram melkzuur 80% af en vul aan tot 267 gram met water — niet tot 267 milliliter. De algemene som: nieuw gewicht = oud gewicht × oud percentage ÷ nieuw percentage. Wie op volume verdunt komt er ruim 10% naast te zitten, en dan is de nauwkeurigheid die je zocht juist weg.

Niet zeker of het gelukt is? Meet het na

Onder Gereedschap staat 🧪 Melkzuur concentratie meten. Vul daar je refractometer- of hydrometermeting in en je krijgt het massapercentage terug, met een knop om het meteen in de watertab te zetten.

De hydrometer is de nauwkeurigste: de app leest daarvoor gewoon dezelfde dichtheidstabel achterstevoren. Je hebt er wel een volle maatcilinder van je zuur voor nodig.

De refractometer heeft aan twee druppels genoeg, maar de Brix-schaal is op suiker geijkt en niet op melkzuur. De app rekent daarom in twee stappen om: van Brix naar brekingsindex via de suikerschaal, en van brekingsindex naar massaprocent via een rechte lijn tussen water en zuiver melkzuur. Reken op ongeveer een procentpunt onzekerheid — ruim genoeg, want het alternatief is gokken en dat kost al gauw tien procent.

Meet in beide gevallen bij 20 °C, want dat is de temperatuur waarvoor beide tabellen gelden.

Het model werkt met de pH die elke moutsoort in gedestilleerd water geeft en met het bufferend vermogen per kilo. De alkaliteit van je water duwt die pH omhoog, zuur duwt hem omlaag — en elke extra milliliter zuur blijft doorwerken, ook nadat alle bicarbonaat is geneutraliseerd. Bij een te hoge pH toont de app hoeveel milliliter melkzuur je ongeveer nodig hebt, gerekend met de sterkte die je in de zoutentabel hebt gekozen.

Korrels of vloeibaar? Let op de eenheid

Calciumchloride is er in twee vormen, en ze zijn beslist niet uitwisselbaar. De korrels die je als poeder koopt zijn het dihydraat CaCl₂·2H₂O: één gram levert 273 mg calcium. De vloeibare 36%-oplossing vul je in milliliters in: één milliliter levert 176 mg calcium en 312 mg chloride.

De zoutentabel heeft daarom twee aparte regels. Vul de vloeistof in bij Calciumchloride 36% vloeibaar (ml) en niet bij de korrels erboven.

⚠️ De veelgemaakte fout: milliliters invullen op de regel voor korrels. Je zit er dan 55% naast — de app rekent met meer calcium dan je werkelijk toevoegt. Omgekeerd geldt: 1 mL vloeistof ≈ 0,65 g korrels.

De achterliggende som: de 36%-oplossing heeft een dichtheid van ongeveer 1,35 g/mL, dus één milliliter bevat 0,486 gram watervrij CaCl₂. Daarvan is 36,1% calcium en 63,9% chloride. Die getallen komen overeen met wat de fabrikant op de verpakking zet: 1 mL per 10 liter geeft 17,6 mg/L calcium en 31,2 mg/L chloride.

Antioxidanten op metabisulfietbasis

Middelen als Antioxin SBT of kaal kaliummetabisulfiet vangen zuurstof weg en houden je bier langer vers. Ze doen alleen iets wat je makkelijk over het hoofd ziet: het sulfiet oxideert grotendeels tot sulfaat, en dat verschuift je waterprofiel. Bij een zachte pils kan één gift het sulfaatgehalte verdrievoudigen en de chloride-sulfaatverhouding van rond naar droog-bitter duwen.

Vul daarom in de zoutentabel de rij Antioxidant (metabisulfiet) in: het aantal gram, en daaronder het percentage kaliummetabisulfiet dat op de verpakking staat. Zo werkt het veld voor elk merk. Antioxin SBT bevat 45%, Antioxin SB 46,8%, kale KMS 100%.

ProductDoseringExtra sulfaat
Antioxin SBT0,5 g per 10 Longeveer 17 ppm
Antioxin SBT1,0 g per 10 Longeveer 34 ppm
Kaliummetabisulfiet1,0 g per 10 Longeveer 75 ppm

De som. Kaliummetabisulfiet (K₂S₂O₅, 222,31 g/mol) levert per molecuul twee zwavelatomen en dus twee sulfaationen van 96,06 g/mol. Volledige omzetting zou 0,864 gram sulfaat per gram opleveren. Zo ver komt het niet: een deel van het sulfiet bindt aan carbonylen en een deel ontsnapt met de CO₂. De app rekent daarom met de praktijkfactor 0,87 die in de wijnbouw gangbaar is — 0,752 gram sulfaat per gram metabisulfiet. Reken dus op een orde van grootte, niet op twee decimalen.

⚠️ Alleen wat vóór of tijdens het maischen ingaat: vul hier niets in voor een antioxidant die je pas ná de vergisting doseert, zoals Antioxin SB. De watertab modelleert je maischwater, en zo'n late gift levert bovendien maar 3 tot 10 ppm — dat verdwijnt in de ruis.

Twee dingen laat de app bewust liggen. Kalium wordt niet bijgehouden: het komt in geen enkel doelprofiel voor en heeft geen smaakdrempel in de orde die hier haalbaar is. En het ascorbinezuur dat vaak in deze middelen zit is weliswaar een zuur, maar het effect op de maisch-pH blijft onder de 0,05 — kleiner dan de onnauwkeurigheid van het pH-model zelf.

Aanzuren met zuurmout in plaats van een zuurgift

Zuurmout — ook wel Sauermalz of acidulated malt — is gewone basismout die met melkzuurbacteriën is aangezuurd. Je weegt hem af als elk ander ingrediënt en hij verlaagt de maisch-pH zonder dat je met een pipet in de weer hoeft.

Voeg hem toe in de recepteditor via de moutsectie; hij staat in de keuzelijst onder de groep 🍋 Zuurmout. Vul het gewicht in en je bent klaar: zodra je het recept aan de watertab koppelt, is de aanzuring in de getoonde maisch-pH verwerkt. Onder de pH verschijnt hoeveel zuur de mout precies levert en met hoeveel milliliter melkzuur dat overeenkomt.

⚠️ Niet dubbel doseren: de zuurmout zit al in de berekende pH. Vul je in de zuurtabel óók nog melkzuur in, dan tel je twee keer aan te zuren.
Aandeel zuurmoutEffect op de maisch-pH
1% van de moutstortongeveer 0,1 lager
2%ongeveer 0,2 lager
3%ongeveer 0,3 lager

Dit is de vuistregel van Weyermann, en de app rekent er in dezelfde orde van grootte mee. De achterliggende som: zuurmout bevat bij pH 5,45 ongeveer 3,13% melkzuur, dus één kilo levert 31,3 gram melkzuur. Gedeeld door de molmassa van 90,08 g/mol is dat 347 mEq zuur per kilo — dezelfde eenheid waarin de app ook een zuurgift verrekent. Honderd gram zuurmout komt daarmee neer op ongeveer 3 mL melkzuur 88%.

Blijf onder de 5% van de moutstort; boven 10% waarschuwt de app, want dan wordt het bier merkbaar zurig. Voor stijlen die dat juist willen, zoals Berliner Weisse of Gose, mag het hoger. Qua extract en kleur gedraagt zuurmout zich als pilsmout, dus je OG en EBC veranderen nauwelijks.

⚠️ Blijft een schatting: werkelijke waarden variëren per moutcharge en waterbron. Meet je maisch-pH na 10–15 minuten met een geijkte pH-meter; streef naar 5,2–5,6 (gemeten bij kamertemperatuur).

Ingebouwde doelprofielen: Pilsen, Burton, Dublin, Wien, München, Dortmund en Soft Water.

Voorraad

Houd bij hoeveel mout, hop, gist en overige ingrediënten je in voorraad hebt. Bovenaan staan vier knoppen: 🌾 Mout & Granen, 🌿 Hop, 🧫 Gist en 🧂 Overige ingrediënten. Bij mout en hop kleurt het getal rood zodra je onder de drempel zakt; gist telt in zakjes of in gram, wat je zelf per gist kiest.

Bij de overige ingrediënten staat de eenheid die bij dat ingrediënt hoort: gram voor koriander, milliliter voor melkzuur, stuks voor een eikenspiraal. Er staat bewust geen "bijna op"-grens bij — één drempel voor een categorie die grammen kruiden en liters zuur door elkaar heeft is een verzonnen getal. Wat je te weinig hebt voor de recepten die je wilt brouwen staat op de boodschappenlijst, en daar hoort het ook.

Gist telt standaard in zakjes, maar je kunt dat per gist omzetten naar gram. Dat is er voor wie een blok van 500 gram koopt: een zakje kun je niet splitsen, een blok wel, en dan wil je in gram tellen. Naast het voorraadveld staan een keuzelijst voor de eenheid en een veld voor het gewicht van één verpakking — een zakje droge gist is 11,5 g, een pak vloeibare gist ongeveer 100 g, jouw blok 500 g.

Zet je een gist om, dan rekent de app je voorraad ter plekke om en zegt wat er is gebeurd: drie zakjes van 11,5 gram worden 34,5 gram. Er verandert niets achter je rug om, en de keuze geldt alleen voor díé gist — de meeste brouwers hebben zakjes én blokken in de koeling staan. Het pakgewicht wijzigen laat je voorraad staan; er ligt niet ineens meer of minder, alleen weegt één verpakking anders.

Je boodschappenlijst, je kostprijs en het grondstofboek van de douanemodule volgen die keuze. Telt een gist in zakjes, dan wordt een recept van 23 gram naar boven afgerond op twee zakjes: een half zakje bestaat niet in de winkel. Telt hij in gram, dan is 23 gram gewoon 23 gram, en ligt er nog 477 gram in je blok.

Ook je brouwzouten staan hier. Sinds de waterpagina de zouten als ingrediënt in je recept zet, tellen gips, calciumchloride en melkzuur mee op je boodschappenlijst. Vul hier in wat je in de kast hebt staan en ze verdwijnen van je kooplijst.

Douane en accijns

Deze module staat standaard uit en je vindt hem bij ⚙️ Instellingen → 🛃 Douane en accijns. Brouw je thuis voor eigen gebruik, dan laat je hem uit: eigen gebruik is vrijgesteld en er valt niets aan te geven. Heb je een vergunning — in Nederland een accijnsgoederenplaats, elders het equivalent daarvan — dan verschijnt er een tabblad 🛃 Douane met drie panelen.

Dit is een hulpmiddel, geen vervanging van je wettelijke administratie. Wat als voorgeschreven registratie geldt staat in je vergunning en niet in deze app. Gebruik het om je eigen boekhouding te voeren en na te rekenen, en leg de uitkomst naast wat je toezichthouder van je vraagt.

De drie kringen

Een controle draait om drie sommen die elk op zichzelf moeten sluiten:

KringWat er moet kloppen
Grondstoffenbegintelling + inkoop − verbruik − afschrijving = eindvoorraad
Volumegebrouwen liters = afgevuld + verlies + vernietigd
Accijnsuitgeslagen liters × tarief = af te dragen bedrag

Wat níét sluit is kilo's mout tegen liters bier: dat hangt van je rendement af en is geen controleerbare gelijkheid. Wie dat als bewijs opvoert bewijst niets. De drie kringen hierboven sluiten wél, elk op zichzelf, en samen verantwoorden ze de keten van grondstof tot afgedragen accijns.

Inschakelen

Bij het inschakelen schrijft de app van elke grondstof waarvan je voorraad hebt een begintelling op de datum van vandaag. Dat is je nulpunt: zonder die regel zou je eerste inkoop het hele saldo worden, want het boek kent dan geen beginstand. Uitschakelen wist niets — je boek blijft staan en alleen het voorraadscherm leest dan weer het losse getal.

Grondstofboek

Het boek bestaat uit regels, niet uit saldi. Elke regel draagt een datum, een soort en een hoeveelheid, en die hoeveelheid is altijd positief: het soort bepaalt de richting.

SoortWat het doet
Tellingzet het saldo op wat je hebt geteld; alles ervóór telt niet meer mee
Inkooptelt erbij, met leverancier en bedrag
Verbruikgaat eraf, met het batchnummer waar het heen ging
Afschrijvinggaat eraf zonder dat er bier van is gemaakt — bedorven, gemorst, weggegooid

Regels worden op datum opgeteld. Boek je twee dingen op dezelfde dag, dan telt de volgorde waarin je ze invoert: een telling die je ná een verbruik van diezelfde dag invoert, telt ook ná dat verbruik. Dat is hoe je het opschrijft en dus hoe je het bedoelt.

Maak je een brouwsel aan, dan gaat de hele stort automatisch als verbruik het boek in, op de brouwdatum en met het batchnummer erbij. Zo is elke kilo mout te herleiden naar de batch waarin hij verdween. De eenheden zijn dezelfde als op het voorraadscherm: mout en hop in gram, gist in zakjes of gram naar keuze, overige ingrediënten in hun eigen eenheid.

Pas je op de brouwdag iets aan in het logboek — een gewicht bijstellen, een gift erbij, een ingrediënt eruit, een ander gistgewicht — dan wordt het verbruik opnieuw geboekt. Het boek houdt dus bij wat er werkelijk in de ketel is gegaan en niet wat je van plan was. Wijzig je het batchnummer, dan verhuist dat mee naar de boekregels; koppel je een ander recept aan het brouwsel, dan vervangt die stort de oude.

Zet je de module aan terwijl je al een logboek vol brouwsels hebt, dan gaat de stort van al die brouwsels alsnog het boek in, elk op zijn eigen brouwdatum. Je saldo verandert daar niet van: die regels staan vóór je begintelling, en een telling zet het saldo. Wat je er wél mee krijgt is de herleidbaarheid over je bestaande batches — precies de kolom waar een grondstofcontrole naar kijkt.

Je voorraadscherm volgt het boek. Zolang de module aanstaat is het boek de waarheid en toont het voorraadscherm het saldo dat eruit volgt. Typ je daar een getal, dan schrijft de app een telling — je zegt immers hoeveel er ligt. Over een grondstof waarover nog nooit iets is geboekt blijft het losse getal staan, zodat je kast niet leeg lijkt op de dag dat je de module aanzet.

Een bestelling of factuur inlezen

Inkoop is het enige dat de app niet uit je eigen gegevens kan afleiden: je bestelbon staat nergens in BROUWHULP '26. Om te voorkomen dat je hem regel voor regel overtypt, staat er onder het grondstofboek een plakvak. Open de bon van je leverancier, selecteer de tekst en plak hem erin; de app zoekt de artikelregels eruit en stelt inkoopboekingen voor. Kopteksten, verzendkosten, subtotaal en btw slaat hij over.

Waarom plakken en niet een PDF slepen: een PDF fatsoenlijk uitlezen vraagt om een bibliotheek van ongeveer een megabyte, en dan nóg leest die geen gescande bon. Deze app heeft geen enkele afhankelijkheid en dat is haar sterkste beveiligingsargument. Tekst selecteren kan iedereen zelf, in elke lezer, ook op een telefoon — en dat werkt bij élke leverancier.

Staan de bedragen niet op dezelfde regel als de omschrijving, dan pakt de app ze van de regels eronder. Tekst uit een PDF komt lang niet altijd per tabelrij uit de lezer: vaak valt elke kolom op een eigen regel, of staat de hele kolomrij achter elkaar als 18568 1,00 63,99 63,99 1 — artikelnummer, aantal, stukprijs, totaal, regelnummer. Het laatste bedrag is het regeltotaal. Het aantal komt uit de kolom die als "1,00" is geschreven en niet het laatste bedrag is; ontbreekt die, dan uit het laatste hele getal dat als aantal kan doorgaan. Een getal boven de duizend is een artikelnummer en geen bestelling.

Onder het plakvak staat 🧾 Ingeboekte facturen: elke bon die je hebt verwerkt, nieuwste bovenaan, met datum, factuurnummer, leverancier, het aantal geboekte regels en het bedrag. Daarmee zie je in één oogopslag of je een bon al hebt ingevoerd. Het bedrag is de som van de regels die je hebt geboekt en dus niet per se het factuurtotaal: regels die je hebt uitgevinkt of niet kon koppelen zitten er niet in. Daarom staat het aantal regels ernaast. Klik op een bon om hem open te klappen: je ziet dan de regels die erin zitten, elk met de grondstof, de hoeveelheid en het bedrag. Klopt het bedrag niet met de bon, dan zie je hier waar het verschil zit. Staat dezelfde grondstof twee keer op één bon, dan wordt die aangewezen — dat is bijna altijd twee keer inlezen en niet twee regels op de bon. Hetzelfde geldt voor een factuurnummer dat bij dezelfde leverancier op meer dan één datum staat: dan is de bon dubbel ingelezen of één keer met de verkeerde datum. Met de prullenbak achter een regel haal je die ene regel weg; met Hele factuur verwijderen gaat de bon in zijn geheel terug, inclusief het effect op je voorraad. Verbruik van een brouwsel blijft daarbij staan: dat hoort niet bij een bon.

Een brouwsel met terugwerkende kracht invoeren

Zet je de douanemodule aan terwijl je al jaren brouwt, dan wil je je oude brouwdagen er alsnog in. Dat kan. Maak het brouwsel aan zoals altijd en zet daarna in het logboek de brouwdatum terug naar de dag waarop je werkelijk brouwde; de moutstort in het grondstofboek verhuist mee. De uitslagdatum vul je apart in bij de uitslag, dus een bier van maart dat je in mei hebt uitgeslagen komt in beide tijdvakken op de goede plek.

Je huidige voorraad verandert er niet van, en dat hoort zo. Toen je de module aanzette is er een begintelling geschreven met de voorraad zoals die op dat moment in de kast stond. Een telling zét het saldo; alles wat daarvóór in het boek staat is er al in verwerkt. Voer je een brouwsel van 2024 in, dan komt de stort netjes in het boek te staan als spoor voor de douane, maar gaat je huidige voorraad niet nog een keer omlaag. Zou dat wél gebeuren, dan telde je dezelfde zak mout twee keer af.
Kijk niet raar op van een negatief saldo op een oude datum. Vraag je het saldo op van een dag vóór je begintelling, dan staat er alleen verbruik en nog geen inkoop, en komt er een negatief getal uit. Dat is geen fout in je administratie maar het gevolg van waar je begonnen bent te tellen. Wil je ook je oude inkopen kloppend hebben, boek dan de facturen van toen alsnog in met hun eigen datum — het factuuroverzicht en het grondstofboek nemen elke datum aan.

Je winkel noemt het anders dan de app

Een bon van Unibrew zegt Aroma mout type Amber 50 EBC; in de moutlijst heet diezelfde mout Aroma Amber 50 EBC van Dingemans. Zo gaat het bij bijna elke leverancier: de mouterij geeft een naam, de winkel schrijft er zijn eigen omschrijving omheen, en jij zoekt vervolgens iets dat er wél staat maar anders heet.

Daarom kent elk ingrediënt naast zijn naam een aantal andere schrijfwijzen. Je vindt de Aroma Amber dus ook op "amber", op "aromatic amber" en op de omschrijving van je bon. Datzelfde geldt in het zoekveld op het tabblad Ingrediënten. De namen zelf veranderen niet: daar hangen je recepten, je prijzen, je voorraad en je grondstofboek aan.

De factuurlezer gebruikt het ook. Lees je een bon in waarvan je een artikel nog nooit hebt gekoppeld, dan zet de app er een voorstel bij met de melding geraden uit de omschrijving — controleer of dit klopt. Dat is nadrukkelijk iets anders dan eerder gekoppeld: dat tweede is jouw eigen keuze van een vorige keer en die gaat altijd voor.

Een gok blijft een gok. Kijk er langs voor je boekt. De app raadt bewust liever niets dan iets: er moet minstens vier tekens overlap zijn, er wordt op hele woorden gezocht — citroenzuur wordt dus geen Citra — en passen er twee ingrediënten even goed, dan kiest de app er geen van beide. Maar helemaal uitsluiten kan ze het niet, en een verkeerd geboekte grondstof staat in het boek waar de douane in kijkt.

Boven elke keuzelijst staat een zoekveld. De lijst telt ruim zestig mouten en staat op alfabet, niet op leverancier — Weyermann tarwemout donker staat dus onder de T, tussen Special B en Tarwemout Geroosterd, en niet bij de andere Weyermann-mouten. Typ je "weyermann", dan houd je alleen die over; typ je "tarwe donker" of "weizenmalz dunkel", dan houd je er één over. Het veld kijkt naar dezelfde tekst als het zoekveld op het tabblad Ingrediënten, dus ook naar de andere schrijfwijzen. Ernaast staat hoeveel regels je overhoudt van hoeveel.

Wat je al gekozen hebt blijft altijd in de lijst staan, ook als je filter er niet op past. Anders zou een filter je koppeling weggooien zonder dat je iets hebt aangeklikt. Wissel je van categorie, dan wordt het filter geleegd — een zoekterm uit de moutlijst zou de hele hoplijst verbergen.

Bij een gist staat in de kolom Hoeveelheid een keuzelijst in plaats van een vast label: daar zet je ter plekke om tussen zakjes en gram. Kies je gram, dan wordt het gewicht dat op de bon staat meteen het pakgewicht van die gist — je hebt die doos immers net gekocht. Zolang je in zakjes telt en de bon een andere verpakkingsmaat noemt dan je hebt ingesteld, zegt de app dat erbij: "1 zakje" klopt niet met een doos van 500 gram.

Per regel kies je de categorie en het ingrediënt. De hoeveelheid volgt uit het aantal maal de verpakkingsmaat, omgerekend naar de eenheid van je voorraadscherm: twee zakken van 25 kg worden 50.000 gram, en gist telt in de eenheid die je bij die gist hebt gekozen. Past de eenheid van de bon niet bij die van het ingrediënt — kilo's op iets dat in milliliters telt — dan blijft het veld leeg en zegt de app dat je het zelf moet invullen. Een verkeerd getal is hier erger dan een leeg veld.

De prijs per eenheid wordt uit het regeltotaal gerekend, in de eenheid waarin je prijzentabel rekent, en gaat met een vinkje mee naar die tabel. Je kostprijs rekent daarna met wat je werkelijk hebt betaald in plaats van met de standaardprijs. Corrigeer je de hoeveelheid, dan beweegt de prijs mee: het regeltotaal ligt vast, dus minder geleverd is duurder per kilo.

De factuurdatum is verplicht en wordt niet stilzwijgend op vandaag gezet. Het is de datum die op de bon staat: daarmee valt je inkoop in het juiste tijdvak. Een bon van vorige maand die op vandaag wordt geboekt geeft een saldo dat klopt, maar op de verkeerde dag.

De tweede bestelling gaat vanzelf. Laat je het vinkje onderaan aanstaan, dan onthoudt de app dat "Château Pilsen 2RS 25 kg" bij jouw pilsmout hoort — ongeacht hoofdletters en accenten. De volgende bon van dezelfde leverancier staat meteen goed en je hoeft hem alleen nog na te kijken.
Een factuur is geen levering. Wat er op de bon staat is wat je hebt besteld en betaald; wat er in je kast ligt is wat er is aangekomen. Klopt de levering niet met de bon, pas de hoeveelheid dan aan vóór je boekt. En de app boekt nooit uit zichzelf: ze stelt regels voor, jij drukt op boeken.

Afvullen en uitslag

Eén regel per keer dat er bier uit de tank gaat. Dat is niet altijd één keer per brouwsel: een deel op fust vandaag, de rest op fles volgende week, met twee verschillende datums en misschien twee bestemmingen.

Heb je in het brouwdaglogboek al ingevuld hoeveel flessen je hebt gevuld, hoe groot ze zijn en hoeveel er op fust ging, dan neemt 📅 Overnemen uit logboek dat over. De flessen komen op het verpakkingsmiddel met dezelfde inhoud, en het fustvolume op de grootste fustmaat waar het een heel aantal van is. Past er iets niet — een flesmaat die je niet hebt ingesteld, of een aantal liter dat niet op een heel aantal fusten uitkomt — dan zegt de app dat in plaats van te gokken; een verkeerd aantal is erger dan een leeg veld. Het boeken doe je zelf: een uitslag is een moment waarop accijns verschuldigd wordt, en die uit een flessenteller afleiden zou aangiften opleveren die je nooit hebt gedaan.

Onder de keuzelijst staat wat de app over dit brouwsel weet: het batchnummer, de brouwdatum, de OG en FG met het alcoholpercentage dat daaruit volgt, en hoeveel liter er gebrouwen is, al is uitgeslagen en nog open staat. Heb je in het logboek een OG en een FG gemeten, dan staat daar Gemeten en rekent de accijns met jouw hydrometer — inclusief temperatuurcorrectie, want een FG uit de koeling leest bijna twee punten te hoog en dat is een kwart procent alcohol. Is er niets gemeten, dan staat er Uit het recept en weet je dat je aangifte op een voorspelling rust.

Het alcoholpercentage en de Plato-waarde staan in gewone invoervelden: overschrijf ze met wat je zelf hebt gemeten. Kies je een ander brouwsel, dan worden ze ververst — het zijn cijfers die bij dát bier horen. Blijf je op hetzelfde brouwsel, dan blijft staan wat je hebt ingetypt; met ↺ Uit brouwsel haal je de cijfers alsnog opnieuw op.

De uitslagdatum staat los van je brouwdatum, want de accijns wordt op de uitslag verschuldigd. Een brouwsel van december dat je in januari uitslaat hoort in het tijdvak van januari. Verlies en vernietiging vul je apart in: die gaan wel uit de tank maar niet als bier de deur uit, en ze tellen daarom niet mee in het bedrag — wel in de volumekring.

Onder het formulier staat het overzicht per tijdvak met de knop Dit kwartaal, en daaronder de volumekring per brouwsel: wat erin ging tegen wat eruit is gegaan, met een halve procent speling. Sluit een brouwsel niet, dan staat het daar in kleur. Onder elk batchnummer staat de stort die eraan is opgegaan, rechtstreeks uit het grondstofboek gelezen — dus per batch zie je in één regel wat erin ging en wat eruit kwam. Staat daar een waarschuwing dat er geen verbruik in het boek staat, dan is die batch nooit afgeboekt en klopt je grondstofkring niet. Met 🖨️ Afdrukken maak je er een pagina van die je bij je administratie kunt leggen.

Regeling, verpakkingen en bestemmingen

Standaard rekent de app met de Nederlandse regeling. Woon of brouw je elders, kies dan het rekenmodel dat jouw wet gebruikt — accijnsstelsels verschillen niet alleen in de bedragen maar in de manier van rekenen:

ModelHoe het rekentOnder meer
Per hl per %voltarief × alcoholpercentage, met een minimum per hectoliterNederland
Per hl per °Platotarief × graden Plato, met een minimum per hectoliterBelgië
Per liter pure alcoholtarief × de hoeveelheid alcohol in het bier; geen minimumVerenigd Koninkrijk
Bandtarieveneen vast bedrag per hectoliter per sterktebandDuitsland

De tarieven staan in een tabel met een ingangsdatum. De nieuwste rij die al is ingegaan wint, dus een tariefwijziging is een regel erbij en verandert niets aan wat er al geboekt is. Binnen een rij staan de categorieën waarin een brouwerij kan vallen; bij ons zijn dat normaal en verlaagd. Welke voor jou geldt kies je bij Mijn categorie.

Bij bandtarieven geef je aan waarop je banden zijn ingedeeld — graden Plato of volumeprocent — en laat je de bovengrens van de laatste band leeg: die geldt voor alles daarboven.

Bij de verpakkingsmiddelen zet je de vormen waarin je afvult met hun inhoud in liter: een longneck van 33 cl is 0,33 en een fust van 20 L is 20. Daaruit volgen de liters op je uitslagregel. Een verpakking die in een geboekte uitslag voorkomt kun je niet verwijderen; die uitslag zou dan met terugwerkende kracht nul liter worden.

Bij de bestemmingen zet je neer waar het bier heen gaat en of daar accijns over verschuldigd is. Een bestemming die je uitvinkt — opslag onder schorsing, export — telt wel mee in je volumekring maar niet in het bedrag. Kies je geen bestemming, dan rekent de app met verschuldigd; dat is de veilige kant.

Als thuisbrouwer betaal je niets. Bier dat je thuis voor eigen gebruik brouwt is vrijgesteld van accijns. Het bedrag dat het receptscherm bij je kostprijs toont staat er puur ter informatie — bijvoorbeeld om te zien wat een recept in een commerciële context zou kosten. Dit is geen fiscaal advies, en buiten Nederland gelden andere tarieven.

Gereedschappen

ToolGebruik
SG ↔ Plato/BrixOmrekening tussen eenheden
RefractometerCorrigeer de refractometerwaarde na giststart (Sean Terrill)
Hydrometer temperatuurcorrectieCorrigeer meting voor niet-20°C temperatuur (Kell/NIST)
GiststarterBereken hoeveel suiker/DME voor een bepaald startervolume en SG
SG verhogenHoeveel sacharose/dextrose voor een hogere OG
VerdunningWat gebeurt er met het SG als je verdunt met water

Bij elke tool staat in de app een korte uitleg van wat hij doet en wat je moet invullen. De velden met een oranje rand zijn uitkomsten, niet iets wat je zelf invult — daar verschijnt het antwoord zodra de invoer compleet is.

Verdunning en SG verhogen werken elk één kant op. Water verdunt en kan de SG alleen verlagen; suiker kan hem alleen verhogen. Vul je een doelwaarde de verkeerde kant op in, dan legt de app uit welke van de twee je nodig hebt.

Boodschappen

Kies op het tabblad 🛒 Boodschappen welke recepten je wilt brouwen en hoe vaak. De app telt alle ingrediënten op, trekt je voorraad ervan af en toont per regel wat je nog moet kopen, met de geschatte kosten op basis van je eigen prijzen. Een regel met een groen vinkje heb je al genoeg van.

Staat er een oranje vraagteken bij de kosten, dan is er voor dat ingrediënt nog geen prijs bekend. Vul die in op het tabblad Ingrediënten, kolom Prijs.

Een prijs van 0 mag en telt gewoon mee: zelf gekweekte hop of gist die je uit een vorige brouw hebt geoogst kost werkelijk niets. Dat is iets anders dan een lege cel — die betekent dat er nog niets is ingevuld, en dan blijft het vraagteken staan.

Gist telt in zakjes, niet in gram. Het tabblad Voorraad vraagt je gist in zakjes, dus doet de boodschappenlijst dat ook. Elf gram droge gist in je recept is één zakje; heb je er twee liggen, dan hoef je niets te kopen. Vloeibare gist telt per pak, en een starter kweek je uit één pak — het aantal liter starter zegt niets over wat je moet inslaan.

Met 🖨️ Print / PDF maak je er een lijst van om mee te nemen naar de winkel: per ingrediënt een afvinkvakje, de hoeveelheid die je moet kopen, en daarnaast in het klein wat je nodig hebt en wat er al ligt. De grootste hoeveelheid staat bovenaan, zodat de zware zakken meteen in het oog springen. Wat je al genoeg van hebt staat niet in de kooplijst maar wordt onderaan wel opgesomd, zodat je kunt zien dat het niet is vergeten. Kies in het printvenster Opslaan als PDF om hem op je telefoon mee te nemen.

Vergistingsprofiel

In de recepteditor kun je onder 🧊 Vergistingsprofiel een schema opbouwen: hoofdgisting, diacetylrust, dry-hop, koud wegzetten, lageren. Per stap geef je een temperatuur en een aantal dagen op. Op de brouwdag rekent het logboek dat om naar echte datums en laat het zien welke stap nu loopt en wanneer de volgende aan de beurt is. De startdatum kun je in het logboek aanpassen als je later bent begonnen dan de brouwdag.

Naast de temperatuur staat een tweede veld voor een eindtemperatuur. Laat je het leeg, dan loopt de hele stap op één temperatuur. Vul je er iets in, dan is het een ramp: je loopt in het opgegeven aantal dagen van de ene naar de andere temperatuur. Zo leg je een diacetylrust vast als 18 → 22 °C in drie dagen, of het koud wegzetten als 20 → 2 °C in twee dagen. De ramp verschijnt met een pijl in het logboek en in de tekst die je met 📋 Kopieer recept deelt.

Gistdosering en starter

Onder Gereedschappen berekent Gistdosering & starter hoeveel gistcellen je nodig hebt en hoeveel je er werkelijk hebt. Vul batchvolume, OG, biertype, gistvorm en productiedatum in. Het biertype is een keuze tussen ale en lager; de opslag voor zwaar bier volgt uit de OG die je hierboven invult. De app rekent met 0,75 miljoen cellen per mL per °P voor ales en 1,5 voor lagers, vanaf OG 1.061 met een derde erbovenop (White & Zainasheff), 20 miljard levensvatbare cellen per gram droge gist en 100 miljard per pak vloeibare gist. Vloeibare gist verliest ongeveer 0,7 % levensvatbaarheid per dag, droge gist veel minder.

De 20 miljard per gram is een optimistische aanname. Fabrikanten garanderen doorgaans minimaal 6 miljard per gram. Het getal komt overeen met wat andere brouwsoftware gebruikt, zodat je uitkomsten vergelijkbaar zijn — maar bij oude of slecht bewaarde gist zit je er te hoog mee.

Gemeten rendement

Zodra je in het logboek een OG-meting invoert, rekent de app terug wat je brouwzaalrendement werkelijk was, en vergelijkt dat met het percentage waarmee je het recept had berekend. In het overzicht staat het gemiddelde over al je brouwsels. Vul je bij de meting ook een volume in, dan wordt dat gebruikt in plaats van het receptvolume.

Het gaat over je graan, niet over je suiker. Suiker, kandij en moutextract lossen volledig op; door je maisch worden ze niet beter of slechter. Ze tellen daarom niet mee bij het terugrekenen — hun bijdrage gaat er eerst van je meting af, en wat overblijft wordt gedeeld door wat je graan had kunnen leveren. Wat je op Gisting of Bottelen hebt staan telt helemaal niet mee: dat zit er bij de OG-meting nog niet in.
⚠️ Een onmogelijke uitkomst wordt niet getoond. Levert je meting meer dan 120% op — vrijwel altijd een tikfout in de dichtheid of het volume — dan blijft de regel weg in plaats van een getal te tonen dat niets betekent.

Een recept dupliceren

Wil je variëren op een recept dat al werkt — een zwaardere versie, een andere hop, een proefbrouwsel op halve schaal — dan hoef je niets over te typen. Er zijn twee manieren, en het verschil zit in wanneer je kiest.

Vanuit de receptenlijst klik je op 📋 Dupliceer op de receptkaart. Je geeft een naam op en de kopie verschijnt direct onder het origineel, klaar om aan te passen.

Vanuit de recepteditor gebruik je 📄 Opslaan als nieuw recept. Handig als je al aan het sleutelen bent en halverwege bedenkt dat dit eigenlijk een nieuw recept moet worden: je aanpassingen gaan mee naar de kopie en het origineel blijft staan zoals het was.

⚠️ Let op het verschil met Opslaan: de gewone knop 💾 Recept Opslaan overschrijft het recept waar je in werkt. Wil je het origineel behouden, gebruik dan Opslaan als nieuw recept — anders is de oude versie alleen nog via de versiegeschiedenis terug te halen.

De kopie staat volledig los van het origineel: pas je er een moutgift of maischstap in aan, dan verandert er niets aan het recept waar hij vandaan komt. De versiegeschiedenis gaat bewust niet mee — een kopie is een nieuw recept en begint met een schone lei.

Bestaat de voorgestelde naam al, dan telt de app door: Tripel (kopie), Tripel (kopie 2), enzovoort. Dupliceer je een kopie, dan stapelt dat achtervoegsel niet op.

Versiegeschiedenis

Elke keer dat je een bestaand recept opslaat mét wijzigingen, wordt de vorige versie bewaard, samen met de datum en een notitie die je zelf kunt invullen. Met ↺ Terugzetten haal je een eerdere versie terug; de huidige stand wordt daarbij eerst bewaard, dus terugzetten is omkeerbaar. Er worden maximaal 20 versies per recept bewaard.

Je vindt hem onderin het bewerkscherm, vlak boven de knoppenbalk, in een kaart die dichtgeklapt begint. Klik op 🕘 Versiegeschiedenis om hem open te vouwen; ernaast staat hoeveel versies er bewaard zijn. Het veld Wat verander je? hoort bij de opslag die je gaat doen, niet bij een vorige — vul het in vóór je op Opslaan drukt. Laat je het leeg, dan wordt de versie gewoon zonder notitie bewaard.

Veiligheid

BROUWHULP '26 draait volledig op je eigen apparaat. Er is geen account, geen server die je gegevens bewaart en geen verbinding met andere websites — behalve de controle op een nieuwe versie, die alleen het versienummer ophaalt.

Bestanden van anderen

Het enige echte risico is een bestand van iemand anders: een BeerXML-recept of een JSON-back-up die je importeert. De app gaat ervan uit dat zo'n bestand kwaadaardig kán zijn. Alle namen en teksten worden onschadelijk gemaakt voordat ze op het scherm komen, sleutels die het gedrag van de app zouden kunnen veranderen worden verwijderd, en er gelden grenzen aan bestandsgrootte, aantal recepten en lengte van namen.

Wat je zelf kunt doen: importeer alleen bestanden van mensen die je vertrouwt, en maak vóór een grote import een back-up via Instellingen → Exporteer alles. Een import vervangt je recepten en brouwsels.
⚠️ Raakt het geheugen van je browser vol, dan zegt de app dat erbij. Je ziet dan na de import een melding dat alles wél is ingelezen maar níét bewaard: zolang je het tabblad open laat staan is er niets kwijt. Ruim eerst oude brouwdagen of recepten op — of exporteer ze eerst naar een bestand — en probeer het opnieuw.

Wat de app niet doet

Je gegevens staan in de browseropslag van dit ene apparaat. Wie fysiek toegang heeft tot je ontgrendelde apparaat kan erbij; versleuteling zou daar niets aan veranderen zolang de sleutel in dezelfde browser staat. Bewaar dus geen gevoelige informatie in de notitievelden.

Updates installeren

Werk je met de online versie, dan controleert de app bij elke keer openen zelf of er iets nieuwers is. Is dat zo, dan verschijnt er bovenin een balk met het nieuwe versienummer en wat er veranderd is, met een knop om meteen bij te werken. Je recepten en brouwsels blijven daarbij gewoon staan — die zitten in de opslag van je browser, niet in het bestand.

Je kunt de balk wegklikken met Later. Hij komt dan terug zodra je de app opnieuw opent, net zolang tot je bijwerkt.

⚠️ Een gedownload bestand controleert niet. Draai je BROUWHULP als los bestand van je schijf, dan kan de app niet nagaan of er een nieuwe versie is: het beveiligingsbeleid staat alleen verbindingen met de eigen oorsprong toe, en dat is bij een lokaal bestand je eigen map. Dat oprekken zou betekenen dat de app bij elke start contact zoekt met de server, en dat is precies wat hij belooft niet te doen. Kijk dus af en toe zelf op de downloadpagina.

Gebruik de knop 🔃 Update naast de versienummer in de header, of ga naar Instellingen → Versie & Updates → Forceer update om de cache te wissen en de nieuwste versie op te halen.

✅ Tip: Maak vóór een update altijd een JSON-backup via Instellingen → Exporteer alles. Dan kun je, mocht er iets misgaan, je recepten en brouwsels herstellen.

Formules & Berekeningen

Soortelijk gewicht (OG/FG)

totPunten = Σ(kg × punten × factor) waarbij factor = rendement/100 voor mout en 1.0 voor suiker/extract. Dan OG = 1 + (totPunten / volume) / 1000.

Alcohol (ABV)

ABV = 76.08 × (OG−FG) / (1.775−OG) × (FG/0.794) — nauwkeuriger dan de simpele benadering (OG−FG)×131.25, vooral bij zware bieren. Enkelvoudige suikers (sacharose, kandij) tellen als volledig vergistbaar in de FG-berekening.

Bitterheid (IBU — Tinseth)

Kleur (EBC — Morey)

MCU = Σ(kg / 0.4536 × ebc / 1.97) / (vol / 3.785), dan SRM = 1.4922 × MCU^0.6859, dan EBC = SRM × 1.97.

Maisch-pH

pH = pH_DI + (alkaliteit − zuurmoutMeq) / Σ(kg × buffer), waarbij pH_DI het op bufferend vermogen gewogen gemiddelde is van de pH die elke moutsoort in gedestilleerd water geeft. Zuurmout telt mee als negatieve alkaliteit: 347 mEq per kg, uit 3,13% melkzuur gedeeld door de molmassa 90,08 g/mol.

SG temperatuurcorrectie (Kell/NIST)

SG_corr = SG_gem × ρ(20°C) / ρ(T°C) waarbij ρ de Kell waterdichtheidsformule is (geijkt op NIST-data).

Veelgestelde vragen

Mijn data is weg na het updaten van de browser

Data staat in localStorage van de browser. Bij het wissen van browsercookies/-cache kan dit verloren gaan. Zet Instellingen → 🔁 Automatische backup aan: dan schrijft de app na elke wijziging een backup naar een map op je computer — bestanden op schijf overleven het wissen van browserdata (Chrome/Edge desktop). Op iPad/iPhone staat Apple dit niet toe: maak daar regelmatig een handmatige backup via 📁 Backup naar map… of Exporteer alles (JSON).

Kan ik de app op meerdere apparaten gebruiken?

Ja, maar de data wordt per browser opgeslagen. Gebruik de JSON-export/import om data over te zetten tussen apparaten.

Hoe importeer ik een recept uit een ander programma?

BROUWHULP '26 ondersteunt BeerXML in twee richtingen: importeer .xml-bestanden uit BeerSmith of Brewfather via 📥 Importeer BeerXML, en exporteer al je eigen recepten via 📤 Exporteer BeerXML — beide knoppen staan boven de receptenlijst.

Elk programma gebruikt zijn eigen ingrediëntnamen: waar Brewfather Pilsner Malt schrijft, kent BROUWHULP Pilsmout 3 EBC. Namen die hier niet bekend zijn worden bij de import automatisch opgenomen in je eigen ingrediënten, mét de kleur, het extract en het alfazuur uit het bestand. Na afloop somt de app op wélke dat waren, per soort gegroepeerd — dat is precies de lijst die je moet nakijken op wat je hier wel of niet kunt kopen.

Ze staan daarna gewoon op het tabblad Ingrediënten, herkenbaar aan het label eigen, en dáár vul je de prijs in. Zonder die stap zou de kostprijs op € 0 blijven staan zonder dat er een veld was om dat te verhelpen. Bevat het BeerXML-bestand zelf een prijs, dan wordt die meteen overgenomen; Brewfather exporteert die meestal niet. Importeer je hetzelfde recept nog eens, dan komt er niets dubbel bij.

Een regel die zo is ontstaan draagt naast eigen ook het label import. Zo zie je het verschil tussen wat jij hebt aangemaakt en wat een bestand heeft achtergelaten — en dat verschil heb je nodig, want na een paar geïmporteerde recepten staan er ingrediënten in je lijst die je nooit gaat kopen.

Opruimen. Bovenaan het tabblad Ingrediënten verschijnt een knop zodra er importregels zijn die je nergens voor nodig hebt. Hij verwijdert alleen wat in géén enkel recept, receptversie of brouwsel voorkomt en waar je geen voorraad van hebt; hun prijs gaat mee. Wat je zelf hebt aangemaakt blijft altijd staan, en je krijgt de namen te zien voordat er iets verdwijnt.

Loop de nieuwe regels wel even na. De kleur en het extract komen uit het bestand en kloppen doorgaans, maar bij hop leidt de app het onderscheid tussen bitter- en aromahop af uit het alfazuurpercentage, en bij overige ingrediënten wordt de categorie op kruiden gezet. Dat pas je in de tabel zelf aan.

De watervolumes komen uit het bestand zelf: BeerXML geeft per maischstap de hoeveelheid opgietwater, en die worden opgeteld tot je maischwater. Staat dat er niet in, dan rekent de app het uit met jouw eigen installatieprofiel — dezelfde som als achter de knop 💧 Vul watervolumes in uit mijn installatie.

Gist: pakken, gram en liters. BeerXML is hier rommelig: het veld AMOUNT is liters óf kilo's, en een aantal pakjes past in geen van beide. Brewfather schrijft twee zakjes droge gist als AMOUNT 2, wat als kilo's gelezen twee kilo gist zou zijn. De app kijkt daarom eerst naar DISPLAY_AMOUNT, waar de eenheid met zoveel woorden in staat ("2 pkg"). Ontbreekt dat, dan geldt de norm, met een plausibiliteitsgrens als vangnet: geen thuisbrouwer gebruikt meer dan een halve kilo gist, dus een klein geheel getal is dan vrijwel zeker een aantal verpakkingen. Wordt er bijgestuurd, dan krijg je dat na de import te zien met het oorspronkelijke getal erbij.

Ook de gistvorm komt mee. Dry wordt droge gist in gram, Liquid, Slant en Culture worden pakken. Meer dan een kwart liter vloeistof past in geen enkel pak — het grootste dat je koopt is een Wyeast XL van ongeveer 125 mL — dus dat leest de app als een starter in liters.

Recepten die je vóór versie 3.53 hebt geïmporteerd

Oudere versies namen de naam uit het bestand wel over, maar registreerden het ingrediënt nergens. Bij het opstarten haalt de app dat eenmalig in: elk ingrediënt in je recepten en brouwsels dat nergens in de database voorkomt, komt alsnog bij je eigen ingrediënten te staan — met de kleur en het extract die in het recept staan. Je hoeft daar niets voor te doen en er verandert niets aan je berekeningen; er komt alleen een prijsveld bij.

⚠️ Eén ding lost dat niet op. Of een ingrediënt suiker of moutextract is, staat alleen in het oorspronkelijke BeerXML-bestand. Oudere versies behandelden die als graan en pasten er het brouwzaalrendement op toe, waardoor de berekende OG te laag uitviel — bij een halve kilo suiker in 20 liter zo'n twee SG-punten. De app raadt dat bewust niet uit de naam. Staat er suiker, kandij of moutextract in een recept dat je vóór versie 3.53 hebt geïmporteerd, importeer dat bestand dan opnieuw en verwijder daarna pas het oude recept.

Kan ik BROUWHULP '26 delen met andere brouwers?

Ja — verwijs naar brouwhulp.bosschebrouwers.nl of stuur het BrouwHulp.html bestand door. Gratis voor iedereen.

De versiecheck werkt niet

De versiecheck heeft een internetverbinding nodig en werkt alleen als de app gehost is (niet als lokaal bestand). Lokaal openen geeft een foutmelding — dat is normaal.